RvS kraakt verplicht lerarenregister; ministerie legt advies naast zich neer

Het ministerie van Onderwijs legt een uiterst kritisch advies van de Raad van State naast zich neer over plannen van het kabinet om een verplicht lerarenregister te lanceren. De Raad van State, de belangrijkste adviseur van de regering en hoogste bestuursrechtscollege, noemt de invoering van het lerarenregister „prematuur” en adviseert om het wetsvoorstel te heroverwegen.

Maandag ging het wetsvoorstel toch naar de Kamer. Het plan is om alle bevoegde docenten uit het basis-, voortgezet en het middelbaar beroepsonderwijs verplicht op te nemen in een register. Daarin valt precies te zien wie werk maakt van professionalisering en bijscholing. Wie dat niet doet, kan een aantekening krijgen en mogelijk geschorst worden. Op die manier moet de kwaliteit van het onderwijs verbeteren.

De Raad van State vindt dat kwaliteit van het onderwijs begint bij het terugdringen van het lerarentekort en het aanpakken van het onbevoegd lesgeven. Ook noemt de Raad het register „paradoxaal”. Aan bevoegde leraren worden eisen gesteld, maar niet aan onbevoegde leraren – die staan namelijk niet geregistreerd. Dat kan er toe leiden dat een bevoegde leraar die niet aan de bijscholingseisen voldoet de klas moeten verlaten, terwijl zijn onbevoegde collega gewoon zou kunnen doorwerken.

Volgens de Raad is het niet duidelijk aan welke eisen de beroepsgroep van docenten moet voldoen. Het voorgestelde register is zodoende niet te vergelijken met beroepsregisters van artsen en advocaten. Het is bovendien onduidelijk wat er gebeurt met bevoegde docenten die niet meer aan de eisen voldoen. Die zouden dan geen les meer mogen geven, maar wel in dienst van de school blijven.

Het register is een initiatief van de Onderwijscoöperatie – waar organisaties als de Algemene Onderwijsbond en Beter Onderwijs Nederland in zijn verenigd. De coöperatie laat weten dat er „langzaam en zorgvuldig” naar de invoering van het register wordt toegewerkt. In 2017 moeten leraren zich verplicht inschrijven. Tussen 2018 en 2022 wordt bijgehouden of voldoende aan nascholing is gedaan, zegt een woordvoerder.