Boom in bos deelt voeding met buren via de bodem

Bomen voeden elkaar via een groot netwerk van wortels en schimmeldraden.

In een Zwitsers proefbos bij Basel staat al 17 jaar een hijskraan voor botanische experimenten. Foto Swiss Canopy Crane Project

Bomen zijn geen zelfzuchtige solisten. Onder de grond delen ze voedingsstoffen met elkaar, via een groot ondergronds web van hun wortels en schimmeldraden van paddestoelen.

Dit is geen zweefpraat: suikers die de ene boom heeft geproduceerd, duiken maanden later op in de wortels van naburige bomen. Drie Zwitserse botanici hebben dat aangetoond bij sparren in een woud in de buurt van Basel. Donderdag beschreven zij hun onderzoek in Science.

De Zwitserse resultaten betekenen níet dat bomen elkaar kunnen aanvoelen of met elkaar communiceren. Het betekent wél dat bomen op grote schaal bouwstoffen uitwisselen. De onderzoekers rekenden uit dat de bomen op elke hectare bos jaarlijks zo’n 280 kilo koolstof uitwisselen.

De wortels van verschillende bomen staan niet direct met elkaar in verbinding. Er is contact via een uitgebreid netwerk van schimmeldraden. Bospaddestoelen als vliegenzwammen en truffels maken ondergronds contact met boomwortels. De band tussen schimmels en boom is een symbiose: de schimmels voorzien bomen van bouwstoffen als stikstof en fosfor en krijgen in ruil daarvoor koolstof terug.

Bij jonge boompjes was al eens gezien dat ze voedingsstoffen aftappen uit het schimmelnetwerk. Maar de Zwitsers laten zien dat ook oude bomen, fijnsparren van veertig meter hoog, bouwstoffen delen via de ‘schimmelsnelweg’.

De drie botanici kwamen het ondergrondse transport op het spoor door de route te volgen van koolstof door bomen, wortels en schimmeldraden. Bomen nemen koolstof op met kooldioxide (CO2). De onderzoekers gebruikten kooldioxide die arm is aan de zware koolstofisotoop C13. Om dat koolstof ín de boom te krijgen, hing het drietal rubber slangen in de bovenste takken van vijf fijnsparren (in het Zwitserse proefbos staat al zeventien jaar een onderzoekshijskraan). Door die slangen stroomde de lichte kooldioxide naar de boom.

De onderzoekers vonden de C13-arme koolstof maanden later terug in de wortels van buurbomen, waaronder lariksen en sparren, en ook in de paddestoelen rond de bomen. Omdat elke schimmel in contact staat met meerdere bomen, kan er in theorie koolstof over een grote afstand worden getransporteerd.

Bodem- en schimmelexpert Marcel van der Heijden van de Universiteit Utrecht merkt in een begeleidend commentaar op dat volwassen bomen blijkbaar wel wat kunnen missen. Nu moet blijken of het bos profiteert van die koolstofherverdeling.