‘Laat die uitzichtloze dogma’s los’

Europa moet het moralisme laten varen en kiezen voor „gezond verstand”, vindt de Belgische econoom. „Het risico op een Grexit is nog even groot.”

Een wijk in Athene, met een schildering van kunstenaar INO. Vrijdag buigen de ministers van Financiën van de eurolanden zich weer over de problemen rond de Griekse schulden.

Grexit: Shakespeare had er graag zijn handtekening onder gezet. Het drama dat zich zomer vorig jaar rond de Griekse eurocrisis afspeelde maakte van de stoffige Brusselse wandelgangen een slangenkuil. Wel of niet een derde lening van 86 miljard euro voor noodlijdend Griekenland, bovenop de 240 miljard steun die al was toegekend? Er waren nachtelijke marathonvergaderingen eindigend in cliffhangers. Gingen de Grieken níét akkoord met de voorwaarden, dan dreigde vertrek van Griekenland uit de eurozone. In een shakespeareaanse slotscène volgt dan doorgaans de doodssteek.

Zo is het helaas ook in het echt gegaan, vindt de Belgische econoom Paul De Grauwe, verbonden aan de London School of Economics en vermaard om zijn scherpe kritiek op Europa’s bezuinigingsbeleid. „Europa en het Internationaal Monetair Fonds zegden uiteindelijk die 86 miljard krediet toe, maar in ruil moesten de Grieken maatregelen nemen die hun economie nog verder zouden wurgen. We zijn nu tien maanden verder en het risico op een Grexit is nog even groot.”

Vrijdag buigen de ministers van Financiën van de eurolanden zich weer over de problemen rond de Griekse schulden. Om in aanmerking te komen voor een volgende tranche van 5 miljard van de 86 miljard-lening moet Griekenland aantonen dat het de beloofde hervormingen en bezuinigingen heeft doorgevoerd. Daarvan is geen sprake, vindt kredietverschaffer IMF. Het IMF verwijt collega-crediteur Europa „onrealistisch beleid” ten aanzien van Griekenland. Eurogroep-voorzitter Jeroen Dijsselbloem verzekert echter: „We zijn juist dichtbij een akkoord”.

Wie heeft gelijk, IMF of Eurogroep?

Paul De Grauwe: „Het IMF begrijpt gelukkig de kern van de zaak: er moet een schuldenherschikking komen. Maar de Europese hardliners, Nederland, Duitsland en Finland, houden vast aan hun harde eis dat de Grieken alles terugbetalen. Die bijna religieuze houding deugt niet.”

Religieus? Nederlands calvinisme, bedoelt u?

„Zo kun je het noemen, ja. Dijsselbloem speelt vals spel, want hij doet net of hij het morele gelijk aan zijn zijde heeft. Natuurlijk is het de fout van de Grieken dat ze schulden hebben opgestapeld. Maar die konden alleen maar ontstaan doordat bankiers uit Nederland en Duitsland al die jaren miljardenkredieten in Griekenland plaatsten. It takes two to tango.”

Maar dat je wilt dat iemand zijn lening terugbetaalt is toch begrijpelijk?

„Dat is het níét als je beseft dat de ontsporing een gedeelde verantwoordelijkheid is, van debiteuren én crediteuren. Nu willen de crediteuren het onderste uit de kan halen. Die morele houding is verwerpelijk en niet gebaseerd op de diepere oorzaak van de crisis: een eurozone van ongelijke spelers, een weeffout in het systeem.”

Wat is de oplossing?

„Het moralisme moet plaatsmaken voor pragmatisme. Water bij de wijn dus. Maar in plaats daarvan houden Dijsselbloem cum suis zich vast aan hun uitzichtloze dogma’s. Einstein zei het al: als je iets blijft proberen terwijl het telkens weer mislukt, dan toon je een gebrek aan verstand.”

U verwijt Dijsselbloem gebrek aan verstand?

„Een gebrek aan gezónd verstand.”

De Griekse crisis houdt aan. Heeft de in uw ogen ‘dogmatische’ aanpak van de crisis Europa wat goeds opgeleverd?

„Nee, want het heilige dogma van de Europese politieke elite - overheidsschuld is des duivels! – houdt iederéén gegijzeld. Maar zolang burgers en bedrijven geen vertrouwen hebben in de toekomst en hun geld in hun zak houden, is het juist de overheid die moet investeren in grote publieke werken.”

En zich daarmee in de schulden steken?

„Het was nog nooit zo goedkoop om staatsobligaties uit te geven. De rentes zijn historisch laag. De financiële markten sméken overheden in landen als Nederland en Duitsland: ‘Kom maar op met je obligaties, we nemen ze desnoods voor niks op. Doe wat!’ Maar ze doen niks. Bezeten door hun dogma’s. En intussen komt er niks van de grond.”