Column

Bezielde Douwe Bob

Mijn jongste dochter nodigde me uit voor het eerste optreden van Douwe Bob in Carré, afgelopen zondagavond. Zij is een fan van deze zanger. De uitnodiging verraste me omdat ik net een oneerbiedig stukje over Slow Down, zijn nummer voor het Eurovisie Songfestival, geschreven had. Ik vond het een nogal vlak countrynummertje.

Was de uitnodiging een subtiele terechtwijzing? Ik denk het niet, omdat zij weet dat ook ik verder veel waardering voor Douwe Bob heb; zij had me al eerder een aantal goede nummers van hem laten horen.

Dus daar zaten we dan op een vorstelijke plaats in een uitverkocht Carré, geflankeerd door haar vriend én door zoon Hidde, met zijn 8 jaar misschien wel de jongste bezoeker. De gemiddelde leeftijd moest ergens tussen de dertig en veertig liggen, schatte ik. Bij een uitgesproken adonis als Douwe Bob zou je hoofdzakelijk jonge vrouwen verwachten, maar er waren genoeg mannen meegekomen zodat ik mij niet eenzaam hoefde te voelen.

Douwe Bob, gestoken in een stemmig bruin kostuum boven bruine schoenen, liet merken dat het ook voor hem een belangrijke avond was. Zijn ouders, zijn vrienden, zijn fans – iedereen was er. Hij vertelde dat het altijd zijn droom was geweest: posters in de stad met een aankondiging van zijn optreden in Carré. De ironie was dat er geen posters waren opgehangen omdat de zaal al snel was uitverkocht. „Een luxeprobleem”, lachte hij.

Daarna begon hij te zingen met hartveroverende overgave en zuiverheid. Eerst met een strijkkwartet zijn gevoeligste songs, na de pauze met zijn band een mengeling van soft en stevig. Het werd een verbazingwekkend goed en professioneel optreden, in aanmerking genomen dat hij nog zo jong – 23 – is en zijn carrière navenant kort.

De meeste songs had hij zelf (soms met bandleden) geschreven, de opvallendste cover was The Butcher Song, een tragisch Iers folkliedje dat hij een van de mooiste songs die hij kende noemde. Van zijn eigen werk bevielen mij songs als Pass It On, Take It All, Jacob’s Song, Fine Line en vooral We’ll Be Gone.

Dit laatste lied ging over de zelfmoord van een oud echtpaar. „Zo zou ik er ook wel willen uitstappen”, vertelde hij erbij. Het lijkt me minder romantisch dan hij zich voorstelt, maar ik moet toegeven dat het een prachtig liedje heeft opgeleverd, inclusief de tekst met dit refrein: Say goodbye little darling/ To the darkness/ When we go we can leave the light on/ ’cause tonight the night will be harmless/ And tomorrow when they find us we’ll be gone.

De bezielde muziek van Douwe Bob heeft haar wortels in de country en de folk, maar draagt toch een heel eigen signatuur. Jammer dat hij met een van zijn zwakkere nummers naar dat Eurovisie Songfestival gaat.

Kleinzoon Hidde zat er stilletjes naar te luisteren, steeds slaperiger ook, maar na afloop stond hij er wel op in de bar bij de uitgang een handtekening op te halen. Hij was niet de enige. Hier waren de jonge vrouwen wél duidelijk in de meerderheid. Douwe Bob hield ze al geroutineerd op enige afstand: een omarming mocht, een selfie ook, maar geen kussen op de wang, beduidde hij.

Terwijl ik hem zo in de weer zag, innemend zonder overdreven uitbundigheid, moest ik onwillekeurig denken aan oude filmopnamen van een piepjonge Frank Sinatra te midden van zijn fans. Het kan ook met Douwe Bob best wat worden.