Rechtspraak is nog van de blanke autochtonen

Vandaag is het open dag in het nieuwe superstrakke gebouw van de Hoge Raad. De Rechtspraak plaatste op Facebook een filmpje waarin raadsheer Polak als edelfigurant van het Lange naar het Korte Voorhout wandelt en een 19e eeuws kostuum verruilt voor het maatpak van de moderne, hogere kantoormens.

Van een toga is in het eindshot afgezien – de rechter als mens in pak. Ik vind het prima. Een rechter in burger is nog steeds rechter. Dat gebouw is van ons, van alle burgers. Het vorige was een anoniem stadspaleisje met een afzichtelijke kantoorvleugel aan de achterkant, in een hondenuitlaat-straatje. Behalve zichtbaar is de Hoge Raad nu weer presentabel. Een goed gebouw is het halve werk. Gezag stoelt op erkenning en dus op herkenning.


En daar heeft de rechtspraak toch een probleem. Van de 34 raadsheren bij de Hoge Raad zijn er tien vrouw. Dat zal vanzelf verder in evenwicht komen, denk ik. In de hele rechtspraak waren in 2014 van de 2359 rechters er 1328 vrouw. Iets meer dan de helft dus. In de ondersteuning is driekwart vrouw: 4196 van de 5549. Het mannenbolwerk is dus weggevaagd. Maar dat geldt niet voor het dominante beeld van rechtspraak: autochtone blanken. Slechts 7 procent van de rechters heeft een achtergrond in twee culturen. Voor de hele organisatie is dat 11 procent.

Cultureel gekloonde allochtonen of mogen zwarte rechters anders zijn?

Ik deed die wetenschap vorige week op tijdens een druk bezochte discussieavond van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten. Daar was tenminste de helft van het juridische publiek zwart, geëngageerd en overigens pessimistisch over de mate waarin zij écht toegang tot de magistratuur hebben. Van de laatste lichting van twintig jonge rechters is er exact één met een Turkse achtergrond. De groep die nu de opleiding volgt, is eenzijdig blank, autochtoon en zelfs uitsluitend vrouw.

Het verantwoordelijke lid van de Raad van de Rechtspraak zei dat dit „niet is zoals we zouden willen”. De rechtspraak streeft juist naar kandidaten met een dubbele culturele achtergrond. Maar het zou nu al erg moeilijk zijn om de opleiding überhaupt te vullen. Struikelblok zijn de taaleisen, niet alleen bij allochtonen. De gebruikte testen zijn ‘diversiteitsproof’, meent ze. In het promotiemateriaal worden met opzet allochtone gezichten gebruikt om het blanke imago niet te bevestigen.

Daarna begon het in de zaal ervaringen te regenen. De zwarte hulpofficier van justitie die ‘twee keer zo hard’ denkt te moeten lopen als de autochtone collega’s. De jonge vrouwelijke rechter in opleiding die bij de selectie nog de vraag kreeg of „uw man het wel goed zou vinden als u laat moet werken”. De opleider die van zwarte topstudenten begreep dat de rechtspraak in hun tweede cultuur juist als corrupt werd beschouwd en dus als een minder gewenst beroep. En de advocatuur juist als goudeerlijk. De zwarte rechtenstudente die ‘11 procent’ in de rechterlijke organisatie „om te janken” vond en er niet over peinsde om daar te gaan werken. De jonge blanke mannelijke rechter die zich afvroeg of de vooroordelen in zijn beroepsgroep niet zó diep zitten dat gekleurde kandidaten afvielen „omdat we ze niet écht willen”.

De Surinaams-Nederlandse seniorrechter die de vraag stelde wat de rechtspraak ‘eigenlijk’ wil. Iemand zoals hij, een „verklede Amsterdammer”? En dus „een culturele kloon van zichzelf achter de tafel”? Of juist zwarte rechters die iets extra’s meebrachten. Kennis van een andere cultuur, inclusief rolpatronen, gedragsrepertoire en sociale verwachtingen. Rechters die zich anders gedragen omdat ze ook anders zijn. En dat ook mógen. Het ongemak groeide voelbaar – moeten ‘we’ echt veranderen? Ja dus. Aan het eind vond de zaal in meerderheid dat het jaarlijkse klasje rechters voortaan verplicht deels uit allochtonen moest bestaan. Waarna een gepensioneerde topman van de Raad voor de Rechtspraak waarschuwde dat we bij zwarte rechters ook eens aan de Amerikaan Clarence Thomas moesten denken. Die is dan wel zwart maar ook tamelijk reactionair. Jakkes, zwart en ook nog conservatief. Kwam er opeens een vooroordeel boven water. Spontaan nog wel.