Bertens leed, maar schreeuwde niet om hulp

Kiki Bertens Ze is dit weekend de kopvrouw van het Nederlandse Fed Cup-team, dat in de halve finale tegen Frankrijk speelt. De macht in haar lichaam is terug, na een slopend jaar.

Foto Andreas Terlaak/NRC

Tweede helft van 2015, Kiki Bertens is moe. Maar er is geen tijd om rusten, om geestelijk en lichamelijk te herstellen na een slopende periode. Bertens speelt door. Volgende vlucht boeken, volgende stad – Tokio, Seoul, Tasjkent. Volgend toernooi, volgende tegenstander. Veel verliezen. Door, ze wil niet zeuren, geen pauze inlassen, ze is nu toch gezond verklaard?

Eerder dat jaar, mei 2015, Parijs. Met trillende stem doet Bertens haar verhaal op Roland Garros. Een jaar lang leeft Nederlands beste tennisster in de veronderstelling dat ze mogelijk kanker heeft, door een knobbel in haar schildklier. Goedaardig of kwaadaardig, artsen kunnen geen uitsluitsel geven. Alleen intimi zijn op de hoogte van haar medische probleem. Kort voor Roland Garros krijgt ze duidelijkheid, het is goedaardig. In Parijs vertelt ze geëmotioneerd over de angst die ze had.

En de opluchting. Maar haar strijd kostte veel energie; de onzekerheid, de stress over een mogelijke ziekte, de carrière die een jaar lang op losse schroeven stond, waarom trainde ze eigenlijk nog? Haar lichaam raakte ontregeld, ze had last van onregelmatige menstruatie, ze sliep slecht. Ze werd angstig, raakte het vertrouwen in haar lichaam kwijt, had pijntjes, liet bij buikpijn uit voorzorg gelijk haar bloed prikken.

In mei is ze verlost van de twijfel rond de knobbel, maar de nasleep beheerst de rest van 2015. Door de lange periode vol stress is ze vermoeid, ze valt fysiek ver terug, kan niet meer normaal trainen, raakt gefrustreerd. Ze bouwt geen rustperiode in, gunt zichzelf geen tijd om op adem te komen. Als tennisser is het een duivels dilemma om midden in het seizoen een break in te bouwen, dat kost punten voor de wereldranglijst. Ze doet het niet, speelt verder.

Tussen de trainingen en wedstrijden door ligt ze veel op bed in de hotelkamer, uitgeput. Moe, ze noemt het woord ruim tien keer tijdens het interview. Ze verliest op de WTA-toernooien bijna overal in de eerste ronde, ze zakt weg op de ranglijst – al wint ze op de US Open bijna een set van Serena Williams.

Stuntploeg

Kiki Bertens (24) zit in de kantine van ATV Berkenrode, de club waar ze als zesjarige begon met tennis. Aan de wand hangt een portret van haar eerste titel bij de Nederlandse kampioenschappen in 2010. Kiki, trots van de club. Ze heeft hier in Berkel en Rodenrijs, boven Rotterdam, sinds twee jaar een huurhuis en traint op de club als ze even thuis is.

Dit weekeinde is ze de kopvrouw van het Fed Cup-team, dat in de halve finale in en tegen Frankrijk speelt. Het is voor het eerst sinds 1997 dat de Nederlandse tennissters in de halve eindstrijd van het landentoernooi staan. Onder leiding van Bertens – ze won negentien keer, tegenover twee nederlagen – werkte de stuntploeg zich vanuit de krochten van het landentennis omhoog naar de elite.

Bertens praat snel, zonder getreuzel. Ze perst een gesprek van ruim anderhalf uur in een uur. Ze wacht vragen soms niet af, intuïtief weet ze waar het naartoe gaat. Zoals over Raemon Sluiter, die haar sinds september coacht, de samenwerking begon met veel verliespartijen. Ze countert, ze was toen verre van fit en zat niet goed in haar vel – ze wil maar zeggen: het lag niet aan Sluiter of hun samenwerking.

Ze is nu vrolijk, alert, fit. De macht in haar lichaam is terug. Ze heeft de moeilijke periode afgesloten. In het najaar liet ze enkele toernooien schieten, ze tankte bij, rustte uit. Ze maakte een herstart, eind vorig seizoen: veel baanuren met Sluiter en daarnaast de fysieke trainingen bij conditietrainer Errol Esajas.

Vijf kilo afgevallen

Het is lunchtijd, een broodtrommel met salade staat voor haar, die heeft ze vanmorgen klaargemaakt. Ze eet gezonder. Ze was vorig jaar te zwaar, nu is ze afgevallen, rond de vier, vijf kilo. Er kan nog steeds wat af, zegt ze. Als ze niet oplet, wordt ze snel weer zwaarder. Tegelijkertijd moet het verlies in kilo’s niet doorschieten, ze heeft die kracht nodig, het hoort bij haar powerspel, de mokerslagen. Daarin moet ze een balans vinden.

