Verrukkelijk verhaal uit de belle époque

Als filmpionier Emile Reynaud hun clownsroutines in 1896 niet had vastgelegd, waren ze vast en zeker vergeten: de Engelse komiek Foottit en zijn Franse sidekick Chocolat. In zijn biografische film Monsieur Chocolat draait de Franse acteur-regisseur Roschdy Zem de rollen om. Of terug. Nu is Chocolat de hoofdpersoon, en daarmee herschrijft Zem ook de geschiedenis van filmbeelden die zo lang niet leken te kunnen liegen (hun beroemde Wilhelm Tell-act is als Chocolat – le clown nègre op YouTube terug te vinden). Want Foottit werd eigenlijk beroemd dankzij Chocolat. Terwijl Chocolat degene was die de klappen kreeg.

Ze maakten furore in het Parijse Nouveau Cirque. Foottit was de witte clown, de serieuze meester die steeds door de domme august Chocolat voor de voeten werd gelopen. Deze traditionele rolverdeling kreeg een racistische lading doordat Chocolat werd gespeeld door de zwarte Rafael, als slaaf uit Cuba naar Spanje gekomen en via vele omzwervingen bij het circus terechtgekomen. Hij staat ook bekend als de eerste zwarte toneelartiest in Frankrijk.

Het duo wordt nu gespeeld door Omar Sy en James Thierrée, een Zwitserse circusartiest en de kleinzoon (en lookalike!) van filmclown Charlie Chaplin. In zijn hervertelling is Monsieur Chocolat een geolied verhaal over roem en exploitatie waarin relatief weinig Hollywoodconcessies worden gedaan aan de grimmige kan ten van het verhaal. Het wil Frankrijk een spiegel voorhouden: in een sleutelscène in de gevangenis ontvangt Padilla zijn politieke vorming van de Haïtiaan Victor (de altijd geweldige Alex Descas) die hem uitlegt hoe kleurenblind het Franse burgerdom is, dat zich op de borst klopt als hoeder van mensenrechten, maar z’n ongemak weglacht als Chocolat weer een schop onder z’n kont krijgt.

Wel zijn de feiten grondig ingedikt: de Foottit in de film is uit twee figuren samengesteld en Chocolat speelde nooit Othello in Shakespeare. Dat soort poëtische vrijheden zijn niet alleen jammer, maar ook kwalijk: door het verhaal mooier te maken, loop je het risico de geschiedenis alsnog wit te wassen. Het zijn echter kanttekeningen, hoe serieus ook, bij een verrukkelijk verhaal over het theater in de belle époque. Het verhaal van Chocolat en Foottit, wiens routines ten onder gingen door racisme, artistieke ambitie, goklust en seksuele avontuurtjes. Maar ook door de komst van het medium film, dat de kunsten van de clown zou automatiseren. En hoe ze nu, dankzij diezelfde film, weer herinnerd worden.