Register vanaf 2017 verplicht voor leraren

Net als advocaten, artsen en verpleegkundigen krijgen leraren een register. De Raad van State is uiterst kritisch.

Een leerkracht deelt het eindexamen Nederlands uit op het Leidsche Rijn College. Foto Martijn Beekman / ANP

Leraren moeten zich vanaf 2017 verplicht inschrijven in het Lerarenregister. Daarover heeft het kabinet maandag een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd, maakte het ministerie van OCW bekend. In het register is zichtbaar of leraren zich hebben bijgeschoold, waardoor de kwaliteit van het onderwijs verbeterd moet worden.

Met het register wil het kabinet bijscholing van leraren stimuleren. Leraren die niet voldoende zijn bijgeschoold, kunnen een aantekening krijgen in het register en op termijn geschorst worden. Het register is een initiatief van de Onderwijscoöperatie, die de beroepsgroep vertegenwoordigt namens de Algemene Onderwijsbond, Beter Onderwijs Nederland, CNV Onderwijs, Federatie van Onderwijsvakorganisaties en Platform Vakinhoudelijke Verenigingen Voortgezet Onderwijs.

Herregistratie na vier jaar

Elke vier jaar wordt de registratie opnieuw beoordeeld. Bij het eerste herregistratiemoment in 2021 volgen pas harde consequenties, omdat de beroepsgroep 2017 te vroeg vond.

De beroepsgroep bepaalt zelf de criteria van de (her)registratie. De Onderwijscoöperatie, die de beroepsgroep vertegenwoordigt, is de uitvoerder van het register. Leraren kunnen zich al sinds 2012 vrijwillig inschrijven. In 2017 wordt het verplicht.

‘Prematuur en onwerkbaar’

De Raad van State (RvS), dat de regering adviseert over wetsvoorstellen, is uiterst kritisch over het voorgenomen lerarenregister. De RvS denkt dat een register bij kan dragen aan het verhogen van de kwaliteit, maar niet onder de huidige voorwaarden. Het is eerst noodzakelijk dat het lerarentekort wordt teruggedrongen, net als dat het aantal onbevoegde leraren in het onderwijs beperkt moet worden, schrijft de RvS in een advies.

Het voorgestelde register is niet vergelijkbaar met een beroepsregister zoals gebruikelijk is bij artsen of advocaten, vindt de RvS. Het is “slechts een register waarin bevoegde leraren hun nascholingsinspanningen moeten documenteren. De sanctie hierop is verlies van hun lesbevoegdheid.” Maar volgens de RvS is daar geen register voor nodig:

“Daarbij acht de Afdeling advisering deze sanctie onwerkbaar en vaak ook onevenredig. Registratie is evenmin noodzakelijk voor het houden van toezicht. De Inspectie van het Onderwijs kan nu al onderzoeken of scholen en leraren voldoen aan de wettelijke eisen.”

Makkelijker verantwoording afleggen

Volgens een woordvoerder van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap kunnen leraren met het register makkelijker verantwoording af leggen aan collega’s over hun bekwaamheid:

“Sommige leraren staan tientallen jaren voor de klas, maar ook met diploma moeten die zich blijven professionaliseren.”

Het kabinet trekt veel geld uit voor bijscholing. Het ministerie heeft hiervoor bijna vijftig miljoen euro ter beschikking gesteld in de vorm van een lerarenbeurs. Ook kunnen leraren tot 75.000 euro aanvragen bij het lerarenontwikkelfonds. Het Lerarenregister gaat het ministerie tot en met 2019 naar schatting 43 miljoen euro kosten.