Rebellenleider Machar is terug, Zuid-Soedan krijgt nieuwe kans

Krijgsheren beloven beterschap Zuid-Soedan stortte zich twee jaar na de onafhankelijkheid in een burgeroorlog. Die is nu misschien beëindigd.

Rebellenleider Riëk Machar wordt op het vliegveld van Juba begroet door aanhangers. Hij is weer vicepresident, alsof er geen tienduizenden doden zijn gevallen. Foto Reuters

Het door burgeroorlog verscheurde Zuid-Soedan geeft zichzelf een nieuwe kans. Voor het eerst sinds het uitbreken van de gevechten in december 2013 keerde rebellenleider Riëk Machar dinsdag terug in de hoofdstad Juba. „Nu moeten we ons verenigen om de wonden die zijn geslagen te laten genezen”, sprak Machar na aankomst op het vliegveld.

Enige uren later werd hij in aanwezigheid van president Silva Kiir, zijn vijand de voorbije twee jaar, beëdigd tot eerste vicepresident van het land. Die post bekleedde hij eerder onder Kiir. „Ik vraag u aan te sluiten bij mij en mijn broeder Riëk Machar in vrede en verzoening”, zei Kiir.

De plechtige toonzetting kan niet verhullen dat de toenadering van beide leiders er vooral is gekomen door grote buitenlandse druk. Vorige week al zou Machar afreizen naar Juba, maar zijn vertrek werd steeds uitgesteld om „logistieke redenen”. Daarbij ging het vooral om de militaire begeleiding die Machar voor zich opeiste om voldoende beschermd te zijn tegen de regeringstroepen van president Kiir.

Met Machars terugkeer is een riskante fase aangebroken in het vredesproces. Juba is nu een kruitvat met rivaliserende strijders, met op wraak zinnende politici en boze en hongerlijdende bevolking. Door één vonk kan de oorlog weer uitbreken.

Zakken vullen

Die oorlog begon in december 2013. Soldaten van president Salva Kiir slachtten in Juba meer dan tienduizend Nuers af, de tribale groep van Riëk Machar. Volgens Kiir wilde zijn voormalige vicepresident Machar een coup plegen, volgens Machar wilde Kiir hem vermoorden. Ook op andere punten zijn de rivalen elkaar de voorbije oorlogsjaren geen stap dichter genaderd. Westerse en regionale onderhandelaars moesten hen met de haren naar de onderhandelingstafel sleuren. Vorig jaar augustus sloten ze een vredesverdrag.

De oorzaak van de strijd, zo snel na de Zuid-Soedanese onafhankelijkheid (van Soedan) in 2011, voert terug op ruzies binnen de voormalige bevrijdingsbeweging, het Soedanese Volksbevrijdingsleger (SPLA), nu de regering. In het uiterst corrupt geworden SPLA raakten politici bij hun schaamteloze zakkenvullen verwikkeld in een machtsstrijd die tribale scheidslijnen kreeg: enerzijds de Nuer van Riëk Machar anderzijds de Dinka’s van Salva Kiir.

Na de moordpartijen zinden de Nuers op wraak en kwamen in opstand tegen Salva Kiir, waarbij Machar zich aansloot. Zo kwam een gruwelijke cyclus van geweld op gang, waarbij oma’s en baby’s niet gespaard bleven voor verkrachtingen, tieners moesten vechten en de toch al rudimentaire infrastructuur werd kapotgeslagen. Tienduizenden mensen stierven door geweld en honger en ruim twee miljoen mensen raakten ontheemd.

Soldaten van president Salva Kiir slachtten meer dan tienduizend Nuers af

In beide kampen zinnen radicalen nog steeds op wraak, zelfs aan de vooravond van Riëk Machars terugkeer circuleerden geruchten in Juba over een geplande moordaanslag op hem. De invloedrijke legerleider Paul Malong Awan en de Jieng Council of Elders, een raad van Dinka oude wijzen, zwoeren Riëk Machar nooit te zullen accepteren in een regeringsfunctie. Aanhangers van de rebellenleider die naar Juba trokken om hem te verwelkomen, werden vorige week nog gearresteerd en mishandeld.

Er schemert nog lang geen echte vrede aan de horizon. Het vredesakkoord kan aan de tribale haat en aan de onbekwaamheid van de politieke klasse geen einde maken. Hoewel op minder grote schaal dan voorheen, wordt er nog steeds gevochten, vaak door aan beide partijen verbonden milities die hun eigen agenda volgen.

Riëk Machar mag drieduizend gewapende mannen in Juba legeren, Salva Kiir vijfduizend militairen. Na zijn herbenoeming tot vicepresident moeten Riëk Machar en Salva Kiir dertig maanden lang volgens een ingewikkelde machtsverdeling samenwerken. In die tijd moeten ze het netelige probleem oplossen van in hoeveel deelstaten Zuid Soedan wordt opgedeeld en hoe hun twee gescheiden legers tot één strijdmacht kunnen worden omgesmeed.

Als de twee kemphanen dat lukt mag aan het einde van het overgangsproces de geplaagde bevolking gaan stemmen.