Haar renaissance vertaalt zich naar resultaten. Kwartfinale in het Australische Hobart in januari. De krachttoer in de kwartfinale in en tegen Rusland, in februari. Op drift in Miami in maart, in de derde ronde legt ze een set lang Australian Open-kampioene Angelique Kerber op de pijnbank. Tot ze zich met maagklachten – ze moest overgeven – noodgedwongen terugtrekt. Na het zuur in 2015, het zoet in 2016: ze keert terug in de tophonderd.

Bertens heeft weer vrede gesloten met haar lichaam, ze voelt zich sinds het begin van het seizoen in conditie, kan weer normaal trainen, speelde in zes weken 25 wedstrijden in Mexico en de VS. Warme temperaturen, veel zweten, herstellen. Ze houdt het vol, dat is de grootste winst.

Vorig seizoen was ze na een driesetter kapot, nu speelt ze negen sets in twee dagen, inclusief een nachtelijke vlucht in Mexico, van Acapulco naar Monterrey. Het voelt als een bevestiging, het doorstaan van een soort fysieke proef.

De coach die haar groot maakte loopt voorbij, Martin van der Brugghen. Hij lacht. „Zegt ze nog wat zinnigs?” Hij geeft haar een schouderklopje. Haar tweede vader? Ze knikt. Hij kent haar beter dan zij zichzelf, denkt ze. Hij hielp haar toen ze jong was, ook financieel, veel trainingsuren rekende hij niet. Een vertrouwenspersoon, die ze ’s nachts kan opbellen als er iets is.

Een jaar lang leeft ze in onzekerheid: is de knobbel in haar schildklier goedaardig of kwaadaardig?

Maar ook voor hem stopte ze haar zorgen vorig jaar diep weg. ‘Gaat het echt wel?’, vroeg hij af en toe aan Bertens. ‘Het gaat prima’, zei ze dan. Ze leed, maar schreeuwde niet om hulp. Ze verborg haar worsteling, waardoor niemand ingreep en haar tot rust maande. Het zit niet in haar karakter om emoties snel uit te spreken.

Die gevoelens uit ze op de baan, Bertens is van nature een zeer emotionele, wat gespannen tennisster. Ze verliest in de beslissende fase van een wedstrijd soms de koelbloedigheid om het af te maken, je ziet het af en toe stormen in haar hoofd. Vanaf 2012 bezoekt ze een mentale begeleidster, iemand waar ze haar verhaal kwijt kan, over haar privéleven, over tennis. En in 2013 begint ze met meditatie, yoga en ademhalingsoefeningen om wat rustiger te worden, om haar emoties te beteugelen.

Dat heeft geholpen, zegt Bertens. Ze is nu op een punt dat ze die middelen minder inzet. Het yogamatje gaat niet meer mee naar toernooien, de noodzaak voor een afspraak bij de sportpsychologe is er nu niet, mentaal is ze gesterkt. En ze heeft die spanning en emoties ook nodig, zegt ze. Als ze te vlak speelt, verdwijnt het gif uit haar spel.

Haar faalangst – bang om te verliezen, angst om af te gaan – is grotendeels uit haar systeem. Het hindert haar niet meer. Al zal ze nooit een super zelfverzekerde speelster worden, erkent ze. Een beetje onzekerheid zit in haar.

Het is ook een volwassenwordingsproces. Op Wimbledon werd Bertens vorige zomer in haar eerste optreden op het centercourt in 35 minuten afgestraft door de Tsjechische topper Petra Kvitová. Een black-out, zegt ze. Nieuwe dingen vindt Bertens eng, daar is ze angstig voor. Ze leert gaandeweg. Twee maanden later bood ze op het centercourt van de US Open goed weerstand tegen Serena Williams, een gevecht van anderhalf uur.

Kinderwens

Coach Sluiter loopt langs. „Rustig aan hé. Ik zie je zo wel op de baan.” We praten over oud-speelster Kim Clijsters, die haar carrière op haar 23ste beëindigde, later keerde de Belgische terug nadat ze was bevallen van een dochter. Bertens heeft ook een kinderwens, vertelt ze. Dat is iets voor na haar loopbaan, ze zou haar carrière er alleen eerder voor afbreken als ze twee, drie jaar weinig vooruitgang boekt. Zolang ze stijgt, is stoppen geen optie.

Een relatie heeft ze niet. In het verleden heeft ze wel korte relaties gehad, maar het liep vaak stuk door haar carrière, zegt ze. Het is lastig als tennisser, het merendeel van het jaar is ze in het buitenland. En ze is ‘hem’ ook nog niet tegengekomen, lacht ze. Ze heeft geen haast, haar hoofd is nu leeg, ze heeft thuis geen verplichtingen, alle aandacht kan naar tennis. Tante Leonie, die dichtbij woont, geeft de plantjes water en verzamelt de post als Bertens op reis is.

Ze staat op. Tijd voor de tweede trainingssessie van de dag, Sluiter wacht al. Op naar de clash met Frankrijk. Zonder zorgen.