Rekent u ook even de milieuschade af?

Een eerlijk prijskaartje leert de consument dat duurzaam voedsel niet te duur is en dat regulier geproduceerde producten veel te goedkoop zijn, hopen Peter Blom en Volkert Engelsman.

Foto Matthijs Jaspers en Scato van Opstall

De echte prijs van peren, druiven en ananassen? Vanaf vandaag wordt die vermeld op de schappen van de biologische supermarkt Ekoplaza en die van natuurvoedingswinkels zoals de Gimsel in Rotterdam. Winkels elders in Europa gingen Nederland voor.

In euro’s staan de maatschappelijke kosten aangegeven voor klimaat, water, bodem, biodiversiteit, sociale cohesie en gezondheid. Op een kaartje met een zesbladige bloem, dat zowel de kosten voor het biologische fruit aangeeft als voor de gangbare tegenhanger uit dezelfde regio.

Het belang van deze informatie is groot. Consumenten hebben nu een verkeerd beeld van wat de voedselproductie kost als je de maatschappelijke impact meeneemt. Ze maken daardoor geen duurzame keuzes. Neem de peren in onze schappen, vaak afkomstig uit Argentinië. Voor de teelt van conventionele peren worden kunstmest en pesticiden gebruikt, gemaakt met fossiele brandstoffen. Boeren hoeven er niet te composteren om de bodem vruchtbaar te houden, waardoor er minder kooldioxide wordt opgeslagen.

In 2014 ontwikkelde VN-voedselorganisatie FAO een methode om de verborgen kosten uit te rekenen. Een tabel met constanten, waarmee watergebruik, watervervuiling, broeikasgasemissie en dergelijke berekend kunnen worden. FAO koppelt de uitstoot van een kilo broeikasgas aan een bedrag dat de daardoor veroorzaakte opwarming van de aarde kost.

Met deze methode kun je berekenen dat de verborgen klimaatkosten van een hectare Argentijnse perenboomgaard 3.144 euro per jaar zijn. Waterkosten, door verbruik en vervuiling: 752 euro. Bodemerosie: 1.163 euro.

De belastingbetaler draagt uiteindelijk de kosten van waterzuivering en subsidie op irrigatiewater. Of volgende generaties draaien ervoor op.

Echte prijs brengt onrechtvaardige situatie aan het licht

Bij de biologische teelt van peren in Argentinië zijn er ook verborgen kosten, maar die blijken een stuk lager. De klimaatopwarmingskosten en waterkosten van de biologische teler Hugo Sanchez in de Regio Negro Vallei zijn bijvoorbeeld jaarlijks 870 euro minder dan gebruikelijk. Qua bodemgebruik is er zelfs sprake van een maatschappelijke winst van 254 euro. Sanchez erodeert de bodem namelijk niet, maar verbetert die, hij composteert. In totaal leveren zijn biologische peren een maatschappelijk voordeel op van minimaal 2.287 euro per hectare boomgaard – verborgen kosten voor biodiversiteit, gezondheid en sociale effecten zijn hierin nog niet meegenomen. Per kilo leveren de biologische peren een voordeel op van minimaal 5,7 cent per kilo, ondanks een 17 procent lagere productie per hectare.

Al jaren komen NGO’s en onderzoeksinstellingen met rapporten die de verborgen kosten van de gangbare voedselproductie aan het licht brengen. In 2005 publiceerde David Pimentel van Cornell University (USA) een eerste wetenschappelijk artikel over de verborgen kosten van pesticidegebruik in de VS. Die schatte hij op 10 miljard dollar, waarvan 1,1 miljard voor gezondheid en 2 miljard voor watervervuiling.

Hoewel True Cost Accounting een vlucht neemt, houdt het bedrijfsleven de ware kosten verborgen in dikke rapporten van de Afdeling Duurzaamheid. Berekeningen en methodes blijven geheim. Op productniveau is het voor consumenten een black box.

Dankzij de FAO-methode kan iedere organisatie nu de verborgen kosten per product uitrekenen, als de CO2-voetafdruk, watervoetafdruk en bodemerosie voor het product bekend zijn. Met de cijfers in het winkelschap komt de consument er dan al snel achter dat duurzame producten niet te duur zijn, maar dat gangbaar geproduceerd voedsel te goedkoop is.

Dat brengt een onrechtvaardige situatie aan het licht: de consument die voor meer geld duurzaam inkoopt en daarmee de maatschappij geld bespaart, moet nog steeds evenveel via de belasting meebetalen aan afgewentelde kosten. Door verborgen kosten transparant te maken, kunnen we een gelijk speelveld stimuleren.

Ook om de waarde van een bedrijf te kunnen bepalen, zou je het verlies voor mens en planeet moeten meenemen. KPMG ontwikkelde daartoe al de True Value-methodiek, waarbij bedrijven hun waarde inclusief maatschappelijke waardecreatie in beeld kunnen brengen. Dit geldt nu nog als ‘extra’, maar we verwachten dat dit in de komende jaren een integraal onderdeel wordt van de relatie die een onderneming met de samenleving onderhoudt, een ‘license to operate’.