Column

Leuke papa’s

We gingen opeens op bezoek bij kennissen die ook een of meerdere kinderen hadden. Het was nieuw voor me: bij mensen thuis, kopje thee of koffie op de bank, kijken naar de kinderen op het speelkleed en daar dan wat over zeggen. De andere vaders mankeerden meestal niets, dat waren jongens die net als ik hun best deden om te blijven functioneren en waarover zo nu en dan in het openbaar werd gezegd hoe onhandig ze konden zijn.

Er was ook een kleine groep waar ik al snel een pesthekel aan had. Van die nadrukkelijke papa’s, vaak een stuk jonger en sportiever dan ik, voor wie het vaderschap geen taak maar een oplossing is. Mannen die meteen na binnenkomst al gaan bewijzen hoe goed of ze met kleine kinderen zijn.

Laatst waren we weer bij zo’n stel over de vloer waarvan de vader De Dochter meteen aan het lachen kreeg door zijn adem in te houden en dan zelf op zijn bolle wangen te slaan.

„Ja”, zei de vrouw die erbij hoorde, „hij is heel leuk met kinderen!”

„En met dieren?”, vroeg ik, maar daar werd verder door niemand op gereageerd.

Zijn eigen kinderen, met wie hij dus zo leuk was, hingen of lagen overal in de woonkamer te jengelen of domweg te zijn.

Hij deponeerde De Dochter met veel geluidjes op een ligzak en zei toen hij daarna ging zitten voor de zekerheid zelf nog maar even dat hij gek was op kinderen.

„Ik ga vaak ravotten met de jongens. Hutten bouwen in het park.”

„Ja hoor”, hoorde ik mezelf zeggen, „hutten bouwen in de stad…”

Gezellig was dat niet, gelukkig vond de rest elkaar in de aanname dat ik jaloers was omdat ik niets kan met bomen en takken, behalve erover struikelen.

Daarna hadden we gesprekken over andere onderwerpen die me niet interesseerden. De blauwe wand was vroeger bruin geweest en die waar hun zoontje met een bal tegenaan stond te trappen, had hij er zelf in gemetseld.

De vriendin keek me veelbetekenend aan.

„Zelf gemetseld!”

De andere vader stond midden in een zin op om een kind te kietelen en rende toen dat gedaan was met De Dochter onder de arm naar de keukentafel.

„Die heeft een volle schuit”, zei hij toen hij haar op mijn schoot parkeerde.

De vrouw die bij hem hoorde, zei dat hij er qua volle broeken nog nooit naast had gezeten.

Ik heb het bij het weggaan gezegd hoor, dat ik hem een leuke papa vond.