Wat voelt als van jezelf behoort je ex niet toe

De wet voor trouwen in gemeenschap van goederen is niet meer van deze tijd, menen Judith Swinkels, Jeroen Recourt en Foort van Oosten.

Foto NRC Fotodienst

In gemeenschap van goederen trouwen, dat is nu de standaard. Klinkt romantisch, maar het is niet meer van deze tijd. Internationaal loopt Nederland ook nog eens achteraan. Alleen in Zuid-Afrika en Suriname wordt er nog, net als in Nederland, in een algehele gemeenschap van goederen getrouwd.

Vanaf het moment dat je trouwt is nu nog alles van je samen. Zowel bezit als schulden. Zo kan een partner na het huwelijk erachter komen dat de kersverse echtgenoot een torenhoge schuld heeft. Vanaf het huwelijk ben je opeens verantwoordelijk voor de helft van die schuld.

Dat moet anders, vinden wij van D66, PvdA en VVD. We dienden een voorstel in om de standaard aan te passen. Binnenkort trouw je in een beperkte gemeenschap van goederen. Vermogen of schulden van voor het huwelijk, erfenissen en giften vallen buiten de gemeenschap. Zo deel je alleen datgene wat je samen opbouwt.

De nieuwe standaard moet gelden voor toekomstige huwelijken. Mannen en vrouwen trouwen steeds later, maken allebei carrière en hebben vaak dus al bezittingen van voordat ze in het huwelijksbootje stapten. Onderscheid tussen vermogen van voor en na is dan ook logisch. Mijn en dijn blijft zo gescheiden en toch samen. Want wat je zelf verdiend hebt, het vermogen dat je gespaard hebt, de auto die je kocht in die tien jaar tussen studie en huwelijk, dat voelt vaak aan als van jezelf.

Dat is geheel anders voor het inkomen dat je tijdens het huwelijk samen verdient, het huis dat je samen koopt. Daarvan zal bijna iedereen zeggen: dat is van óns. Toch zegt de wet nu nog wat anders: alles is automatisch van beide partners. Lotsverbondenheid met terugwerkende kracht dus. Ook schulden van voor het huwelijk worden automatisch als ballast in het huwelijksbootje meegenomen.

Tegenstanders van ons voorstel betogen dat wij iedereen onder huwelijkse voorwaarden willen laten trouwen. Dat wij alle romantiek de nek omdraaien. Een misverstand. ‘Huwelijkse voorwaarden’ is niet meer dan een contract dat je sluit bij de notaris omdat je wilt afwijken van de huidige wettelijke standaard van gemeenschap van goederen. Wil je nu je voorhuwelijks vermogen en schulden privé houden, dan moet je dat nu zelf expliciet regelen door bij de notaris huwelijkse voorwaarden op te stellen. Maar wie gaat trouwen denkt veelal liever niet na over financiële zaken, ook niet over de verdeling bij een onverhoopte scheiding. Daarom moet de wettelijke regeling – die automatisch geldt als je zelf niets regelt – aansluiten bij de wensen van de meeste mensen. Met de aanpassing van de wet wordt het omgedraaid en hoeven er juist minder huwelijkse voorwaarden gemaakt te worden. Méér ruimte voor romantiek!

Die gescheiden vermogens houd je natuurlijk alleen gescheiden als beide echtgenoten zich als boekhouders gaan gedragen, stellen tegenstanders. Als zij elk bonnetje bij elkaar declareren. Dit argument schetst een weinig reëel beeld; er is helemaal geen verplichting tot administreren. Vergeet je het, of wil je het niet, dan springt de wet in. Kan niet bewezen worden dat iets van de ene of de andere echtgenoot is? Dan is het van allebei, als vanouds. Het gaat ons om die dingen waarvan je het belangrijk vindt om zelf over te kunnen beschikken, zoals een erfenis.

Het huwelijk bevestigt een vitale band, ‘tot de dood ons scheidt’. Tegelijk moet de wetgever niet wegkijken van de realiteit: een derde loopt voortijdig spaak, vaak gepaard met ruzie over de verdeling. Door het voorhuwelijkse buiten de huwelijksgemeenschap te houden is er minder waarover ruzie kan ontstaan. Ook voorkomt het dat iemand na het stranden van het huwelijksbootje met een oude schuld van de ex wordt opgezadeld. Vechtscheidingen voorkomen doe je er niet mee, maar er ligt wel minder hooi op de brandstapel.