Zo houd je huizen goedkoop

Twee kantoorgebouwen zijn al gesloopt, het derde voor de helft. Je kijkt zo de halve kamertjes binnen waar ooit mensen bij het kopieerapparaat stonden of op de wc zaten. Lex Scholten, PvdA-wethouder Wonen, staat met zijn fiets aan de hand in Bergwijkpark in Diemen.

In het drieluik ‘De kloof in Nederland’ dat NRC publiceerde, werd Bergwijkpark als armste wijk van Nederland aangemerkt. Het laagste putje, daar wilde ik wel eens kijken.

De wethouder relativeert het meteen. De bewoners zijn slechts tijdelijk arm: hier wonen bijna 1.600 studenten. Tevreden steekt hij een La Paz-sigaar op in de wind.

Maar als je iets wilt leren over de groeiende tweedeling moet je toch hier in Diemen zijn. Amsterdam is binnen de ringweg A10 voor werkenden met een inkomen tot 40.000 euro per jaar te duur geworden. Niet om te werken, wel om te wonen. Daarom zoeken de middenklasse en de onderklasse huizen in omliggende gemeenten, zoals Diemen, acht minuten fietsen van Amsterdam.

De wethouder liet zijn wijk bewust verloederen

Lex Scholten hield, toen hij tien jaar geleden wethouder werd, al rekening met die trend. Hij is nog van de school van Joop den Uyl, en dat betekent dat hij met het oog van de bestuurder en niet met dat van de projectontwikkelaar naar de woningmarkt kijkt. En dat in een tijd dat de overheid weinig in te brengen lijkt te hebben tegen de vastgoedsector.

„Ik wil de grond zo goedkoop mogelijk houden”, zegt Scholten. Hoe doe je dat in een regio waar de grondprijzen tot de hoogste ter wereld behoren? Hij wijst naar de verlaten kantoorpanden van XS4ALL, twee ict-bedrijven, een technisch bedrijf. Die hebben allemaal tien jaar leeggestaan. „Ik heb deze wijk bewust laten verloederen.”

Als de wethouder de kantoren had opgekocht, was de prijs omhoog geschoten. Als hij het bestemmingsplan onmiddellijk had veranderd – koopt u dit pand, dan mag u hier woningen of restaurants en cafés neerzetten – dan was elk kantoor van 10 miljoen, ineens 14 miljoen euro waard geworden. En dus heeft hij de oude eigenaar in zijn onaantrekkelijke kantoorflat laten zitten tot-ie een ons woog. „De eigenaren hebben 70 à 80 procent op de panden verloren.” Actief prijsbederf noemt wethouder Scholten dat.

En als er een belegger langskwam, had hij als vader van de bruid twee vragen: ga je het project zelf uitvoeren? En: heb je het geld ook om dat te doen? Ook daarmee drukte de wethouder de prijs. Inmiddels is een projectontwikkelaar in Bergwijkpark met particuliere woningbouw begonnen en gaat de rest van de grond naar een woningbouwcorporatie die er sociale woningbouw voor minima gaat neerzetten. Zo bedwing je de tweedeling.