Waarom een gadget bestellen op Kickstarter altijd riskant is

Bij een crowdfundproject kunnen investeerders nog wel eens met lege handen achter blijven. Hoe vaak komt dit voor en wat kun je er tegen doen?

Foto Zano

Het leek zo mooi: voor nog geen 175 euro koop je je eigen drone, om groepsfoto’s mee te maken of jezelf te filmen tijdens het mountainbiken. Zo ongeveer:

Het liep anders voor de duizenden consumenten die samen ruim 2,3 miljoen pond inlegden op crowdfundingsite Kickstarter, om de drone in productie te krijgen: afgelopen november ging het bedrijf dat de Zano bouwde failliet, voordat de meeste klanten hun apparaat hadden gekregen. De mensen die ‘m wél binnenkregen, klagen er voornamelijk over.

De Zano is niet het enige crowdfundproject dat investeerders met lege handen achterlaat: bij de Hanfree (een soort iPad-standaard) gebeurde in 2013 hetzelfde. De mensen die afgelopen jaar samen ruim 13 miljoen dollar inlegden voor de gadget-koelbox Coolest Cooler moeten nu al rekenen op maanden vertraging in de levering, terwijl de producent kampt met geldnood. Het Haagse restaurant Blauw was twee jaar geleden een van de eerste Nederlandse crowdfundingprojecten die failliet gingen.

Hoe groot is het probleem?

Crowdfundplatforms zijn vaak vrij open over de ‘success rate’, het aantal projecten dat het streefbedrag bij elkaar weet te verzamelen. “Maar wat gebeurt er als het geld binnen is? Daar komt nu pas echt aandacht voor”, zegt crowdfunding-expert Simon Douw van Douw&Koren, een bureau dat binnenkort ook een conferentie over dit onderwerp organiseert. Douw wijst erop dat de platforms aangesloten bij de Nederlandse Branchevereniging Crowdfunding onlangs hebben afgesproken om cijfers over mislukte projecten openbaar te maken, al zijn ze nog niet allemaal zover. GeldVoorElkaar, een van de grootste Nederlandse sites, meldde vorige maand dat bij 45 van de 930 projecten investeerders niet meer volledig terugbetaald werden, pakweg 5 procent dus:

Kickstarter meldde vorig jaar dat 9 procent van de projecten die het streefbedrag binnenhalen, uiteindelijk niet aan investeerders leveren wat ze beloofden.

Waardoor ontstaan zulke problemen, en wat is er tegen te doen?

Na het Zano-debakel huurde Kickstarter onderzoeksjournalist Mark Harris in om te onderzoeken waar het misging. Zijn conclusies zijn ook relevant voor veel andere mislukte crowdfund-projecten:

  1. Veel geld inzamelen is niet altijd een zegen. Investeerders zien hun bijdrage als een bestelling: ik geef nu geld, en krijg over een tijdje een gadget in de post / mijn geld met rente terugbetaald. Maar een product is meestal nog niet helemaal uitontwikkeld als het geld wordt verzameld, en met tegenslagen wordt zelden rekening gehouden. Een handige techneut met een goed plan voor een gadget, heeft niet automatisch ook een organisatie om duizenden producten op tijd bij klanten te krijgen. Dat is een vak apart.
  2. Ontwerpers mogen vaak vrij ver gaan om klanten te overtuigen: zo suggereert het reclamefilmpje voor de Zano dat de drone haarscherp videobeeld kan leveren, terwijl dat beeld in werkelijkheid door een cameraman met professionele apparatuur is gefilmd. Dat neigt naar misleiding. Kickstarter controleert niet alle projecten vooraf, dus het is aan sceptische investeerders om aan de bel te trekken.

In Nederland moet je sinds begin deze maand een verplichte ‘investeerderstoets’ doen, als je 500 euro of meer in een crowdfundproject wilt steken: snap je wel waar je aan begint, kun je het geld missen? Crowdfund-deskundige Douw ziet vooral veel heil in uitgebreide informatievoorziening: “Het is heel belangrijk dat de crowd zich bewust is van kansen én risico’s.” Als investeerder kun je namelijk altijd je geld verliezen, hoe vertrouwenwekkend de pitch er ook uitziet. En dat is maar goed ook, vindt Douw:

“Als je elk risico uitbant, ben je niet meer bezig met crowdfunding maar met een webshop. Met crowdfunding kunnen we nou juist de interessante, ondernemende plannen mogelijk maken die spannend zijn. En mislukkingen horen daarbij.”