Denk: profileer je als slachtoffer en sla hard terug

Nieuwe Partij De partij van twee afgesplitste PvdA’ers wil geëmancipeerde allochtonen een stem geven. Denk maakt de tongen los in Den Haag.

Lijsttrekker Tunahan Kuzu en partijvoorzitter Selçuk Öztürk (rechts) tijdens de opening van het partijbureau van de politieke beweging Denk in Rotterdam. Foto Remko de Waal/ ANP

Tunahan Kuzu wijst op een poster aan de muur in zijn fractiekamer. „Wen er maar aan”, staat erop. Aan wat? Dat legt de lijsttrekker van politieke partij Denk graag uit. „Minderheden in Nederland eisen dezelfde rechten als de autochtone meerderheid. De tijd dat we kruimels toegeschoven kregen, is voorbij.”

Een emancipatiebeweging voor assertieve Nieuwe Nederlanders – zo omschrijven Kuzu en zijn fractiegenoot Selçuk Öztürk hun partij graag. Maar lang niet iedereen in Den Haag is die mening toegedaan. Volgens politici van andere partijen werken de twee met hun provocerende en intimiderende stijl juist „segregatie” in de hand, en vertegenwoordigen ze „de lange arm van Ankara”.

Afgelopen weken stonden Kuzu en Öztürk volop in de belangstelling. Reden: de affaire-Ebru Umar en de ‘kliklijn’ van het Turkse consulaat in Nederland. Alle partijen in de Tweede Kamer veroordeelden in scherpe bewoordingen de arrestatie van de Nederlands-Turkse columniste Umar in Turkije, vermoedelijk vanwege beledigende tweets aan het adres van president Erdogan. Ook waren ze eensgezind in hun verontwaardiging over de oproep van het consulaat om online beledigingen van het Turkse staatshoofd te melden.

Zo niet Denk. Volgens de partij ging het in beide gevallen om een „mediahype”. Umar had zich met haar tweets nu eenmaal niet gehouden aan de Turkse wet, die dit soort beledigingen verbiedt. Dan is het toch niet vreemd dat je wordt aangehouden? De ophef in Nederland, zei Kuzu in de Tweede Kamer, bewijst maar één ding: in Nederland is „de vrijheid van meningsuiting blijkbaar de vrijheid om slechts één enkele mening te hebben”.

Kuzu’s uithaal is kenmerkend voor de manier waarop zijn tweemansfractie opereert: confronterend. Sinds hij en Öztürk anderhalf jaar geleden uit de PvdA-fractie werden gezet na een conflict met minister Lodewijk Asscher (Integratie, PvdA) en hun zetels meenamen, hebben ze hard gewerkt aan een nieuwe partij. Het gaat goed, zeggen ze. Denk heeft in één jaar tijd 2.100 leden en 130 actieve vrijwilligers geworven. Er is een eigen jongerenbeweging. Onlangs opende het partijkantoor in Rotterdam.

Ze vormen geen moslimpartij, zeggen Kuzu en Öztürk, ze zijn er „voor alle Nederlanders”. En inderdaad, ze krijgen steun buiten hun islamitische Turks-Nederlandse achterban – al moeten ze toegeven dat die wel „de hoofdmoot” vormt. Onlangs sloot Farid Azarkan van het Samenwerkingsverband Marokkaanse Nederlanders zich aan bij de partij. Hun persvoorlichter in de Tweede Kamer is een voormalige Miss Nederland met een Pools-Macedonische achtergrond.

Denk richt zich voornamelijk op allochtone kiezers. Zo streden ze tegen de opzegging van het uitkeringsverdrag met Marokko, vestigden ze de aandacht op de lagere kinderbijslag op de BES-eilanden en vinden ze dat er een ‘racismeregister’ moet komen voor overheidsmedewerkers.

Denk heeft in één jaar tijd 2100 leden en 130 actieve vrijwilligers geworven.

Dit is de ‘methode-Denk’: profileer je als slachtoffer van de ‘gevestigde’ partijen, sla zo hard mogelijk terug richting andere politici, en doe daar vervolgens verslag op Facebook en YouTube – liefst met een suggestieve ondertoon. Een voorbeeld waarmee andere Kamerleden meteen komen, stamt uit juni vorig jaar. De ChristenUnie wilde in een motie de Turkse regering oproepen het bloedbad onder Armeniërs tijdens de Eerste Wereldoorlog als genocide te erkennen. Een zeer gevoelig punt. Kuzu en Öztürk, die net als de Turkse regering tegen zijn, vroegen om een hoofdelijke stemming. Vervolgens zetten ze een filmpje online waarin de andere Turks-Nederlandse Kamerleden, die wel voor de motie stemden, met naam en foto werden afgebeeld.

Ook spelen Kuzu en Öztürk regelmatig op de man. Afgelopen najaar vergeleken ze PVV-leider Wilders met een hersentumor („Je moet hem bestrijden, anders wordt hij zo groot dat er niets meer aan te doen is”). Later waarschuwden ze dat Wilders op weg is „de nieuwe Hitler van onze tijd” te worden.

Is dat niet vreemd voor een partij die strijdt tegen „verruwing en verrechtsing” in de politiek en vóór „bruggen bouwen” en „wederzijds begrip”? Nee, zegt Kuzu. Die vergelijkingen met Hitler en de hersentumor waren bedoeld als als „wake up call”. „We willen Nederland bewust maken van het gevaar dat op ons afkomt, dan is zoiets nodig.”

Dat filmpje over de Armeense kwestie, zegt Kuzu, maakten ze om te laten zien dat de andere Nederlands-Turkse Kamerleden „met dubbele tong” spreken. „Tegen hun Turkse achterban en op sociale media zeggen ze heel andere dingen dan in de Tweede Kamer. Het is onze plicht om dat bloot te leggen.”

PvdA’er Ahmed Marcouch vindt het optreden van zijn voormalige fractiegenoten vooral „treurig”. „Ze bedrijven op een respectloze en manipulatieve manier politiek. Ze intimideren mijn Turkse collega’s in de fractie.” Eigenlijk, zegt Marcouch, doet Denk precies hetzelfde als de PVV. „Wilders tamboereert op moslims, Kuzu en Öztürk benadrukken telkens dat Nederland de vijand is. Allebei helpen ze ons land niet verder”.

Wat zijn de kansen van Denk bij de Kamerverkiezingen van uiterlijk maart volgend jaar? In peilingen is de partij nog onzichtbaar, op één zetel bij Maurice de Hond na. Peter Kanne van onderzoeksbureau I&O ziet niet veel potentie, al geeft hij toe dat de potentiële achterban „enorm ondervertegenwoordigd” is in zijn kiezerspanel.

Kuzu gelooft dat zijn partij vijf zetels kan halen. „Je ziet het aan de vele positieve reacties op sociale media. Op straat worden we herkend en vragen mensen of ze met ons op de foto mogen. Laatst was ik om half twee ’s nachts op een tankstation. Stapten er uit drie auto’s gasten om te zeggen: goed bezig!”