Een parabel van menselijk falen

Winston Mosely (1935-2016) zat het grootste deel van zijn leven gevangen. Hij pleegde een van de meest besproken moorden in de Amerikaanse geschiedenis.

Winston Mosely en zijn slachtofferKitty Genovese. Foto’s New York Police Department, AP

Kitty Genovese was een willekeurig slachtoffer. Winston Moseley wilde een vrouw doodmaken, zei hij later, en kwam haar tegen. Genovese (28) had tot laat gewerkt in een kroeg, en kwam in de vroege uren van 13 maart 1964 bij haar huis aan in Queens, New York.

Daar stond Moseley, bij de parkeerplaats. Hij achtervolgde haar, stak haar in de rug, en keerde terug naar zijn auto. Na een minuut of tien kwam hij terug, stak haar vele malen, verkrachtte haar en nam wat geld mee. Genovese stierf in de armen van een buurvrouw die op het lawaai afkwam.

Winston Moseley, toen 29, werd korte tijd later gearresteerd. Hij kreeg de doodstraf, maar die straf werd later omgezet in levenslang. In de cel overleed hij, op 28 maart, op 81-jarige leeftijd.

Hoe gruwelijk ook, de moord op Kitty Genovese was verre van uniek. In New York werden dat jaar 636 mensen vermoord – in 2015 waren dat er 348.

Toch werd deze zaak een van de meest besproken moordzaken uit de Amerikaanse geschiedenis: hij beïnvloedde de sociale psychologie, de populaire cultuur én de Amerikaanse politiek. Toen de regering van George W. Bush in 2002 een invasie in Irak voorbereidde, gebruikte Bush’ adviseur Paul Wolfowitz de moord op Kitty Genovese als argument voor oorlog. Moseley was in die vergelijking Saddam Hussein, en Genovese Irak, „vermoord terwijl tientallen mensen in de buurt toekeken”.

De aanwezigheid van een groot aantal getuigen maakte van de moord op Kitty Genovese een mythe, een parabel van menselijk falen. Vlak na de moord publiceerde The New York Times een uitgebreide reconstructie. Volgens het artikel waren 38 New Yorkers getuige van de moord, maar deed vrijwel niemand iets. Ze keken toe vanuit de omliggende huizen. Allemaal hadden ze hun excuus:

„Ik dacht dat het een ruziënd stelletje was.”

„We waren bang.”

„Ik was moe. Ik ben weer naar bed gegaan.”

Een gefrustreerde politieagent zei dat de passiviteit van de buren Kitty Genovese het leven had gekost. „Deze mensen zaten gewoon thuis, dichtbij hun telefoon. Waarom heeft niemand ons gebeld?”

De sociaal psychologen John Darley en Bibb Latané, gefascineerd door de zaak, kwamen vier jaar later met een theorie: het omstandereffect. Hoe meer mensen getuige zijn van een misdrijf of calamiteit, des te minder zijn zij geneigd in te grijpen. Voor die passiviteit kunnen allerlei redenen zijn, betoogden ze. Sommige mensen nemen aan dat de politie al gebeld is, anderen zijn bang, of willen niet in de problemen komen. De theorie is in veel latere onderzoeken gebruikt, en uitgediept. Het is basisstof voor studenten psychologie.

Toch waren de allereerste feiten waarop de theorie gebaseerd is, grotendeels onjuist. The New York Times schreef vlak na het overlijden van de moordenaar dat het verhaal over 38 passieve toeschouwers op zijn best overdreven is. Vrijwel niemand had goed gezien wat er aan de hand was. Twee getuigen hadden de politie gebeld. Een man had uit het raam geroepen, en zo Moseley aanvankelijk weggejaagd. En een bejaarde buurvrouw was zelfs naar buiten gelopen. Kitty Genovese was in haar armen gestorven. Zó veel wisten de buren ook weer niet, en zo weinig deden ze evenmin.

Winston Moseley was technicus, had een vrouw en drie kinderen en was niet bekend bij de politie. Hij bekende nog twee andere moorden op vrouwen. In een psychiatrisch onderzoek stond dat hij krankzinnig en necrofiel was. Moseley ontsnapte al na enkele jaren, toen hij in een gevangenenbusje uit het ziekenhuis werd gereden. Hij verschanste zich in het huis van een echtpaar, verkrachtte de vrouw en stal hun auto. Pas na een paar dagen werd hij weer aangehouden.

In 1971 haalde Winston Moseley opnieuw het nieuws. Hij deed mee aan een opstand in de gevangenis van Attica. Zo’n tweeduizend gevangenen gijzelden 42 bewakers. Ze eisten het vertrek van de directeur, en betere leefomstandigheden. De gijzeling eindigde bloedig, met de dood van 33 gevangenen en tien bewakers en medewerkers.

Moseley ging de jaren erop studeren, en voltooide een studie sociologie. Af en toe kwam hij in aanmerking voor vrijlating op borgtocht, maar bij verhoren toonde hij geen enkele berouw, dus bleef hij zitten. Tevreden zou Moseley later in The New York Times schrijven dat de moord op Kitty Genovese Amerika ten goede veranderd had: er was meer aandacht voor omstanders, en er was mede hierdoor een nationaal alarmnummer ingesteld: 911.

Winston Moseley stierf aan een hartaanval.