Het kasboek, die zes ton cash – allemaal van ‘een vriend’

Wie: Sacha, Donny, Ron

Kwestie: hasjhandel, witwassen en vuurwapenbezit

Waar: rechtbank Amsterdam

Dit is, zegt de officier, een zaak van drie zwijgende mannen, 75 kilo hasj, ruim 6 ton contant geld, een vuurwapen en een dure Mercedes. De Kroaat Sacha (38), tien jaar terug veroordeeld tot 4,5 jaar wegens het „teweegbrengen van een ontploffing”. En vader en zoon Ron (56) en Donny (26), stratenmakers uit een dorpje bij Leiden. Zoon had eerder akkefietjes vanwege drugshandel en mishandeling, pa wegens fraude, onder meer met een faillissement.

Het drietal is bijvangst van een politieonderzoek naar ondergronds bankieren. Daarin was een geldkoerier hoofdpersoon. Iemand die op telefonische afspraak tassen vol cash her en der in Nederland bezorgt. Via een telefoontap kreeg de politie Sacha „in beeld”, een van de adresjes van de geldkoerier.

De politie vermoedde bij Sacha witwassen of drugshandel – waarna Donny in de bellijst van Sacha opdoemde. Met sms’jes over een afspraak op de parking van Ikea bij Bijlmer Arena. Daar laadde Donny op een zomerse dag twee dozen met elk 25 kilo voorverpakte hasj in de auto van Sacha. De politie keek toe en schaduwde beiden daarna.

In het huis van Sacha bleek nog zo’n doos te staan, maar dan met lege verpakkingen. En in het huis van Donny en Ron vond de politie tassen en zakken vol met 500-eurobiljetten. Voor het huis stond de nieuwe Mercedes SLC cabrio van Ron, nieuwwaarde ruim een ton.

In hun woonkamer lag een leren map, met een kasboek, met data en bedragen ‘in’ en ‘uit’. Voor stekken, knippen, voeding, alarm, airco, spray, schoonmaak en „hokken”. Een hennepbedrijf? Zouden Donny en Ron niet alleen hasjhandelaren, maar ook hennepkwekers zijn?

Op de map zaten ook de vingerafdrukken van een zekere P., onlangs veroordeeld wegens drugshandel. Alle kosten bleken te zijn gedeeld door drie. Uit het kasboek en de telefoongegevens van Donny leidde de politie af dat er nog een tweede levering aan Sacha moest hebben plaatsgevonden. Ook die wordt hun ten laste gelegd.

Bevredigende verklaringen hebben Sacha, Donny en Ron niet. Het geld, de inhoud van de dozen, het kasboek, het was allemaal van „een vriend”. Zij bewaarden het als, inderdaad, een vriendendienst. Wat erin zat, geen idee. „Wij kijken niet in andermans spullen.” Die Mercedes was betaald door een zakenrelatie van Ron, van wie hij het geld zou hebben geleend.

Dat stratenmakersbedrijfje, doet u daar nog wat mee, vraagt de rechter. „Af en toe een tuintje”, zegt Donny, maar hij leeft vooral van z’n spaargeld. Hij had met bestraten „goed verdiend” en woont goedkoop in hetzelfde huis als z’n vader, die weduwnaar is. Meer wil Donny niet vertellen. Ron zegt dat hij „adviseur bestratingen” is, voor gemeenten, en daarvan leeft. De mannen verwijzen alle vragen beleefd door naar de advocaten.

Die concentreren zich op wat zij als zwakke plekken in het dossier zien. De politie observeerde één drugslevering; de andere werd afgeleid uit het kasboek, gegevens van telefoonmasten en de aangetroffen lege doos. Maar gezien is er niks, fysieke sporen ontbreken, het kasboek is in codetaal – te dun om als bewijs te dienen.

De officier eist verbeurdverklaring van de 6 ton en de auto – vader moet van het OM 18 maanden de cel in, zoon 22 maanden. Sacha zat al 5 maanden in voorarrest; dat vindt de officier als straf genoeg.

De rechtbank acht de tweede hasjlevering inderdaad niet bewezen, maar veroordeelt Donny tot 30 maanden. Het witwassen wordt niet alleen zijn vader aangerekend, maar ook hem. Zijn bestelauto wordt verkocht, het geld verbeurd verklaard. Ron krijgt 21 maanden. Zijn cabrio wordt verkocht. Sacha krijgt 5 maanden.