Jury: Britse politie in 1989 in de fout bij voetbalramp

De 96 Liverpool-fans in het Hillsborough-stadion in 1989 zijn „onwettig om het leven gekomen”. Tot die conclusie kwam een Engelse jury dinsdagochtend, na een gerechtelijk onderzoek dat ruim twee jaar heeft geduurd.

De verwachting is nu dat er een strafzaak zal volgen. „Onwettig gedood” houdt in dat politiecommandant David Duckenfield nalatig is geweest bij zijn plicht zorg te dragen voor de fans. Hij gaf het bevel een hek te openen. Dat leidde tot hun dood. Hillsborough geldt nog altijd als de meest dramatische ramp uit de Europese voetbalgeschiedenis.

Op 15 april 1989 overleden 95 Liverpool-supporters – de jongste tien jaar, de oudste 67 – toen ze in twee staantribunes werden doodgedrukt tijdens het bekerduel tegen Nottingham Forest. De wedstrijd was al aan de gang toen men in de rest van het stadion doorkreeg dat er iets mis was. Zevenhonderd fans raakten gewond, een van hen raakte in coma en overleed in 1992.

De fans kregen al snel de schuld. Zij zouden dronken zijn geweest, bewust te laat het stadion zijn binnen gegaan om de wedstrijd te verstoren, of geen kaartjes hebben gehad. Omdat de aanhang van FC Liverpool vier jaar eerder betrokken was bij rellen in het Brusselse Heizel-stadion, waarbij 39 Juventus-supporters omkwamen, werd dat door sommigen onmiddellijk voor waar aangenomen.

De nabestaanden en slachtoffers bleven echter volhouden dat het stadion in Sheffield te vol was geweest, en zeiden dat er sprake was van een cover-up door de politie.

Pas in 2012, toen alle archiefstukken vrijkwamen, bleek dat zij gelijk hadden. De oorspronkelijke doodsoorzaak – ‘dood door ongeval’ – werd daarop door de Hoge Raad vernietigd, en een nieuw onderzoek ingesteld. De jury hoorde 208 getuigen. De gerechtelijke lijkschouwing, een soort feitenonderzoek, duurde twee jaar. Het is daarmee de langste rechtszaak in de Britse geschiedenis. In de rechtszaal ging dinsdag onder nabestaanden gejuich op, zo meldde de Liverpool Echo, die aanwezig was.