Vertraging voor mini-enqûete Panama Papers

Opstellen onderzoeksopdracht door Kamercommissie heeft vertraging, waardoor parlementaire ondervraging voor de zomer mogelijk niet meer lukt.

Een aantal leden van de commissie-Financiën vorig jaar tijdens een debat in de Tweede Kamer: van links naar rechts Arnold Merkies (SP), Henk Nijboer (PvdA), Mark Harbers (VVD) en Wouter Koolmees (D66). Op de achtergrond premier Rutte. Foto ANP / Martijn Beekman

Het gaat de drie initiatiefnemers voor een ‘parlementaire ondervraging’ naar de Panama Papers niet lukken om vóór aanstaande donderdag een sluitende onderzoeksopdracht te schrijven, zoals zij hadden toegezegd. Dan zou de opdracht worden besproken in de vaste Kamercommissie voor Financiën.

De drie partijen, SP, PvdA en GroenLinks, zeggen hiervoor meer tijd nodig te hebben. Omwille van zorgvuldigheid willen zij het indienen van hun onderzoeksvoorstel nu uitstellen tot de eerstvolgende procedurevergadering van de commissie Financiën, medio mei.

Het uitstel betekent dat de wens om nog vóór de zomer een soort van mini-parlementaire enquête te houden, waarbij mensen onder ede worden gehoord, wordt losgelaten. “We willen het onderzoek goed en zorgvuldig voorbereiden”, zegt Kamerlid Rik Grashoff (GroenLinks). “Dat is voor ons belangrijker om het met stoom en kokend water per se voor de zomer te willen regelen.”

De parlementaire ondervraging is een nog niet bestaand onderzoeksinstrument dat in februari door een andere parlementaire commissie werd voorgesteld. De invoering ervan is nog niet formeel geregeld.

Ondervraging snel en streng instrument

Het voordeel van deze onderzoekswijze is dat het sneller te organiseren is dan een zware parlementaire enquête, met uitgebreid vooronderzoek, zoals onlangs naar het fiasco met de Fyra en financiële malversaties bij woningbouwcorporaties. Maar een parlementaire ondervraging is minder vrijblijvend dan de parlementaire hoorzitting. Mensen die worden opgeroepen te getuigen zijn daartoe verplicht en zij zullen onder ede worden gehoord. Liegen mag niet.

Het verzoek tot de mini-enquête naar de Panama Papers en vooral de faciliterende rol die Nederland bij ongewenste belastingontwijking zou spelen kreeg twee weken geleden op zichzelf voldoende steun, onder meer van de D66, CU en de Partij voor de Dieren. Initiatienemer Arold Merkies van de SP zei dat onderzoek zelfs zal moeten leiden tot het ontmantelen van Nederland als belastingparadijs.

Toch brak er ook de nodige kritiek uit. Onder meer van het bureau Wetgeving van de Tweede Kamer, een belangrijk adviesorgaan voor het parlement. Dat ziet een risico van een mini-enquête naar belastingontwijking, als ook justitie een onderzoek zou starten naar Nederlandse bedrijven of particulieren die in dezelfde Panama Papers zijn opgedoken als mogelijke belastingontwijkers. Volgens de Nederlandse wet hoeven verdachten immers niet mee te werken aan hun eigen veroordeling. Een verklaring onder ede voor een parlementaire onderzoekscommissie zou een strafrechtelijke onderzoek dan dwars kunnen zitten.