Gods werk verdient niet meer zo goed

Zakenbanken Van Goldman Sachs tot Deutsche bank, zakenbanken hadden een slecht begin van het jaar. Hun verdienmodel staat zwaar onder druk.

Foto AP

Bij Goldman Sachs is de winst 56 procent gedaald. Concurrent Morgan Stanley doet het met 54 procent daling niet beter. En bij Deutsche Bank ging de winst zelfs met 58 procent omlaag, zo bleek donderdag in Frankfurt bij de presentatie van de kwartaalcijfers.

De conclusie, nadat bijna alle grote zakenbanken afgelopen weken hun cijfers presenteerden? Gods werk levert niet meer zo veel op. In 2009 legde Goldman Sachs-topman Lloyd Blankfein onbeschaamd de verbinding tussen het werk van zakenbanken als de zijne met dat van de schepper van hemel en aarde. Zakenbanken helpen bedrijven groeien, die bedrijven geven mensen werk en creëren groei, en dat leidt weer tot meer rijkdom, zo redeneerde hij.

Vorige week was hij wat bescheidener bij de presentatie van zijn kwartaalcijfers. „Tegenwind op vrijwel alle fronten waar we actief zijn”, zo kenschetste hij afgelopen kwartaal (alsnog goed voor 1,2 miljard dollar winst).

Blankfein is niet de enige die tegenwind ervaart. In de City en op Wall Street wordt gesproken van het slechtste jaar voor zakenbanken sinds de crisis. Extra vervelend, omdat het eerste kwartaal traditiegetrouw het meest lucratieve voor zakenbanken is omdat hun klanten dan vaak strategiewijzigingen doorvoeren.

Het is iets anders dan de aarde scheppen, maar zakenbanken doen wel veel. Ze zijn de motor achter de wereld van overnames en fusies, door ze te bedenken, bij bedrijven te pitchen en vervolgens te begeleiden. Via beursgangen en de uitgifte van leningen helpen zakenbanken bedrijven geld ophalen.

Zakenbanken creëren ook financiële instrumenten. Denk aan de credit default swaps uit de film The Big Short waarmee tegen de huizenmarkt gespeculeerd kon worden.

En zakenbanken zijn de spil bij de handel in allerlei soorten financiële producten: van obligaties tot derivaten en valuta. Als bijvoorbeeld een belegger honderden miljoenen aan obligaties van bedrijf X heeft gekocht en vreest dat X failliet gaat, dan kan hij die lening doorverkopen aan een zakenbank. Die zoekt dan een andere koper of houdt de lening zelf.

Lastig handelen

Die handelstak van de zakenbanken krijgt de hardste klappen, zo blijkt uit de kwartaalcijfers. En de oorzaken daarvan liggen op macro-economisch vlak. Met name de huidige lange periode van lage rente hakt er flink in, vertelt Amrit Shahani, hoofd onderzoek van analistenbureau Coalition telefonisch vanuit Londen.

Hij wijst erop dat veel zakenbankklanten zich vanwege de langdurige lage rentestand niet meer indekken (hedgen) tegen een veranderende rente. Aan dat hedgen verdienen zakenbanken doorgaans juist grof geld. Daarnaast wordt er volgens Shahani vanwege de gelijkblijvende rente en de onzekerheid over een ‘Brexit’ weinig gehandeld door de klanten.

Analist Bart Horsten van Kempen & Co herkent dat gebrek aan handel. Veel beleggers zoals pensioenfondsen kiezen ervoor om gewoon hun posities in aandelen en obligaties vast te houden. „Normaal is onrust op de markten positief voor zakenbanken omdat er dan meer gehandeld wordt, maar nu zie je dat de onrust leidt tot inactiviteit. Als er geen tegenpartij is, wordt het lastig handelen.”

Horsten zegt dat ook de stilte op de fusie- en overnamemarkt de resultaten negatief beïnvloedt.

Tenslotte is er nóg een reden dat de cijfers van het eerste kwartaal teleurstellen. Dat is omdat ze zoals gebruikelijk worden afgezet tegen hetzelfde kwartaal een jaar eerder. En begin 2015 profiteerden veel zakenbanken van de verassende loskoppeling van de Zwitserse frank van de euro.

Uitgedund landschap

Zakenbanken zijn flink aan het veranderen. De kosten zijn hoger door toegenomen regelgeving. De marges liggen bij veel activiteiten lager vanwege automatisering en hardere concurrentie. In combinatie met de macro-economische omstandigheden zorgt dat voor een flinke transformatie van het zakenbankenlandschap.

„Tien jaar geleden zag je de trend dat kleinere zakenbanken met alles mee wilden doen, nu zie een terugtrekkende beweging”, zegt Shahani.

Een bekend voorbeeld is het Zwitserse UBS. Sinds 2012 zette UBS bijna 10.000 van de 16.000 werknemers op straat. De bank schrapte diverse activiteiten zoals de handel in obligaties en richt zich nu op kerngebieden zoals vermogensbeheer voor rijken.

Shahani heeft het toekomstige landschap al uitgetekend in drie groepen. Onderaan ziet hij een groep van nichespelers zoals UBS en Credit Suisse, die zich specialiseren in deelgebieden. Daarboven volgt een ‘transitiegroep’ van Deutsche Bank, Barclays en Morgan Stanley. Die behoorden tot voor kort bij de koplopers, maar kunnen dat niet meer bolwerken en trekken zich nu terug uit bepaalde deelgebieden. Neem Deutsche bank, die eind vorig uit de handel in obligaties stapte.

En dan is er de top, die bestaat uit vier zakenbanken: JP Morgan, Goldman Sachs, Citigroup en Bank of America, die wereldwijd op alle markten actief blijven. Ook Horsten denkt dat er een vergelijkbare transitie gaande is. „Ik verwacht dat er straks maar een paar grote alleskunners overblijven.”