1.700 kilometer lopen om een prijs op te halen

De Australische fotograaf Warren Richardson, winnaar van de World Press Photo 2015, is uit Boedapest komen lopen om zijn prijs in Amsterdam op te halen. ‘Het vluchtelingenprobleem is verbonden met onze materialistische houding.’

Warren Richardson op het strand van Scheveningen. Morgen haalt hij de World Press Photo prijs op in Amsterdam. Foto Marlies Wessels

‘Ik moet echt nieuwe schoenen. De zolen hangen er los bij.” Warren Richardson (47), winnaar van de World Press Photo 2015, klinkt nogal uitgeput als hij ergens bij Edam zijn mobieltje opneemt.

De Australische fotojournalist, die aanstaande zaterdag tijdens de ceremonie in het Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam zijn prijs in ontvangst zal nemen, is eind februari vanuit zijn woonplaats Boedapest vertrokken.

Mede uit solidariteit met de vluchtelingen die hij het afgelopen jaar fotografeerde aan de Servisch-Hongaarse grens, besloot Richardson de route te voet af te leggen. „Ik speelde al met dit idee voordat ik tot winnaar van de WPP werd verkozen. Mijn oorspronkelijke plan was om door Duitsland, via Denemarken, Zweden en Noorwegen naar de poolcirkel te lopen. Toen ik door WPP werd gebeld, besloot ik mijn reis aan te passen en een omweg via Amsterdam te maken.”

De fotograaf legt uit dat er meer redenen zijn waarom hij, met een rugzak van 24 kilo, zonder landkaart of gps-ontvanger, het continent doorkruist. „Ik wilde ervaren of ik, slechts gebruik makend van de elementen, in staat zou zijn mijn weg door Europa te vinden.”

Inspiratiebron voor dit plan was Emergency: This book will save your life, een survivalboek van de Amerikaanse schrijver Neil Strauss. „Daarin wordt ondermeer beschreven hoe we onze oorspronkelijke overlevingstechnieken zijn vergeten. Dat intrigeerde me. Tijdens mijn tocht heb ik de grote rivieren gevolgd en wist me, met behulp van de stand van de sterren, telkens te oriënteren.”

Vier keer gedoucht

De reis – Richardson heeft inmiddels ruim 1.700 kilometer te voet afgelegd – is hem tot nu toe best zwaar gevallen. Onderweg slaapt hij in het bos, onder bruggen of, zo af en toe, bij iemand thuis. Tot nu toe heeft hij maar vier keer kunnen douchen. En na de eerste vijftien dagen werd hij in de buurt van Salzburg, door het drinken van vervuild water, flink ziek. „Ik kon niet meer ophouden met overgeven. Ik was zo beroerd dat ik me nauwelijks meer kon bewegen. Een 27-jarige Iraakse vriend heeft me toen geholpen. Hij woont met een aantal anderen in een opvanghuis voor vluchtelingen in een dorp in Duitsland. Een deprimerende situatie.”

Dat geldt ook voor de andere bevriende vluchtelingen – een Libanees, een Syriër en twee Irakezen – die Richardson, gedurende zijn wandeltocht, heeft opgezocht. „Ik heb ze vorig jaar ontmoet bij de Servisch-Hongaarse grens. Nu bevinden ze zich in een opvangcentrum en een basketbalstadion in Duitsland. Ze wonen met meerderen op een kamer, één van hen heeft een depressie, de ander woedeaanvallen. Het is zwaar.”

Veel hulp

Toch heeft Richardson, die gedurende de reis foto’s maakt, ook veel positieve dingen meegemaakt. „Ik krijg veel hulp. Het is ongelofelijk hoe ik word ontvangen in Nederland. Ik krijg voedsel aangeboden, mensen laten me bij hen thuis slapen. Soms word ik herkend.”

Twee dagen terug sliep hij een nachtje in de duinen, in de buurt van Scheveningen. „De nacht was helder en ik zag hoe Orion langzaam in de Noordzee zakte.” Zijn tocht vormt ook een persoonlijke aanklacht tegen het huidige materialisme van het Westen. „Thuis koop ik geen nieuwe spullen, ik heb geen auto. Als je kijkt naar de vluchtelingenproblematiek, dan is deze ook indirect verbonden met onze materialistische houding. We bemoeien ons met Irak en Syrië vanwege de olievoorraden. Een deel van de problemen is hierdoor ontstaan. Ondertussen zijn we bang dat, met de komst van de vluchtelingen, onze welvaart wordt aangetast.”

Zelf kijkt hij er enorm naar uit om, als hij vandaag of morgen in Amsterdam arriveert, zijn zoontje weer te zien. „Hij is vorige maand vijf geworden en daar was ik niet bij. Dat vond ik echt heel moeilijk. Zijn moeder heeft me verteld dat hij elke dag een brief aan mij schrijft die op een plank in de kast wordt gelegd en die niemand anders mag lezen.”

Na de ceremonie zaterdag gaat hij weer door, te voet naar de poolcirkel. Hij heeft berekend dat zijn totale reis zal uitkomen op zo’n 3.800 kilometer. Hij kijkt ernaar uit. Maar nu eerst de aankomst in Amsterdam. „Misschien kan ik nog een keer mijn kleren laten wassen.”