Tijd voor een Elon Musk in de wetenschap

Ik ben dol op verhalen van grote ontdekkers en hun grote ontdekkingen. Vooral die in mijn eigen vakgebied: microbiologie. Over Antonie van Leeuwenhoek, Louis Pasteur, Robert Koch. Dat zijn geweldige avonturen, vol verbazing, mislukking en succes. De meeslepende verhalen uit de academie staan bijna zonder uitzondering bij de historische non-fictie. Over de academische heldendaden van tijdgenoten zijn er dan weer niet veel boeken. Althans, je moet ze met een vergrootglas zoeken tussen de bestsellers over briljante durfallen als Steve Jobs, Richard Branson, Bill Gates, Elon Musk. Voor avontuur moet je niet op de academie zijn, maar bij ondernemers, zo lijkt het. Zelfs de cowboy onder de hedendaagse microbiologen, Craig Venter, is eigenlijk meer ondernemer dan wetenschapper.

Bij gebrek aan meeslepende verhalen van wetenschappers las ik dus maar de biografie van Elon Musk. Hij blijkt vooral uit te blinken in het brutaal binnenmarcheren van hermetisch gesloten werelden om daar vervolgens iedereen versteld te doen staan. De auto-industrie bijvoorbeeld, waar nieuwkomers het notoir moeilijk hebben, maar waar Musk zonder blikken of blozen met zijn Tesla’s een revolutie op het gebied van elektrisch rijden ontketende. Of zijn ruimtevaartbedrijf SpaceX, dat het met recyclebare betaalbare raketten opneemt tegen NASA, Boeing, Lockheed Martin en de Russen.

Vorige week lukte het voor het eerst om zo’n raket zonder ongelukken op een onbemand schip te doen landen. Een ongelofelijke prestatie. Bekijk de beelden. Alsof je een filmpje bekijkt van een ‘gewone’ raketlancering, maar dan achteruit afgespeeld, en dan midden op zee in stevige wind. Je ziet de golven tegen de boeg van het schip slaan terwijl de ranke torenhoge raket op het dek wordt geparkeerd. Binnenkort klaar voor het volgende retourtje.

Dat krijg je als je groot denkt. En durft. En doorzet. En alles op het spel zet. En iedereen negeert die denkt dat je gek bent. Dan krijg je dit soort grote ondenkbare dingen voor elkaar.

Ikzelf werk ook in zo’n hermetische wereld: de wetenschap. In die wereld heerst niet het enthousiasme dat van de pagina’s van de Musk-biografie spat. Integendeel. De wetenschap is een buitengewoon chagrijnige wereld geworden, waar een verrassende hoeveelheid diep teleurgestelde, pessimistische en cynische mensen rondloopt. Misschien zijn er daarom niet zoveel boeken over. Begrijp me niet verkeerd, er zijn genoeg grote ideeën, bevlogenheid, brille. Toch lijken de meesten als kuddedieren vast te zitten in hetzelfde systeem.

Een systeem waar iedereen continue wacht op goedkeuring. Goedkeuring van je ideeën, je plannen, je aanvragen, je referentiebrieven, je cv. Wetenschappers zijn loonslaven en flexwerkers ineen. Ze hebben niet de vrijheid van het ondernemen, maar ook nooit de zekerheid van een baan in loondienst.

Telkens weer moet je bewijzen dat je je plek verdient, je genoeg stickers in je schriftje hebt behaald, door genoeg hoepels bent gesprongen, genoeg geld hebt binnengehaald. Oh wee als iemand je voor gek verklaart. Of neem het publicatieproces. Dat ingewikkelde spel dat we met elkaar spelen over waar we wat schrijven over onze ontdekkingen. Boek je een bijzonder resultaat of doe je een interessant experiment, dan schreeuw je dat niet van de daken, je gooit het niet online, op een blog of op Facebook of Twitter, zoals de rest van de wereld. Nee, eerst moet je steggelen met anonieme vakgenoten over wat je er wel en vooral niet over mag zeggen, en of het überhaupt bijzonder genoeg is om aan het publiek te vertonen. Soms gaat er een paar jaar overheen voor een bevinding aan de wereld wordt geopenbaard. En dan staat het nóg achter een betaalmuur.

Neem de financiering. Het Rathenau Instituut kwam vorige maand met een rapport waaruit blijkt dat het percentage aan competitieve financiering alleen maar groeit. Dat betekent dat het chagrijniger wordt. Dat betekent dat er meer tijd wordt verspild met het aanvragen van geld, en de berg met onuitgevoerde ideeën, ongerealiseerde dromen, groter wordt. Het betekent ook dat mensen nog angstvalliger hun kaarten tegen de borst houden. Bang om gekopieerd te worden en erkenning mis te lopen. Bang voor te weinig stickers in je schriftje.

Nee, ik ben niet meer zo positief over de wereld van de wetenschap. Het is me te geïnstitutionaliseerd, te gereguleerd, te gesloten voor nieuwkomers, te chagrijnig. Het zou een grote opluchting als iemand er een keer goed doorheen ramt, als iemand de boel op stelten zet. Ik denk dat de wetenschap snakt naar een Elon Musk.