Waarom was het voor DWDD zo moeilijk te reageren op de dood van Prince?

Screenshot DWDD

Het is de stresstest voor elk rechtstreeks uitgezonden actueel programma: groot nieuws, dat onmiddellijk behandeld dient te worden. Het kan tot geïnspireerde televisie leiden, maar ook ontaarden in een nachtmerrie.

Het plotselinge overlijden van funkicoon Prince werd rond zeven uur ‘s avonds bekend, tijdens de uitzending van RTL Boulevard en De Wereld Draait Door. Albert Verlinde bleef er kalm onder, besefte de omvang van het nieuws, maar leek er niet erg door geraakt. Het programma ging door als gepland, maar even later belde wel radiopresentator Gerard Ekdom in, die de kijkers van nuttige achtergrondinformatie én zijn emotie van het moment voorzag. Boulevard reageerde dus adequaat, zij het niet bijzonder geïnspireerd.

De nachtmerrie overkwam DWDD. Doorgaans is het improvisatievermogen daar groot, evenals de betrokkenheid bij de dood van helden van de redactie: Martin Bril, David Bowie, Johan Cruijff. Dit keer was het geen kwestie van korte voorbereiding, maar van roeien met de op dat moment aanwezige riemen.

Direct na de introductie, met tafeldame Halina Reijn op de kruk, kreeg Matthijs van Nieuwkerk het nieuws door op zijn oortje. Paniek en verwarring bij alle aanwezigen, dat was mooi. Gelukkig wist Mart Smeets uit zijn hoofd dat Prince 57 was en had kunstenaar Rob Scholte veel van zijn muziek gedraaid terwijl hij werkte. Van Nieuwkerk zocht naarstig naar herinneringen en associaties, maar kwam niet verder dan Purple Rain.

Het verzoek aan de regie om iets van de zanger te laten zien of desnoods alleen horen, schoot evenmin veel op. Daar was een simpele reden voor, die alle andere programma’s in de loop van de avond ook parten speelde.

We zijn gewend geraakt om elk nummer van elke artiest met een paar muisklikken te kunnen beluisteren op Spotify en te bekijken op YouTube. Dat maakt de omgang met de geschiedenis van de populaire cultuur spannend, want alles valt direct op te zoeken en voor te geleiden, als in een dynamisch, wereldwijd toegankelijk museum.

Maar Prince, die wegens een conflict met de muziekindustrie een tijdje met het woord ‘slaaf’ op zijn gezicht optrad, heeft ervoor gezorgd dat er zo goed als niets van hem online te vinden valt, behalve bij de betaalde streams van Tidal, eigendom van collega Jay-Z.

Dus moesten we het stellen met wat er in de archieven van de publieke omroepen voorhanden was, en dat was nogal beperkt. Pauw spoorde Ivo Niehe op, die smakelijk kon vertellen over zijn interview uit 1999 met Prince, toen aangeduid als The Artist of met een onuitspreekbaar symbool. Aansluitend werd dat gesprek, en het uit twee nummers bestaande optreden, integraal herhaald.

Candy Dulfer, die heel lang met Prince speelde, bleek niet erg aanspreekbaar, maar RTL Late Night deed goede zaken met de zusjes Monique en Suzanne Klemann, die ook met hem hadden getoerd.

Uiteindelijk hielp Ali B DWDD uit de brand, met een freestyle rap. De voor iets anders bestelde jonge singer-songwriters zaten er een beetje beteuterd bij.