De spierbundel van Capelle aan den IJssel

Bodybuilding Floor van Putten weegt elk hapje dat ze eet. Het resultaat van haar leven met weegschaal en kleurmousse liet de 49-jarige bodybuildster gisteren zien op de NK.

David van Dam

Het ging de afgelopen dagen om het laatste randje vet. Vet dat de leek niet ziet. Maar het scherpe oog van de topsporter wel. Nóg minder vet betekent dat de aangespannen spieren nóg beter uitkomen. Floor van Putten (49) is bodybuildster. En niet zo maar een. Ze is topatlete. Ze streed zondag om een podiumplaats tijdens de Nederlandse Kampioenschappen in de categorie Women’s Physique. Bij de deadline van deze krant was de uitslag nog niet bekend.

Ze liep het podium op in bikini, muziek klonk. Ze liet haar getrainde spieren zo goed mogelijk aan de jury zien. Het komt er nauw op aan. Billen aanspannen, een knie licht buigen, haar armspieren laten fonkelen. De spieren spannen, die als kabels over haar rug lopen. Vriendelijk lachen. En soepel bewegen. Ze kan het als geen ander, ze doet het al lang.

De atletes zijn allemaal diep rood-bruin. Floor van Putten heeft van zichzelf al een kleur, maar dat is niet genoeg. Voor de optimaal bruin-glanzende teint smeert ‘Ries’ (haar vriend Richard) haar een dag voor de wedstrijd in met een speciale kleurmousse. Op de wedstrijddag zelf doet hij dat nog een keer.

Vroeger ging dat op de dag van de wedstrijd gewoon met een verfroller en bruinende crème. Maar daar kwamen te veel klachten over: de kleurcrème spatte op het tapijt. Een atlete had tegen een muur geleund en een bruine plek achter gelaten. Of erger: was in een met fluweel beklede stoel in de zaal gaan zitten.

Om in topvorm te komen, leefde Floor van Putten twaalf weken op het scherp van de snede. Over elke hap die ze neemt is nagedacht. Extreem laag in vet, hoger in eiwitten, maar niet té hoog. En precies zoveel koolhydraten dat ze vet verbrandt maar niet de spieren. En wel voldoende energie heeft voor zware krachttrainingen.

Dus begint Floor van Putten de dag om zeven uur met twee eieren, gebakken in vetarme cookingspray. Met een glas tomatensap. Rond een uur of negen zal ze vijf eiwitten, dus zonder de dooiers, bakken en dat eten met 35 gram havermout aangelengd met water en een flinke theelepel kaneel. Het afmeten van kleine beetjes eten gaat de hele dag door.

Collega-bodybuildsters leven de laatste weken voor een wedstrijd op zilvervliesrijst, broccoli en kipfilet. Vooral vanwege het gemak en omdat iedereen het zo doet. Je weet op een gegeven moment precies hoeveel gram je van alles mag hebben, zegt Floor van Putten. Zij eet dat ook, maar alleen ’s avonds (35 gram rijst, 100 gram kipfilet). Ze wil geen twaalf weken broccoli knagen. Ze probeert binnen de strakke regels te variëren. Ze maakt bijvoorbeeld een soepje met verschillende groenten. Dat is meteen goed tegen de honger.

‘Ik heb het steeds koud’

Natuurlijk eet ze niet altijd zo. Al let ze altijd wel goed op haar voeding. Er zijn atletes die na de wedstrijd tien tot vijftien kilo aankomen. Na het spartaanse regime gaan de remmen los. Dat wil ze niet, het is te zwaar om steeds terug te komen. Maar de laatste weken voor de wedstrijd is afzien. „Ik ben snel moe, ik heb het steeds koud. Dan ga ik even liggen.”

In het wedstrijdseizoen gaat ze zes keer per week voor interval-cardio training en krachttraining naar haar sportschool in Rotterdam-Noord. Die ziet er van buiten niet bijzonder uit, het had ook een jeugdhonk kunnen zijn. Maar binnen gebeurt het. Het is de sportschool van Hans Kroon, die verschillende topsporters traint, zoals tennisster Arantxa Rus en voetballer Ron Vlaar. En kickboksers, honkballers, judoka’s en kanovaarders die meedoen op topniveau. Bij hem kwam Floor van Putten terecht toen ze eenenveertig was. Dat was in 2007. Anderhalf jaar later was ze Nederlands Kampioen bij de Your Body Federation en Wereldkampioen bij de World Fitness Federation, klasse athletic.

Toen had ze al topsport bedreven, ze is op haar zestiende begonnen. Zware astma had ze, sporten leek onmogelijk. Maar krachttraining kon ze wel. Het bleek zelfs heel goed bij haar lichaam te passen. Ze is niet geschikt voor de ranke bikinicategorie, maar perfect gebouwd voor de vrouwen fysiek. En de prednison en antibiotica vanwege de astma waren sinds het sporten niet meer nodig.

Obstakels in het leven kunnen juist het vuur betekenen voor de topsporter. Zo ongeveer staat Hans Kroon erin. Alle topsporters die hij traint hebben een buitengewone drive. Het moet wel, want topsport vraagt het uiterste. Hij dus ook. Niet alleen fysiek, ook mentaal. De ‘body-mindbalans’ moet perfect zijn. En de sporters moeten prioriteiten kunnen stellen. „De grootste beperking ligt op het mentale vlak”, zegt hij. „Ik kan het niet, ik heb geen tijd, ik moet ook nog werken”, hij hoort het zo vaak.

Haar bovenlichaam was al prachtig, nu zijn ook haar benen mooi droog

Dan Floor van Putten. Haar tweelingbroer ligt in een heel nare scheiding en woont bij haar en haar partner in huis. Haar zus overleed drie jaar geleden aan kanker, haar vader een jaar eerder. Haar vriend kreeg een burn-out. Toch traint ze door. „Bewegen heeft ook een therapeutische meerwaarde”, zegt haar trainer.

Floor van Putten is een tijdje uit de topsport geweest. In de jaren tachtig deed ze wedstrijden. Nu weer. Haar trainer vindt haar op haar negenenveertigste alleen maar beter geworden. Haar bovenlichaam was altijd al prachtig maar nu zijn haar benen ook mooi droog. „Het hele lichaam is meer in evenwicht.”

Trainen, vindt Hans Kroon, moet doelgericht zijn. Dus niet dom aan het ijzer gaan zitten trekken, maar kijken wat je wilt bereiken en daar naartoe werken. Floor van Putten traint onder zijn leiding haar lichaam tot aan perfectie. Niet zoveel mogelijk trainen: maar goed trainen en gevarieerd. Kracht combineren met cardio, maar niet eindeloos met muziek op de fiets. Knallen en dan weer rust. Herstel is net zo belangrijk.

Rond het bodybuilden hangt altijd de sfeer van doping. Kroon zucht. Hij zag in de topsportwereld van alles voorbij komen. Anabole steroïden, groeihormonen, schildklierpreparaten. Het komt zijn school niet in. Hij zal het nooit gebruiken, zijn atleten ook niet. „Ik weet hoe lang het duurt om een basis te creëren. Met dat spul is het effect anders. Vrouwen zie je vermannelijken, stemmen veranderen. Je moet het niet willen. Kijk naar je eigen mogelijkheden, investeer, buit die uit.” Floor van Putten: „Je kan van een ezel geen renpaard maken.”