Politico Europe: sterke analyses, maar waar blijven de scoops?

Politico Europe bestaat een jaar. De van oorsprong Amerikaanse politieke krant en website zou na Washington ook Brussel gaan opschudden. Wat is daarvan terecht gekomen?

De Brusselse tak van site Politico: „Ze schrijven niet pas ergens over als het besluit al genomen is.”

Elke donderdag voeren de nieuwsredacteuren van Politico hetzelfde ritueel uit: tijdens een vergadering mag iedereen de beste artikelen van die week ‘voordragen’. Vervolgens wordt er door handopsteken gestemd en komt er een ‘winnaar’ uit de bus. „Er valt niets te winnen hoor”, zegt Matthew Kaminski – die het Europese Politico runt. „Zie het als een oefening in scherp blijven. Het geeft een indicatie van wat gewerkt heeft en wat niet.”

Het is precies een jaar geleden dat de van oorsprong Amerikaanse nieuwssite en krant over politiek neerstreek in Brussel met de ambitie om de Europese politiek op te schudden. Het moest net zo sexy worden als Capitol Hill. Volgens Kaminski was daar helemaal niet veel voor nodig, nu de EU van crisis naar crisis rolt. „De pech van Europa was ons geluk”, zegt de Pools-Amerikaanse Kaminski, die voorheen voor The Wall Street Journal werkte. „Het belangrijkste verhaal ter wereld ligt op dit moment hier.”

Door de overname van de European Voice, een wat stoffige, volledig op de Brusselse bubbel gerichte krant, kon Politico een jaar geleden snel uit de startblokken komen. Nu werken er ruim vijftig mensen. De papieren editie verschijnt één keer per week in een oplage van 30.000. De site is veel belangrijker: vorige maand trok die volgens Kaminski 1,6 miljoen bezoekers. Voor ‘professionals’ is er een speciale, duurdere editie. Dertig procent van de lezers zit in de VS, zegt Kaminski. „We hebben duizenden lezers in Mountain View, Californië. Waarom? Omdat Google daar zit en dat heeft nu gedonder met de EU.”

Voor Dirk van den Bosch, woordvoerder van GroenLinks in het Europees Parlement, is de komst van Politico Europe niet onopgemerkt gebleven, tot ver buiten Brussel. „Ik zit nu in de Tweede Kamer”, zegt hij over de telefoon, „en daar ligt ie ook op tafel”. Van den Bosch vindt Politico een aanwinst. „Ze zitten bovenop het politieke proces en schrijven niet pas ergens over als het besluit al genomen is”, zegt hij. „Je ziet dat andere journalisten daar ook meer oog voor krijgen.”

Donderdag verscheen de krant met een speciale wikkel: een reuzencartoon van het politieke leven in Brussel. Met Martin Selmayr, de machtige kabinetschef van Commissievoorzitter Juncker, als zonnekoning, Erdogan die lekker een krantje leest in een park en robots als commissiewoordvoerders.

Nog geen breaking news

Maar de beloofde revolutie is er nog niet: Politico is sterk in analyses en essays, met vaak ook leuke invalshoeken, het trekt ook de nodige aandacht met goed bezochte ‘events’, zo’n dertig het afgelopen jaar. Maar de echt grote scoops ontbreken nog. Het Politico-verhaal dat het afgelopen jaar het meeste stof deed opwaaien ging over het prinsessengedrag van de Roemeense Eurocommissaris Cretu en de opstand daartegen in haar kabinet. Leuk, maar niet iets waarmee het Journaal opent.

Het echte pareltje is Playbook, de dagelijkse ochtendbrief van Politico, opgesteld door Ryan Heath, ooit woordvoerder van Neelie Kroes in de Europese Commissie. Met verwijzingen naar eigenlijk alles wat Brussel bezighoudt, tot aan tips over de beste lattes in de stad toe. Volgens Kaminski heeft Playbook met 50.000 lezers de omvang van „een middelgrote krant”. Intussen is er ook een Duitse versie. Hoezeer dit succesvol is, blijkt uit het feit dat de Financial Times, de onbetwiste koning van de scoops in Brussel, ook zo’n ochtendmail heeft gelanceerd, de Brussels Briefing.