Wilco Kelderman: ‘Vorig jaar heb ik echt roofbouw gepleegd’

Interview Wilco Kelderman Het grootste Nederlandse rondetalent was hij. Tot het vorig jaar misging in de Tour, de wedstrijd van zijn dromen. Nu wil hij afrekenen met de twijfel.

Wilco Kelderman (midden, wit-geel) in actie op de Muur van Hoei tijdens de Waalse Pijl. Foto Bas Czerwinski/ANP

Dat machtige gevoel van bergop wegrijden bij de concurrentie, na afloop gehuldigd worden in een gele leiderstrui. Wilco Kelderman glundert boven een dampende kop verse muntthee. Ja, in de Ronde van het Baskenland was hij veertien dagen geleden eindelijk weer ouderwets goed. „Ik had weer de overtuiging om aan te vallen. Ik ging aan en er bleven niet veel over in mijn wiel. En die gele trui was mooi meegenomen.”

Als een komeet schoot Kelderman sinds 2012 omhoog in de rangen van de profs. Tijdrijden, klimmen, sprinten: alles kon hij. Als pure klasse op een fiets zichtbaar was, moest het er zo uitzien. Thomas Dekker, Robert Gesink, Bauke Mollema? Nee, Kelderman was het grootste talent ooit in de Raboploeg. Zie hem schitteren met een zevende plaats in de Giro van 2014. Vlak erna brutaal duelleren met Chris Froome en Alberto Contador in de Dauphiné. 23 jaar jong. „Dan denk je: ik kan ook in de Tour meedoen voor het klassement. Het klopte eigenlijk allemaal precies. Tot vorig jaar. Toen had ik dingen in gedachten die niet lukten.”

Interview met Kelderman tijdens de Ronde van Baskenland:

Met een ontwapenende eerlijkheid analyseert de nog altijd pas 25-jarige kopman van LottoNL-Jumbo het afgelopen seizoen en zijn mislukte debuut in de Tour de France, waarin hij als 79ste eindigde. „Het is helemaal misgelopen”, zegt hij zacht. „Ik was te ongeduldig, ik wilde te snel. Daardoor heb ik fouten gemaakt.” Het supertalent Kelderman botste voor het eerst hard met zijn eigen lichaam. Hij ging te diep op hoogtestage, mergelde zijn lichaam uit om nog meer af te vallen, ‘vergat’ onderdelen van de fitnesstraining. Constant een slecht gevoel. „Mentaal word je ook helemaal afgebroken.”

Vooral daarom koestert Kelderman het goede gevoel van de Ronde van het Baskenland. „Ik doe nu meer op gevoel en luister meer naar mijn lichaam.” Dat hij aan het slot van de zware Spaanse rittenkoers nog naar de tiende plaats terugviel? „Jammer.” Zoals hij niet juicht om zijn klasseringen in de Amstel Goldrace (dertigste) en woensdag in de Waalse Pijl (dertiende). Zondag slaat hij Luik-Bastenaken-Luik over, om dinsdag uitgerust te starten in de Ronde van Romandië. „Dat wordt voor mij een van de belangrijkste wedstrijden van het jaar.”

Nuchter trainen? Ja, dat heb ik wel gedaan vorig jaar

In de Zwitserse ronde – met twee tijdritten en veel bergen – wil hij weer strijden met de besten, zoals Tourwinnaar Froome of generatiegenoot Tom Dumoulin. Aanknopen bij zijn topjaar 2014, na zijn sterke Ronde van het Baskenland definitief afrekenen met het rotgevoel van vorig seizoen. „Het ging al mis in de voorbereiding. Ik had daarvoor een heel goed jaar gereden, dan wil je zelf natuurlijk meer. Maar je weet nog niet echt goed waar de grenzen van je lichaam liggen. Dan ga je een stapje serieuzer. Misschien iets overdrijven, zoals met voeding.”

De eeuwige strijd van de ronderenner: hoe minder kilo’s, hoe sneller je bergop fietst. „Je denkt: ik moet op gewicht blijven, eet maar wat minder. Nuchter trainen? Dat heb ik wel gedaan ja. Ik had niet het gevoel dat ik over een grens ging. Zo gaat dat als sporter. Je bent soms net te extreem. Achteraf denk ik: toen voelde ik me best sloom in de training. Je wordt gewoon sloom als je te weinig eet, te weinig suikers binnenkrijgt. Mijn reactievermogen was ook weg.”

Harde les. „Er is net zo’n grens in je lichaam. Vorig jaar was ik vaak tussen 65,5 en 66,5 kilo. Dit jaar ben ik soms een kilo zwaarder. Maar ik voel me wel veel beter, fitter. Waardoor ik ook in de wedstrijd veel beter rijd en herstel. Je merkt: dat kilootje maakt helemaal niet het verschil, bepaalt niet of je goed bent of niet. Door wel goed te eten word je soms juist beter. Terwijl je heel strak komt te staan als je probeert die kilo eraf te krijgen. Op dat punt heb ik vorig jaar echt roofbouw gepleegd.”

Ook keuzes in de training pakten verkeerd uit. „Je hebt zoveel tegenwoordig: fietsen, fitness, een machientje voor de ademhaling. In al die dingen kun je verbeteren. Maar wat kies je? Dat heb ik niet helemaal juist aangepakt. Fitness heb ik verslonst, ik heb de verkeerde dingen getraind. Mijn rug was al niet heel sterk, dat werd er niet beter op.”

