De zware nachten na de arbitrale blunder

Scheidsrechter Danny Makkelie ligt onder vuur. Charles Corver weet hoe het voelt, hij ging in de fout op het WK van 1982.

PSV-speler Willy van der Kuijlen (links), scheidsrechter Charles Corver en toenmalig AZ'67-speler Willem van Hanegem betreden het veld voor een competitieduel in het seizoen 1978-1979. Foto PICS UNITED

Oud-toparbiter Charles Corver keek zondagmiddag thuis in Leidschendam met zijn jongste, veertienjarige kleinzoon via Fox Sports naar Ajax tegen FC Utrecht. Hij heeft twee kleinzoons die beiden voetballen, ze horen graag de analyse van hun grootvader over spelsituaties en arbitrale beslissingen.

Dan, de 86ste minuut, het veelbesproken strafschopmoment, de val van Ajax-spits Arek Milik na een onschuldige ingreep van FC Utrecht-aanvoerder Willem Janssen. Corver twijfelde even. „Goh, is dat wel een strafschop? Toen ik de herhaling zag, zei ik gelijk tegen mijn kleinzoon: nee, die had opa niet gegeven.”

Charles Corver (80) is een oud-arbiter met aanzien – hij floot twee EK’s, twee WK’s en vier Europacup-finales. ‘Scheidsrechter van de eeuw’ noemde weekblad Voetbal International hem rond de millenniumwisseling. Hij beëindigde zijn veertienjarige loopbaan als arbiter in het profvoetbal in 1983 en was daarna 22 jaar waarnemer voor de KNVB, UEFA en FIFA.

Hij weet zo ongeveer wat de gebeten scheidsrechter Danny Makkelie – die Ajax de strafschop gaf – nu doormaakt. „Het is de positie die Makkelie innam waardoor hij het niet goed zag.” De positie in het veld, het kan cruciaal zijn. Corver kende een vergelijkbaar incident, bij de halve finale van het WK in 1982 in Sevilla tussen West-Duitsland en Frankrijk.

De Duitse doelman Harald Schumacher vloog bij het uitkomen met zijn heup onbesuisd op het hoofd van Patrick Battiston, zonder intentie de bal te raken. De Fransman werd bewusteloos met brancard van het veld gedragen, met drie gebroken tanden, een gekneusde wervel, een zware hersenschudding en een haarscheurtje in de halswervel. Later raakte hij in coma, hij kon een half jaar niet voetballen.

Corver ontging de botsing, Schumacher bleef onbestraft. „Ik heb het niet gezien, dan kan je ook geen moeilijke beslissingen nemen.” Hoe kon de arbiter het missen? Corver lette op het bewuste moment op het zachte schot van Battiston, dat hij net voor de klap nog met zijn linkervoet kon geven. „Ik volgde, net als iedereen in het stadion, de bal die net langs de goal hobbelde. Toen zag ik ineens een Fransman liggen. Ik ben toen onmiddellijk naar mijn grensrechter gerend, de Schot Valentine, en vroeg hem wat hij had gezien.” Het antwoord: not intentional, niet opzettelijk.

Kritiek van Michel Platini

Twee dagen later zag Corver de beelden, toen hij thuis was. Als hij de aanslag had gezien tijdens het duel, zou hij een penalty en een rode kaart hebben gegeven, zegt hij nu. Hij irriteerde zich aan het gedrag van de Duitse doelman, die deed alsof er niets gebeurd was en tegen een doelpaal leunde terwijl Battiston languit op de grond lag te kermen. „Ik had nul punt nul waardering voor Schumacher.”

De arbiter kreeg veel kritiek, met name vanuit de Franse media en de Franse selectie. Aanvoerder Michel Platini zei dat zij tegen twaalf Duitsers hadden gespeeld. Corver: „Hij wist niet dat mijn vader een Fransman is die in Parijs is geboren. Ik was zeer beledigd.” Hij had het kort na het WK moeilijk met de kritiek en sliep een paar dagen slecht.

Maar het bijzondere is dat de misser zijn loopbaan niet verpest heeft. „Nee, het incident heeft mijn carrière juist vergroot.” De rehabilitatie volgde snel, Corver werd gesteund door wereldvoetbalbond FIFA. Hij kreeg van de hoogste scheidsrechtersbaas, de Rus Nikolay Latyshev, een 9,5 voor zijn optreden in de halve finale. „Hoger werd nooit gegeven. Volgens het wedstrijdrapport heb ik het duel goed aangevoeld, geen overdreven gele kaarten gegeven en gezag afgedwongen.”

Kort na het WK mocht Corver drie mooie interlands leiden en in zijn afscheidsjaar 1983 werd hij aangesteld voor de UEFA Cup-finale. Hij voelde dat de scheidsrechtersbazen hem niks kwalijk namen. „Ze wilden even laten zien, al dat geklets dat ik nu toevallig die botsing tussen die twee niet had gezien, daar hoefde ik niet voor afgestraft te worden.”

Eén foute inschatting bij Makkelie, of één moment van onachtzaamheid in het geval van Corver – je ontkomt er soms niet aan als arbiter. Corver ergerde zich aan de spelers van FC Utrecht die Makkelie belaagden. „Dat had mij niet gebeurd. Ik vind dat veel spelers in het betaald voetbal een beetje over het paard getild zijn. Dat was vroeger niet. Als Van Hanegem of Cruijff eens vervelend tegen mij deden, zei ik: ik zal je nu een vermaning geven, maar de volgende keer is het afgelopen met je. Dan luisterden ze wel.”

Corver, die een baan had als landelijk verkoopleider bij Heineken, was begin jaren negentig twee jaar lid van de scheidsrechterscommissie die arbiters beoordeelt en aanstelt. Zou hij Makkelie, die woensdag Heracles Almelo tegen Feyenoord leidt, door alle consternatie van het volgende duel afhalen? „Ik zou hem gebeld hebben, hoe voel je je, wil je liever een week rust hebben, zeg het maar. Ik zou het verschrikkelijk moedig van hem vinden als hij gewoon fluit, en zegt: ik geloof in mezelf. Dat is het belangrijkste wat je in de fluiterij moet doen.”