Bed, bad, brood: de vergeten crisis

Een jaar geleden viel het kabinet bijna. Het compromis dat VVD en PvdA toen sloten, is nog steeds niet uitgewerkt.

Uitgeprocedeerde asielzoekers in een gekraakt kantoorpand in Amsterdam-West, een jaar geleden. Foto ANP / OLAF KRAAK

„We hebben een beetje lang doorgepraat, heel onverstandig. Laten we maar gaan slapen.” Aan het woord is PvdA-leider Diederik Samsom, na urenlang overleg op het Torentje van premier Rutte. Het was half vier ’s nachts.

De coalitietop zat vorig jaar rond deze tijd in een bijna-kabinetscrisis over de vraag of uitgeprocedeerde asielzoekers opvang moesten krijgen. De VVD vond van niet, de PvdA van wel. Het kostte ze acht dagen om tot een compromis te komen. Dat het kabinet de kwestie zou overleven stond helemaal niet vast. De bed-bad-broodcrisis.

VVD en PvdA kwamen hierop uit: opvang zou in zes gemeenten mogen en voor „een beperkt aantal weken”. De nadruk moest liggen op terugkeer naar het land van herkomst.

Maar een jaar later zijn die afspraken nog niet concreet uitgewerkt. Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) zou er met de gemeenten een bestuursakkoord over sluiten. Dijkhoff zegt dat die „gesprekken lopen”. Een woordvoerder van de Vereniging Nederlandse Gemeenten zegt van niet. „We zijn formeel niet in gesprek. De bal ligt bij de staatssecretaris.” Betrokken gemeenten bevestigen: sinds een korte ontmoeting in februari, waarin de gemeenten hun zegje aan Dijkhoff deden, heeft het proces stilgelegen.

Aantal weken is een probleem

Niet dat er níks gebeurde afgelopen jaar. Er kwam een klankbordgroep. Die bestaat uit de gemeenten die de coalitie al had aangewezen: Amsterdam, Rotterdam, Den Haag Utrecht en Eindhoven. Enschede, Groningen, Arnhem en Nijmegen schoven ook aan. Die gemeenten willen ook opvang blijven bieden en dat vonden alle partijen oké. De geografische spreiding van de steden maakte zo’n uitbreiding van het aantal locaties ook voor de VVD acceptabel.

In oktober vorig jaar kreeg die groep een laatste update, vertelt de Groningse wethouder Ton Schroor (D66). Op zich, zegt Schroor, liggen de opvattingen van Dijkhoff en de gemeenten niet zo gek ver uit elkaar. „Wij zijn niet tegen het principe van het Rijk dat wie echt uitgeprocedeerd is en geen recht heeft op een verblijfsvergunning, moet terugkeren naar het land van herkomst.”

Alleen hoe je die terugkeer het beste bereikt, daarover bestaat een fundamenteler verschil van mening. De clou zit hem in het „beperkte aantal weken” dat de opvang mag duren. De VVD las daar maximaal een paar weken in, de PvdA juist zo lang als nodig. Wethouder Schroor zegt dat mensen terug de straat opzetten in Groningen nooit als oplossing werkt. „Wij beginnen met het achterhalen van iemands identiteit. Soms leidt dat alsnog tot een verblijfsvergunning, soms daalt het besef in dat iemand hier in Nederland echt geen perspectief heeft. Soms duurt dat twintig weken. Soms korter, soms langer.”

Probleem is dus dat een proces dat volgens gemeenten juist bij vaagheid of zoals zij zeggen maatwerk is gebaat, omdat mensen zelf moeten gaan inzien dat hun toekomst niet in Nederland ligt, nu toch in concrete afspraken moet worden gegoten. Want géén deadline stellen zou voor de VVD gelijkstaan aan het gedogen van illegaliteit, voor hen geen optie.

Vergeet ook de rol van de gemeenten die straks geen opvang meer mogen bieden niet, zeggen bronnen rond het overleg. Zij komen in een lastige positie terecht. Als ze toch bed, bad en brood zouden bieden, wil het Rijk hen sancties opleggen. Dat vinden de gemeenten onaanvaardbaar.

Stel dat iemand uit een opvanglocatie wordt gezet, dan pakt diegene toch de bus of de trein terug naar de gemeente waar hij vandaan komt, waar zijn sociale netwerk zit, zeggen de gemeenten. Maar die gemeente mag dan geen hulp bieden. Volgens het Rijk kan de gemeente zo iemand bij de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) aanmelden om vervolgens naar de vrijheidsbeperkende locatie in Ter Apel te worden overgebracht. Gemeenten zijn niet overtuigd dat de DT&V die vreemdelingen ook echt het land uit krijgt. Dat lukte de dienst vaak eerder ook al niet, dus waarom zou dat nu anders zijn?

Groter probleem diende zich aan

De Tweede Kamer heeft amper belangstelling voor het uitblijven van de afspraken. Staatssecretaris Klaas Dijkhoff heeft inmiddels wel iets anders aan zijn hoofd, is in de coalitie de teneur. Hij moet samen met de gemeenten huisvesting zien te regelen voor duizenden nieuwe asielzoekers. Nu moeilijk gaan doen over dit relatief kleine probleem – het gaat om enkele honderden mensen – vinden ze iets potsierlijks hebben.

De PvdA heeft weinig reden om Dijkhoff onder druk te zetten: 33 gemeenten hebben nu een bed-bad-broodvoorziening. Het Rijk betaalt een deel, in elk geval tot er echte afspraken liggen. De VVD stelde nog wel een keertje Kamervragen. In februari, na een uitzending van Nieuwsuur, dat het niet opschoot met de onderhandelingen. Dijkhoff is het antwoord nog schuldig. Volgende week houdt de Raad van State een zitting, over de vraag of de gemeente Amsterdam bevoegd is om uitgeprocedeerden hulp te bieden. Als het oordeel is van niet, heeft de rechter een belangrijk besluit voor de politiek genomen: gemeenten mógen dan niet eens meer opvang bieden. Staatssecretaris Dijkhoff zei vrijdag dan ook deze uitspraak af te wachten. „Wie weet levert het nieuwe argumenten op voor onze gesprekken.”