Fris, simpel, grof maar lekker

Dat de kok van Ketelhuis kan koken ziet Joël Broekaert vooral aan de vis: sappig en mooi gegaard.

Ketelhuis is een heel relaxte tent waar je kunt beginnen met een lokaal Eindhovens biertje en vanzelf blijft hangen voor het eten. Foto Rien Zilvold

Bijzonder

Strijp S is hip en lekker rauw. Het voormalig bedrijventerrein van Philips – met gebouwen die Klokgebouw, Machinekamer en Ketelhuis heten – is een bruisend creatief en cultureel centrum met bedrijfsruimtes, concert- en filmzalen, een skatepark en veel horeca. Een van die restaurants is Ketelhuis (in het Ketelhuis). Die zaak past helemaal in het plaatje: tl en stopcontacten aan het plafond, een lekker allegaartje van verschillende tafelbladen met stoelen die vooral niet matchen, een koeienkop aan de muur, twee gestoffeerde luie stoelen doen Berlijn-achtig aan. Buiten op het terras staan twee grote steenovens – als het weer het even toelaat, verhuist de keuken naar buiten.

Op de kaart

Bij Ketelhuis eet je drie gangen voor dertig euro. Er is geen kaart, er wordt iedere dag iets nieuws bedacht met wat er die dag vers te halen is. Er is altijd keuze uit vlees, vis en vega. Met zo’n opzet verwacht je geen complexe composities met exotische ingrediënten, maar gewoon simpel en goed, vers eten. En ook voor dertig euro moet het prima mogelijk zijn om iedere dag iets tofs op tafel te toveren. Een sympathiek concept dus, met een jonge, losse sfeer. Een heel relaxte tent waar je kunt beginnen met een lokaal Eindhovens biertje en vanzelf blijft hangen voor het eten.

Ze bakken hun eigen brood, vandaag uienbrood met zoutkorst en maïsbrood en dat is erg lekker. Er zit een fijne humus bij, grof maar niet korrelig, goed op smaak met flink wat zout en komijn. De salade geitenkaas vooraf is precies wat het moet zijn bij zo’n tent: een grove toren van bonkige ingrediënten, die goed klaargemaakt en gedoseerd zijn. Stevige broccoliroosjes, grote plakken licht gepofte paprika, zacht en zoet maar geen snot, dungesneden ingelegde wortel en rauwe venkel, drie gave bladeren spinazie, hele radijs met loof eraan en een klodder geitenkaas die een verassende extra zilte hartigheid meekrijgt van zeewier en een goede olijfolie. Fris, simpel, grof maar lekker.

Dat de kok kan koken zie je vooral aan de vis. Alle vis is vanavond zeer sappig en mooi gegaard. Het beste gerecht van de avond is een hoofdgerecht van schelvis, met knolselderijpuree, een flinke wortel, lekkere mosselen en kokkeltjes en een ring van groenekruidencoulis. Een simpele aardappels-vlees-groente-opbouw, maar het is een écht gerecht: de smaken komen mooi samen. Er zitten meer leuke elementen in het menu: de combinatie van auberginepuree met de bijna trassi-achtige diepe bisque onder de poon en schorpioenvis is prikkelend en het serveren van een grote gamba op de bavette is een geestige verwijzing naar de klassieke tournedos met kreeftenstaart. Pannacotta van karnemelk is gewoon een goed idee.

Twee dingen zijn niet goed. De paté is vandaag mislukt. Die is niet goed gemengd, daardoor zitten we met grote stukken droog vlees en een natte derrie eromheen. En de toetjes (brownie die eigenlijk een lichte cake is en een panacotta die eigenlijk een mousse in een jampot is) zijn beide gegarneerd met harde wrange aardbeien. Dat verpest de boel.

Voor de rest is het gevaar van deze ‘doe-maar-gewoon, we koken stoer en simpel’-instelling, dat het te nonchalant wordt. Rustieke ravioli met een flauwe ricottavulling, drie witte asperges en een waterval Parmezaanse kaas is grote stappen snel thuis. Dat de knolselderpuree en een aantal garneringen in verschillende gerechten terugkomen is begrijpelijk met zo’n concept – normale mensen bestellen toch niet twee hoofdgerechten per persoon. Maar op vijf van de zeven borden dezelfde kruidencoulis spuiten is wel erg ongeïnspireerd.

Eindoordeel

Goed. Mislukte paté moet je niet serveren. Als je je erop laat voorstaan dat je iedere dag iets nieuws bedenkt met de ingrediënten die voor handen zijn, waarom dan in godsnaam toch die zure aardbeien? En overal dezelfde saus op gooien is gewoon lui. Maar, that said, de rest van de bereidingen zijn in de basis in orde, vis goed, groente goed. Je komt hier niet voor hoogstandjes of fröbelwerk, maar dat wordt ook op geen enkele manier gepretendeerd. Als je niet meer verwacht is Ketelhuis een heel toffe en gezellige plek om prima te eten voor drie tientjes.