Kabinet steunt Schiphol, maar piloten en KLM rekenen op meer

Het kabinet steekt miljoenen in een groter NS-station, maar wil vooralsnog niet meebetalen aan de beveiliging.

De rijksoverheid zal samen met Schiphol, NS en de stadsregio Amsterdam een bedrag van zo’n 450 miljoen euro investeren in de vernieuwing en uitbreiding van station Schiphol en omgeving. Dit heeft het kabinet vrijdag besloten. Het kabinet zal dit jaar ook met Schiphol mogelijkheden bestuderen om de stijgende kosten voor beveiliging op de luchthaven aan te pakken.

De ‘Actieagenda Schiphol’ van het kabinet moet Schiphol concurrerend houden in vergelijking met andere luchthavens, niet alleen in Europa maar ook in Turkije en de Golfstaten.

Begin dit jaar al zei het kabinet de uitbreiding van station Schiphol als prioriteit te beschouwen. Om hiervoor geld te vinden stelt het de invoering van een nieuw veiligheidssysteem op het spoor uit. Voor het eerst noemt het kabinet de geschatte kosten. Wanneer de werkzaamheden beginnen is nog niet bekend.

Het kabinet doet geen concrete toezeggingen over een tegemoetkoming in de kosten die Schiphol maakt voor beveiliging. Luchtvaartmaatschappijen, werkgeversvereniging VNO-NCW en vakbonden van luchtvaartpersoneel hadden aangedrongen op jaarlijkse steun van het kabinet van zo’n 100 miljoen euro. De kosten voor beveiliging (in 2015 294 miljoen euro) worden doorgerekend aan de luchtvaartmaatschappijen.

De Vereniging Nederlandse Verkeersvliegers reageert teleurgesteld. „Het kabinet ziet Schiphol nog steeds als een melkkoe”, zegt de vakbond. „De waarde voor de werkgelegenheid wordt ontkend.” KLM vindt het „tijd voor actie” en noemt het „noodzakelijk” dat de beveiligingskosten „deels door de overheid worden gedragen, net zoals in andere landen.”

Om Schiphol te ontlasten beëindigt het kabinet wel twee heffingen die de luchthaven moet betalen, een voor geluidhinder en een voor waardeverlies van woningen. Dat levert Schiphol jaarlijks 10 miljoen euro op.