Al in de Dauphiné, zijn laatste voorbereiding op de Tour, kon Kelderman niet wat hij wilde. „Ik ben op hoogtestage over de grens gegaan, dat pakte niet goed uit.”

Kelderman wint als belofte het NK tijdrijden:

Als een zombie

Toch werd hij bij de zonnige Tourstart in Utrecht trots aan pers en publiek gepresenteerd als schaduwkopman naast Robert Gesink. „Ik wist toen al dat het klassement er niet inzat. Maar ja, je moet dat verhaal houden. In de ploeg hadden we het zo afgesproken, je wil niet gelijk opgeven. Achteraf had ik de verwachtingen moeten terugschroeven. De proloog was nog supermooi, maar na die val op de tweede dag was het eigenlijk al over. Ik was zo gehavend dat ik als een zombie door de Tour reed.”

Hoe dat voelt? „Ik kan me er niet veel meer van herinneren. Het is een beetje een waas geworden. Als het niet lekker gaat, begin je je aan dingen te irriteren. Ze vroegen elke dag: hoe gaat het met je rug? Ja, niet veel beter natuurlijk. En je wist al dat het tot het einde van de Tour zo zou blijven. Het moest supermooi zijn om aan te komen op de Champs Élysées. Maar ik heb er totaal niks van genoten. Ik dacht steeds: wat een rotwedstrijd, wat een rotparcours. Omdat ik last had van mijn rug. En ziek was, constant hoesten en al.”

Van beminnelijk toptalent tot snel geïrriteerde tobber. „Uitgerekend in de wedstrijd waar je altijd van hebt gedroomd. Dan voel je ook een beetje de druk van buitenaf. Normaal ben ik nooit bezig met wat mensen schrijven, wat ze van me denken of willen. Maar als je onzeker over jezelf bent, ga je het belangrijker vinden wat andere mensen van je zeggen. Dan ga je die dingen er steeds bijhalen. Ook al weet je dat het je niet helpt.”

Onvoorstelbaar, hoe Kelderman in de hete rit naar Rodez toch nog tot 250 meter voor de eindstreep op winst af leek te soleren. „Dat was op mentale veerkracht, dan kom je blijkbaar nog een heel eind. Maar lichamelijk was er zoveel mis.” De Tour uitrijden? „Dat zou ik nu niet nog een keer doen. Als ik zo hard val, stap ik zeker af. Mentaal breekt er ook best veel. Je voegt niet veel toe aan de ploeg, bent meer een blok aan het been dan een helper. Maar ik had nooit eerder tegenslagen gehad. Van huis uit is het: niet opgeven of zeuren. Dat is je basis. Dus ga je door.”

Zo nam hij na de Tour meteen weer zijn verantwoordelijkheid als kopman van de ploeg, met een derde plaats in de Eneco Tour. „Ja, het resultaat was goed. Maar het gevoel was zo slecht. Het ging nooit met enig gemak, ik zat scheef op de fiets vanwege die rug, kon mijn power niet kwijt. Als het er op aan kwam lukte het nog wel, maar het gevoel van topvorm was er nooit.”

Tom Dumoulin wervelde intussen door de Vuelta, en loste Kelderman af als gedoodverfd opvolger van Tourwinnaars Jan Janssen en Joop Zoetemelk. Ontwikkelt zijn voormalige ploeggenoot zich bij Giant-Alpecin beter omdat hij voor een geleidelijke opbouw kiest en zich eerst vooral richt op tijdrijden? „Ik ben met mezelf bezig”, countert Kelderman. „Hij kan die keuze maken omdat hij in tijdritten zijn uitslagen kan pakken, ook op de Spelen in Rio.” En de iets oudere Wout Poels, die bij het Britse Sky als meesterhelper van Froome grote stappen maakt? „Die keuze had ik ook kunnen maken. Maar ik vond het mooier om in een Nederlandse ploeg voor eigen kans te rijden.”

Contractverlenging

Collega-kopman Gesink (29) tekende onlangs voor twee jaar bij. Zelf staat Kelderman voor een dilemma. Zijn aflopende contract verlengen? „We zijn wat naar beneden gezakt, qua kwaliteit en budget. Maar de lijn omhoog wordt weer ingezet, dat is goed. Robert blijft.” Of weggaan uit zijn vertrouwde omgeving, waar hij al in 2010 in de opleidingsploeg begon, en kiezen voor de route-Poels? „Dat kan alsnog ja. Volgend jaar, in een andere ploeg het heel anders doen, met andere prikkels. Misschien is er vernieuwing nodig. Ik wil eerst afwachten hoe het dit seizoen gaat.”

Dinsdag in La Chaux-de-Fonds, proloog over 3,95 kilometer. Start van een week van de waarheid in Romandië. „Moet ik volgend jaar wel weer de Tour rijden”, vroeg hij zich vorig jaar even vertwijfeld af, direct na Parijs. Genadeloze zelfanalyse hielp. Of anders wel de steun van mensen uit zijn directe omgeving. „Familie, vriendin, trainer.”

Maar of hij terugkeert op het niveau van 2014, blijkt pas zwart op wit in de koers. „Vanaf het begin van het seizoen moet ik mijn vertrouwen terugwinnen. Je weet niet of het echt weg is. Goed in je vel zitten en voelen dat je weer volle bak kunt afzien, dat telt het zwaarst. Baskenland was goed, maar ik viel aan het eind iets terug. Hopelijk zit er in Romandië nog iets beters in.”