Zijn of niet zijn, het blijft de vraag

Sneeuwwitjes en hun moeders. Turing, Lowie van Oers. The Little Foxes. Undressed.

‘Zijn of niet zijn… het is gewoon geen goeie vraag!”, smaalt Lowie van Oers, halverwege zijn eenmansstuk Turing. Ik moet er erg om lachen. Dat kan Hamlet in zijn zak steken.

Ik bel Van Oers op. „Zijn of niet zijn – hoezo is dat geen goeie vraag?” „Omdat het een paradox is”, zegt hij, „en de paradox is de nachtmerrie van de wetenschapper.” Maar, vervolgt hij, „toneel lééft van de paradox”. Van Oers is zelf een paradox. Hij onderbrak zijn studie natuurkunde omdat hij naar de toneelschool wilde, en dat liep uit op deze mooie voorstelling. Over de Britse wiskundige Alan Turing. Over Van Oers zelf, als hoogbegaafd kind. Over Hamlet, briljante twijfelaar. Drie moederskinders.

Bette Davis inThe Little Foxes.

Indirect is er ook een boze stiefmoeder, want Turing beëindigde zijn leven met een vergiftigde appel, vermoedelijk naar voorbeeld van Disneys Sneeuwwitje (1937). Van Oers ontmaskert ook de dood van Sneeuwwitje als paradox. In zijn stuk vraagt ze zich af hoe de prins haar kon kussen, „want ik was dood!” Toen leefde ze dus toch. Terwijl ze dus dood was. Zijn of niet zijn, het blijft de vraag.

„Maar nou die moeders”, zeg ik. „Wat doen al die moeders in je stuk?” Van Oers: „Die moeders stuurden onze levens.” „Als ik je stuk goed begrijp, fnuikte jouw moeder je ontwikkeling als wonderkind-schaker doordat ze geen rijbewijs had”, zeg ik. „Ja”, zegt hij. „En daarmee maakte ze ruimte voor jou als toneelmaker.” „Klopt.” „Net als de boze stiefmoeder. Zonder haar appel had Sneeuwwitje nooit de prins gekregen”, zeg ik. „Haha”, lacht Van Oers.

Een avond later zit ik te kijken naar The Little Foxes. Het Nationale Toneel speelt het stuk, van Lillian Hellman, onder de Amerikaanse titel. Het stuk, over een rijke katoenplantagefamilie in 1900, is verouderd. De acteurs wurmen zich door de dialogen, en de regie houdt het op hebzucht als kern van de zaak. Ik ben teleurgesteld. Ik herinnerde me inktzwarte zielen in een groots verhaal, niet dit platte gedoe. Ik scharrel op YouTube de verfilming uit 1941 op. Volkomen uit de tijd, traag en luidruchtig. Maar ze staat als een huis. Hier zie ik wat Hellman met haar stuk voorhad: een variatie op Sneeuwwitje. De echte moeder in The Little Foxes gedraagt zich als de boze stiefmoeder. Ze behandelt haar dochter weerzinwekkend. Aanvankelijk is het meisje braaf en meegaand. Maar uiteindelijk loopt ze weg, niet met de prins voor wie ze bestemd was maar met een socialist. Zo behoedt de boze moeder haar dochter tegen wil en dank voor een leven als rijkeluisvrouw, poserend als kind of kreng en altijd aan de drank.

De machtige Bette Davis speelde die moeder. Wie zou verzonnen hebben dat ze kijkt als Disneys boze koningin, zij of regisseur William Wyler? Dat kan toch geen toeval zijn?

In Londen ga ik in het Victoria & Albert Museum naar Undressed – een tentoonstelling over de geschiedenis van het ondergoed. Allemaal leuke spullen maar ook röntgenfoto’s die laten zien wat een belle-époque-korset de ribbenkast aandeed. Wat moet dat een pijn gedaan hebben. Daar word je raar van. Je valt flauw of je wordt vals. Ik snap de ingesnoerde moeder in The Little Foxes.