Hoezo staakt-het-vuren? In Aleppo is het oorlog

Het bombardement woensdagavond op een veldhospitaal in Aleppo is het laatste dieptepunt in de Syrische burgeroorlog. Het staakt-het-vuren is een dode letter, erkent ook VN-bemiddelaar De Mistura.

Foto Ameer Alhalbi/ AFP

Veel inwoners van de Syrische stad Aleppo kunnen alleen nog maar smalend lachen om het staakt-het-vuren in Syrië, dat op papier sinds eind februari van kracht is in het grootste deel van het land. Dag in dag uit worden ze gebombardeerd en burgerdoelen blijven niet buiten schot. Woensdagavond werd in de door rebellen beheerste wijk al-Sukkari een veldhospitaal getroffen. Onder de minstens 14 doden was een van de laatste kinderartsen die nog in Aleppo werkten.

,,Ik weet niet over welk bestand ze het hebben”, citeerde het persbureau AFP Abu Mohammed, die een winkeltje drijft in een deel van Aleppo dat in handen is van de rebellen. „De bombardementen en artilleriebeschietingen houden nooit op. Het is alsof je je midden in een wereldoorlog bevindt.” Het Internationale Rode Kruis waarschuwde donderdag zelfs dat er zich in Aleppo door de aanhoudende strijd een humanitaire ramp dreigt te voltrekken.

Ook VN-bemiddelaar Staffan de Mistura, onder wiens leiding de Syrische regering en de meer gematigde opstandelingen in Genève zonder veel succes onderhandelen, is ervan doordrongen dat het staakt-het-vuren feitelijk al een dode letter is. De Mistura herinnerde er donderdag aan dat er in de 48 uur daarvoor elke 25 minuten iemand in Syrië werd gedood en elke dertien minuten iemand gewond.

,,Hoe kun je substantiële besprekingen voeren, wanneer je alleen maar nieuws hebt over bombardementen en beschietingen? Dat is iets wat zelfs ik moeilijk vind, kunt u zich de Syriërs voorstellen”, riep de VN-diplomaat vertwijfeld uit. Mede door de aanhoudende gevechten liep al vorige week een belangrijk deel van de oppositiedelegatie weg uit het toch al uiterst stroef lopende vredesoverleg in Genève.

Scroll door het verloop van het vredesoverleg:

Nadrukkelijk riep De Mistura Rusland en de Verenigde Staten op zich tot het uiterste in te spannen om het staakt-het-vuren te redden. Hij stelde voor beide landen zo snel mogelijk een conferentie van de zogeheten International Syria Support Group te laten beleggen.

Zonder hen bij naam te noemen, vestigde De Mistura daarbij zijn hoop vooral op de Amerikaanse minister John Kerry en zijn Russische collega Sergej Lavrov. Volgens diverse analisten hebben die de laatste jaren een goede verstandhouding met elkaar opgebouwd. Het tweetal speelde ook een hoofdrol in München, toen daar in februari het huidige staakt-het-vuren werd voorbereid.

‘De bombardementen en artilleriebeschietingen houden nooit op. Het is alsof je je midden in een wereldoorlog bevindt’

Dat werd van veel kanten met scepsis begroet. De strijd tegen de fundamentalistische groepen IS en Al-Nusra, die in Genève niet meepraten, viel immers niet onder het bestand. Tegen hen ging de strijd dan ook op volle kracht door en de Russen schroomden volgens gematigde rebellen ook niet om aanvallen op hen af te schilderen als aanvallen op fundamentalisten.

Dat De Mistura het bestand desondanks graag zou voortzetten, is niet verwonderlijk. Het werkte namelijk vooral in de eerste weken beter dan verwacht. Het aantal doden en gewonden liep terug en voor het eerst in lange tijd konden sommige belegerde plaatsen vol hongerige mensen incidenteel worden bevoorraad door hulporganisaties van onder meer de VN, zij het dat de Syrische regering zulke hulpkonvooien slechts mondjesmaat toeliet.

Veelzeggend was ook dat in veel steden burgers zich weer zo veilig voelden dat ze de laatste weken op veel plaatsen de beroemde vrijdagdemonstraties hervatten tegen het bewind van president Bashar al-Assad. Het waren juist die betogingen die de huidige burgeroorlog in 2011 inluidden.

Foto AFP/Ameer Alhalbi

Foto AFP/Ameer Alhalbi

Maar ondanks de breed levende haat voor Assad wijst niets op zijn vertrek, dat ook door de gematigde verzetsgroepen die in Genève meepraten wordt geëist. Dankzij de Russische interventie vorig najaar zit Assad voorlopig weer stevig in het zadel en de Russen lijken helemaal niet van plan hem spoedig te offeren. Integendeel, ze hebben beduidend meer materieel achtergelaten in Syrië dan ze suggereerden bij de aankondiging half maart van hun ‘terugtrekking’.

De Amerikanen hebben intussen stilzwijgend hun voorwaarde ingeslikt dat Assad moet opstappen. Maar voor de opstandelingen is het ondenkbaar een overeenkomst te sluiten, waarbij Assad aan het bewind zou blijven. Riad Hijab , vertegenwoordiger van de oppositie bij het overleg in Genève, zei vorige week Assads regime desnoods „met stenen” te zullen bevechten.

De sceptici lijken daarom alsnog gelijk te krijgen over het bestand, dat ze geen lang leven voorspelden. Geen van de strijdende partijen acht het op dit moment in zijn belang de strijd te staken. Het lijkt ook twijfelachtig of de Amerikanen en de Russen in staat zijn daarin op korte termijn verandering te brengen, zo ze dat al zouden willen. Daarmee lijkt het sprankje hoop, dat het staakt-het-vuren een paar maanden geleden opwekte, weer de bodem in te worden geslagen.

Aan de oorlog in Syrië lijkt geen einde te komen. Wat is er nu precies aan de hand? Lees hier de tien vragen over Syrië die je niet durfde te stellen