‘Moord als show vinden we lekker’

Hofesh Shechter

De internationaal populaire choreograaf maakt nieuw werk voor NDT.

Choreograaf Hofesh Shechter: krachtige, hybride stijl met invloeden van urban dance. Foto Rahi Rezvani

Hij telt de projecten die vorig jaar in zijn agenda stonden even op zijn vingers na: oprichting juniorgezelschap, opera met Sir John Eliot Gardiner, musical Fiddler on the Roof op Broadway, gastchoreografie voor The Royal Ballet, triple bill voor zijn eigen gezelschap. Het moge duidelijk zijn: de Israëlische choreograaf Hofesh Shechter (40) is, ongeveer tien jaar na zijn internationale doorbraak, behalve productief ook bijzonder populair. Ook het Nederlands Dans Theater, op zoek naar nieuw artistiek elan, hoopt een impuls te krijgen van zijn krachtige, hybride stijl met invloeden van urban dance, theatraal en toegankelijk.

De hectiek van 2015, vertelt Shechter tijdens het gesprek in de ‘green room’ van het half gesloopte Lucent Danstheater in Den Haag, heeft hij doelbewust opgezocht. „Je kunt creëren door alles te analyseren en te rationaliseren, of door gewoon te gáán, je op de flow laten meevoeren. Dat was ik kwijt. Daarom wilde ik een jaar proberen hoe het zou zijn als ik zo veel moest doen dat ik niet meer zou kunnen nadenken. Ik geloof dat ik verder kom als ik meer loslaat.” Met een tevreden grijns: „Misschien is het alleen goed voor mij hoor. Word ik steeds gezonder, het werk steeds slechter.”

De nieuwe choreografie voor het Nederlands Dans Theater vloeit logisch voort uit het drukke jaar dat achter hem ligt. Shechter, wiens werk vaak onmiskenbaar politiek geladen is, wilde een licht, lichamelijk werk. Iets over clowns, wezens die totaal vrij zijn, entertainers. Althans, dat was de bedoeling. Want: „Als ik zo begin, zul je altijd zien dat het slecht eindigt.”

In de studio gaan de dolle uitbarstingen van de tien dansers inderdaad soepeltjes over in een feestelijke orgie van kelen afsnijden, nekken omdraaien, van dichtbij overhoop schieten dan wel steken en onthoofden. Enthousiast joelen de dansers als geweerschoten klinken, om vervolgens nonchalant huppelend over te gaan tot de orde van de dag.

Shechter licht toe: „Moord en doodslag, als show, vinden we lekker. En hoe creatiever het gebeurt, hoe leuker we het vinden. Dat is altijd zo geweest.”

Die eeuwige hang naar geweld verklaart de barokklanken die nu en dan de ritmes en omineuze bastonen doorsnijden. Shechter is percussionist en componeert zijn eigen soundscapes, maar hij hééft iets met barok, de muziek en de historie. „Alles was gericht op perfectie en harmonie. Maar dezelfde naties die zo met die schoonheid bezig waren, slachtten elders in de wereld zonder scrupules hele volksstammen af. Dat was volkomen acceptabel. De barokmuziek benadrukt de hypocrisie van de hoge, westerse cultuur. Die ziekte dragen we voorlopig nog wel even met ons mee.”

Uiteraard mogen we het stuk niet als statement opvatten. Shechter geeft gewoon informatie, vindt hij, iets om over na te denken in een wereld die de laatste jaren overloopt van agressie en waarin niemand nog opkijkt van geweld. „We zijn murw geworden, ongevoelig. Nee, dat is geen statement. Dat is een feit.”