Dankzij register worden leraren niet ‘door de wasstraat gejaagd’

Onderwijs Maak een professioneel lerarenregister, zeggen organisaties. Eerst het lerarentekort oplossen, vindt de Raad van State.

Foto iStock

Nederland heeft een ernstig tekort aan bevoegde leraren, zeker op zwakke scholen waar leraren minder graag les geven. En nu ligt er een wetsvoorstel tot een register voor bevoegde leraren. In dit register, dat over tien jaar helemaal verplicht is, met sancties, staan alle bevoegde docenten uit het basis-, voortgezet en het middelbaar beroepsonderwijs. Je kunt er precies in zien wie werk maakt van professionalisering en bijscholing. Wie dat niet doet, kan uiteindelijk een aantekening krijgen en mogelijk geschorst worden. Zo wordt de status van het vak verbeterd. De lerarenorganisaties en niet de schoolbesturen bepalen wat voor bijscholing er nodig is. Leraren kunnen voortaan ook tijd voor bijscholing eisen.

Los het tekort op, anders trekken we steun in

Liesbeth Verheggen, voorzitter Algemene Onderwijsbond

Goed idee? De Raad van State, de belangrijkste adviseur van de regering, vindt van niet. Want wat heeft het voor zin om een leraar te schorsen wegens onbevoegdheid als er niemand voor in de plaats kan komen? Het orgaan stelt dat eerst het lerarentekort teruggedrongen moet worden en het onbevoegd lesgeven moet worden aangepakt. Daar ligt de basis voor goed onderwijs. En dan komt pas de rest. „Een lerarenregister, dat ervan uitgaat dat de beroepsgroep inhoud en ontwikkeling van het beroep normeert, kan alleen functioneren als sluitstuk van een meeromvattend proces dat is gericht op verbetering van kwaliteit.”

De Raad liet maandag dan ook weten dat het wetsvoorstel, dat het ministerie van Onderwijs die dag naar de Kamer stuurde, heroverwogen zou moeten worden. Maar dat gebeurde niet. Volgens het ministerie zal het register rustig en zorgvuldig worden ingevoerd. Niet pats boem.

Lerarenwasstraat

Het register is een initiatief van de Onderwijscoöperatie – waar lerarenorganisaties zoals de Algemene Onderwijsbond en Beter Onderwijs Nederland in zijn verenigd. Die begrijpen de kritiek van de Raad van State maar vinden dat het registervoorstel nog ruim tijd geeft om iets aan die tekorten te doen.

Liesbeth Verheggen, voorzitter van de Algemene Onderwijsbond, deelt „een flink deel” van de kritiek van de Raad van State, schrijft zij in een persbericht. Maar er is tijd, want er wordt tot 2022 „proefgedraaid''. De AOB rekent er op dat politici en werkgevers de tussenliggende periode benutten om het lerarentekort aan te pakken. Door betere arbeidsvoorwaarden. Als politici en werkgevers hun best niet doen, „trekken we onze steun in”, aldus Verheggen.

Het is bedoeld als bescherming van docent

Ad Verbrugge, voorzitter Beter Onderwijs Nederland

„Het is bedoeld als bescherming voor de docent, niet als plicht”, zegt Ad Verbrugge, voorzitter van Beter Onderwijs Nederland. „De professionele beroepsgroep doet het zelf.” Hij vindt het ongelukkig dat het register in verband is gebracht met het lerarentekort. Het register is „geen instrument'' om dat tekort op te lossen maar een „middel om de cultuur op scholen wat te veranderen”.

„Dit is geen antwoord op onbevoegdheid'”, zegt Jilles Veenstra, voorzitter van de Federatie Onderwijsvakorganisaties. Maar er zijn ook veel vakken waar geen lerarentekort in is. Het register voorkomt dat een schoolbestuur nog „pedagogische organisaties inhuurt om het hele personeel op de zelfde manier door de wasstraat te jagen”. Eén vijfde van de leraren heeft zich tot nu toe vrijwillig ingeschreven.

Statusverhoging

Bijna iedereen is het over de ernst van het lerarentekort eens.

De vraag naar docenten in het basis- en voortgezet onderwijs wordt de komende jaren steeds groter. Volgens beramingen van onderzoeksbureau Centerdata zijn er tegen die tijd 4.000 banen niet opgevuld – dat is 5 procent van de in totaal 84.000 fte. Vooral in de Randstad en in Limburg loopt dat op.

In het voorgezet onderwijs loopt het te kort iets minder hard op. Op middelbare scholen is straks een kleine 1.000 ft niet opgevuld – dat is 2 procent van het to taal van 56.000 fte. Vooral voor natuurkunde, scheikunde, informatica, klassieke talen en Frans zijn er te weinig docenten.

Studenten die afstuderen in vakken waar wis-, natuur- en scheikunde de boventoon voeren, kiezen eerder voor het bedrijfsleven dan voor een carrière als leraar. Deze banen worden beter beloond. Maar ook spelen het slechte imago en de verminderde status van het vak.

Alle partijen in het onderwijs zien het tekort aan leraren als een groot probleem. Toch zijn er tussen alle plannen weinig initiatieven die dit tekort direct aanpakken. In het plan om voor 2032 het schoolcurriculum te vernieuwen, staat er niets over. Het lerarenregister probeert in ieder geval de status van de leraar te verhogen. Maar dat is niet genoeg.