Rekenkamer: er zijn veel meer laaggeletterden

Onderzoek Als de overheid niets doet, zal het probleem alleen maar groeien. „Een steeds grotere groep kan het niet meer bijbenen.”

Foto Koen Suyk / ANP

Nederland telt 2,5 miljoen mensen die de taal onvoldoende machtig zijn. Ze beheersen de taal niet op vmbo-niveau, het niveau waarop iemand verondersteld is, „geletterd” te zijn. Dat concludeert de Algemene Rekenkamer in een onderzoek naar de aanpak van het ministerie van Onderwijs om laaggeletterdheid tegen te gaan.

Dat aantal is hoger dan de cijfers die het ministerie van Onderwijs daarover hanteert. Daar gaan ze uit van 1,3 miljoen laaggeletterden. Volgens de Rekenkamer zijn dat er dus 1,2 miljoen meer. Dat komt onder meer doordat het ministerie 65-plussers en mensen die moeite met rekenen hebben, buiten beschouwing laat.

De Rekenkamer schrijft in het onderzoek dat het onduidelijk is wat het ministerie concreet doet om het aantal laaggeletterden omlaag te krijgen. Het aantal mensen dat tot 2018 een cursus gaat volgen, komt volgens de Rekenkamer neer op 5 procent van de doelgroep, terwijl de cursussen niet eens gericht zijn op het behalen van taalbeheersing op vmbo-niveau.

Digitale vaardigheden worden er niet aangeleerd, ondanks een motie daarover in de Tweede Kamer. Volgens het ministerie mag rijksgeld niet voor computercursussen worden ingezet.

Urgent en weerbarstig

Minister Jet Bussemaker (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, PvdA) verwacht niet dat het aantal laaggeletterden zal dalen, zegt ze in reactie op het rapport. Het is volgens haar een „urgent en weerbarstig maatschappelijk probleem”. Volgens Bussemaker kan zij niet meer mensen bereiken dan nu het geval is, ook niet als ze meer budget zou hebben. Maar volgens de Rekenkamer zijn er meerdere regio’s waar wachtlijsten bestaan voor taalcursussen.

Volgens de stichting Lezen en Schrijven, die samen met andere maatschappelijke organisaties pleit voor een ‘taaloffensief’, kunnen minstens 1,8 miljoen Nederlanders moeilijk omgaan met schrijven, rekenen en een computer. De stichting wil dat er jaarlijks minimaal 100.000 mensen geschoold worden om de groei van laaggeletterdheid te stoppen.

„Het is een groot en onderschat probleem”, aldus Marja van Bijsterveldt, voorzitter van de raad van toezicht van de stichting. „Een op de negen mensen heeft bijvoorbeeld moeite om een treinkaartje via een automaat te kopen.” Het aantal laaggeletterden zal bij ongewijzigd beleid alleen maar toenemen, zegt Van Bijsterveldt, die zelf tussen 2010 en 2012 minister van Onderwijs was.

„40 procent van de voortijdige schoolverlaters in Rotterdam is laaggeletterd, beheerst de taal niet op vmbo-niveau. Maar je kunt niet zonder taal. Als dit doorgaat, kan een steeds grotere groep het niet meer bijbenen. Dan werk je tweedeling in de hand.”

Voorzitter Hans de Boer van de werkgeversvereniging VNO-NCW spreekt van een „persoonlijk drama”. „Als het rapport van de Rekenkamer iets duidelijk maakt, is het wel dat de aanpak van laaggeletterden hogere prioriteit verdient”, zegt hij. FNV-voorzitter Ton Heerts:

„Laaggeletterden komen moeilijk aan een echte baan en hebben vaker onzeker werk met te weinig perspectief.”