CDA wil meer opdrachten voor lokale MKB-bedrijven

De overheid moet meer opdrachten uitzetten bij ondernemingen uit de stad.

Het was eens maar nooit weer voor Sevgi Önal. De directrice van KomNed, leverancier van kozijnen in de Spaanse Polder deed een paar jaar geleden mee aan een aanbesteding van de gemeente Rotterdam. „Of er een hoge schutting voor je werd neergezet, zo ingewikkeld. Ik kreeg het gevoel dat ik bij voorbaat geen kans maakte.”

Die ervaring hebben meer ondernemers in het midden- en kleinbedrijf (MKB) in Rotterdam, zegt CDA-gemeenteraadslid Turan Yazir. De informatievoorziening is slecht, de procedure onoverzichtelijk, en de drempel voor kleinere ondernemingen om mee te doen te hoog, zijn de signalen die Yazir uit het bedrijfsleven krijgt.

Het gaat om veel geld. De gemeente Rotterdam koopt jaarlijks voor 1,3 miljard euro aan diensten en producten in. Daarvan ligt een deel vast, maar op circa 780 miljoen euro aan opdrachten heeft de gemeente invloed door ze via een open aanbesteding in de markt te zetten. De procedure is bij wet geregeld, maar die wet biedt openingen om het lokale bedrijfsleven voorrang te geven. In Rotterdam gebeurt dat veel te weinig, vindt raadslid Yazir.

De gemeente is zich van geen kwaad bewust, blijkt uit antwoorden op vragen die Yazir aan het college heeft gesteld. Van de 780 miljoen komt een derde, een dikke 250 miljoen, terecht bij ondernemingen in de regio. Gekeken naar het aantal opdrachten, is het aandeel van het regionale bedrijfsleven nog groter: twee derde. Dat duidt erop dat vooral kleinere opdrachten naar Rotterdamse bedrijven gaan, en dat ook het MKB daarvan profiteert.

Helemaal duidelijk is dat niet, want de gemeente registreert wel de vestigingsplaats, maar niet het aantal personeelsleden. Ze weet dus niet of de winnaars van de aanbestedingen tot het midden- en klein-, of tot het grootbedrijf behoren. CDA’er Yazir maakt daar een punt van: het stadsbestuur is in zijn ogen „niet transparant” en geeft een „onjuiste afspiegeling van de werkelijkheid’.

Het CDA heeft zelf onderzoek gedaan naar de positie van het MKB bij aanbestedingen van de gemeente. De enquête onder tachtig MKB’ers – deze week afgerond – wijst uit dat een kwart niet bekend is met de gemeentelijke aanbestedingen en meer dan de helft nog nooit heeft meegedaan. Van de bedrijven die wel hebben meegedaan, viste ruim de helft achter het net. Voor Yazir aanwijzing genoeg dat vooral de grotere profiteren.

Om het beleid MKB-vriendelijker te maken pleit het raadslid om een Rotterdamse Taskforce Aanbesteden op te richten, bestaande uit gemeente, VNO-NCW en MKB Rotterdam. Maar die laatste organisatie blijkt desgevraagd sceptisch over het initiatief. Volgens bestuurslid en aanbestedingsspecialist Suzanne Brackmann doet de gemeente het helemaal niet zo slecht, „al kan het altijd beter”. „De gemeente moet regels volgen, maar doet dat op zijn Rotterdams, dus pragmatisch. Dat veel kleine bedrijven de procedure als een last ervaren, kan ik me voorstellen. Als ze aan het circus mee willen doen, moeten ze de kennis in huis halen. Dan valt het mee en geldt: oefening baart kunst.”

In een Taskforce ziet Brackmann weinig als die geen duidelijke opdracht meekrijgt. Raadslid Yazir kan zich zo’n doel wel voorstellen: het aandeel van Rotterdamse bedrijven opvoeren, van 250 miljoen tot een half miljard. „Op zijn minst.”

Kozijnenleverancier Önal in de Spaanse Polder hoopt op een uitgestoken hand van de gemeente. „Niet dat ze je het gevoel geven: jij bent klein en moet klein blijven. Ook wij willen graag groeien en meer bijdragen aan de Rotterdams economie en werkgelegenheid.”