Rapduo strijdbaar als Mandela

Henkie T. en Chivv, samen SBMG Op YouTube zijn ze al een hit, maar met hun eerste album bij Top Notch hoopt SBMG op breder succes.

Henkie T. en Chivv Foto Atlynn Vrolijk

Twee 20-jarige Amsterdammers uit Zuidoost vormen samen een van Nederlands populairste popgroepen – op internet. Het zijn Chyvon Pala, bekend als Chivv en Henk Mando, alias Henkie T., beiden geboren in de Bijlmerbuurt rond metrostation en winkelcentrum Kraaiennest. Met zijn tweeën zijn ze de Sawtu Boys Money Gang oftewel SBMG. Hun energieke muziek, hiphop, maar ook toegankelijker popachtige liefdesliedjes, in nieuw-Nederlands gezongen (straattaal met invloeden van Surinaams en andere talen) bereikt veel mensen op het web: de video’s zijn tientallen miljoenen keren bekeken.

Toch zijn de nummers van SBMG bij het grote publiek niet echt bekend. Het wordt vaak nog als undergroundmuziek gezien.

Maar ze hopen dat dat nu veranderen gaat, vertellen Chivv en Henkie T. in café No Limit in Amsterdam Zuidoost. Want onlangs is hun eerste echte album verschenen, een verzameling van 19 nummers, onder de titel Richting Kraaie.

„Dat verwijst naar de buurt waar we opgegroeid zijn, waar het allemaal begonnen is voor ons, Kraaiennest. Wij gaan nog altijd richting Kraaie”, zegt Henkie T. Hij en Chivv wonen in de Bijlmer, waar ze ooit bij elkaar op de basisschool zaten. Ze hebben de buurt zien veranderen. De Bijlmer was grimmiger toen ze jong waren; bij hen in de buurt werd in 2009 nog een jonge rapper doodgeschoten. Dat maakte indruk. Maar de buurt is aangepakt, heringericht. „Het is overzichtelijker, veiliger, dat is een verbetering”, vindt Henkie T.

Chivv was de eerste die begon met rappen, „met een mattie [een vriend] thuis in de klerenkast met een microfoon iets opnemen”, herinnert hij zich. Dat breidde zich uit met vrienden. Zoals ook Henkie T: „Ja, het voelt altijd stoer als je samen een groep vormt.” Via een neef van Henkie T. in Suriname kwamen ze aan hun naam – die neef rapte in een groep die zichzelf de Sawtu Boys noemden – ‘zoute jongens’, Surinaams voor jongens met geld. Chivv en Henkie T. maakten daar hun variant van: de Sawtu Boys Money Gang. SBMG was geboren. Op hun vijftiende, ze zaten beiden op de middelbare school, zetten ze hun songs op internet. Dat leverde veel ‘likes’ op, zoals voor Doe Gewoon Gewoon, een aanstekelijk nummer met regels als „Ik weet ’t ik kwam niet op die afspraak maar ik had het je beloofd/ Doe gewoon gewoon als je iets te zeggen hebt, bel me op m’n telefoon.”

Hun muziek en internetsucces viel op: de baas van Nederlands grootste hiphopmuzieklabel Top Notch, Kees de Koning, bood ze in 2014 een contract aan. Dat jaar kwam hun eerste nummer op Top Notch uit – Oeh Na Na, een swingend, broeierig nummer over seks. Het werd een internethit, mede door een lovende tweet van Anouk. Maar de expliciete teksten – „Baby, plet m’n balzak” – maakten het niet direct geschikt voor de mainstream radio. En kwam het tweetal op verwijten van seksisme te staan. Met dat verwijt kunnen ze weinig. „Als we het in het Engels hadden gezongen, was het wel geaccepteerd”, denkt Chivv. En Henkie T. zegt: „Wij maken ook romantische liefdesliedjes, wij zijn van alle markten thuis.”

Dat blijkt uit Richting Kraaie waarop ze samenwerken met rappers als Willy Wartaal van De Jeugd van Tegenwoordig, De Hef en Broederliefde uit Rotterdam (met het swingende nummer Hard Work Pays Off) en vele anderen. De breedte van hun muzikale aanpak komt er goed op naar voren.

Naast liefdesliedjes (de nieuwe single Bij mij: „Was ik Kenny B dan waren wij nu in Parijs”) staan er ook rauwere songs op over het overleven op straat in de grote stad. Zoals Mandela (meer dan 15.000 keer verkocht en inmiddels een gouden single). Dat is een soepel, strijdbaar lied waarbij SBMG met veel rappers samen bij het Nelson Mandelapark (voorheen het Bijlmerpark) op de videoclip zingt: „Al m’n jongens zijn strijders als Mandela, al m’n jongens die streven naar die milla [een miljoen euro], schrikken niet meer van jilla [de gevangenis, jail], praten ice als Vanilla [als blanke rapper Vanilla Ice].”

„Mandela was een vrijheidsstrijder die gestreden heeft tot hij zijn doel bereikte, die niet is bezweken”, zegt Henkie T. „Iedereen strijdt zijn eigen strijd om te overleven, of je nou in de klas zit, werkt, op straat leeft, je moet tegenslagen overwinnen, doorzetten. Daar gaat dit lied over.” Chivv: „Wij rappen ook over vrolijke dingen. We maken ook vriendelijke liedjes. Wij zijn non violence.” Het succes van SBMG groeit. „Ze draaien ons af en toe op de radio”, zegt Henkie T. Van hun muziek kunnen ze tegenwoordig leven. SBMG treedt veel op, in Nederland en België. „En het maakt ons niet uit of ons publiek zwart, blank of paars is”, zegt Chivv.