Nog veel fijn stof in de lucht

I n de rubriek “nrc.checkt” (NRC Handelsblad, 15 april) werd een bewering van de brandstoffenexpert Hans Kattenwinkel in ‘Autoweek ‘gecheckt: ‘Schadelijke stoffen bijna weg uit de lucht’ kopt het artikel.

Het verkeer brengt echter nog steeds grote hoeveelheden schadelijke stoffen in de lucht; in stedelijk gebied is het de belangrijkste bron.

De gemiddelde Europeaan leeft daardoor een half jaar korter (in Nederland-mobiliteitsland is dat 8 maanden) en ook zijn kans op Alzheimer neemt erdoor toe. Fijn stof is daar voor driekwart de oorzaak van; daarnaast versterken stikstofoxiden en koolwaterstoffen in de uitlaatgassen de vorming van het schadelijke ozon.

De bewering dat de fossiele brandstoffen niet te snel moeten worden opgegeven wordt door de auteur gestaafd door te wijzen op de succesvolle aanpak van iets heel anders: de gezondheidsschade van lood, benzeen en zwaveldioxide.

Inderdaad is dat deelprobleem geruime tijd geleden goeddeels opgelost. Dat een brandstoffenexpert door selectief te winkelen zijn achterban naar de mond praat (en de bijdrage van het verkeer aan de klimaatproblematiek er ook maar buiten laat) is zijn zaak. Dat de NRC Wetenschapsredactie zo’n irrelevante benadering een podium geeft onder een misleidende kop is echter te laken.

gepensioneerd (milieu)chemicus,