Liever een klassiek concert

Als klassiekemuzieknerd is het goed om zo nu en dan naar een popconcert te gaan. (Je moet toch weten wat er speelt in de samenleving, nietwaar?) Zo ging ik een paar weken geleden naar Weezer in de Heineken Music Hall. Prima optreden, maar wat ben ik blij dat ik zoiets niet iedere week hoef te doorstaan. Klassieke concerten zijn drieduizend keer fijner. Laat me je uitleggen waarom.

1. Ik hoor niet-klassiek-minnende vrienden weleens klagen dat klassieke concerten voorspelbaar zijn: het programma staat vast. Maar is dat erg? Als je naar een optreden van Prince gaat, zit je misschien wel helemaal niet te wachten op die nieuwe nummers, je wil gewoon ‘Purple Rain’. Bij klassiek krijg je waarvoor je komt.

2. In het Concertgebouw, de Doelen of TivoliVredenburg hoef je niet een kwartier in de rij te staan voor dure muntjes om die vervolgens aan veel te duur bier uit te geven – je drankje zit meestal bij je kaartje inbegrepen. Ook hoef je niet zes (!) euro (waarvan twee euro borg) te betalen voor een kluisje. Je kunt je mantel gratis en bewaakt laten ophangen door leuke meisjes.

3. Er is geen stom voorprogramma waar je helemaal niet om hebt gevraagd. Je hoeft ook geen uren te wachten, want de boel begint netjes op de afgesproken tijd.

Er is geen gebullshit met toegiften – die krijg je niet

4. Je hebt in het Concertgebouw niet alleen veel beter geluid, je hebt ook altijd goed zicht op het podium. Je hoeft niet voor je plekje te vechten, de stoeltjes zitten goed en je wordt niet vertrapt in een moshpit. Er staan geen mannen tegen je aan met van zweet doordrenkte houthakkershemden (over het algemeen dan).

5. Niemand haalt het bij klassieke concerten in z’n bolle kop om het hele gebeuren met een smartphone vast te leggen. Je kunt het concert gewoon met je eigen ogen zien in plaats van door het scherm van de gast die toevallig voor je staat. Bij een Mahler-symfonie staat er nooit iemand achter je de tekst mee te blèren of eens lekker bij te kletsen over de vakantie. Het publiek houdt gewoon z’n mond.

6. Het bij popconcerten verplichte blokje ‘interactie met het publiek’ blijft achterwege. Althans, ik heb nog nooit meegemaakt dat een dirigent zich omdraaide naar het publiek en vroeg: „Is everybody having a good time? I can’t hear you!”

7. Je hebt geen gehoorbeschermers nodig wegens onverantwoord hoog volume. Er is geen gebullshit met toegiften – die krijg je toch niet. Je wordt wakker en denkt aan al het moois dat je hebt gehoord. En dat zonder piep in je oren.