Ja, zelfs ik heb weleens een Panamamomentje

Terwijl ik hoog van de toren blies over het gebrek aan ethisch en moreel besef bij iedereen die vernoemd staat in de Panama Papers, wees een collega me fijntjes op een verhaal dat ik hem vlak daarvoor had verteld.

Ik ben laatst ingestapt bij een snorder. Dat zit zo. Er reden geen treinen meer vanaf station Duivendrecht naar Amersfoort, omdat op het laatstgenoemde station een verdacht persoon rondliep – dit speelde zich af vlak na de aanslagen in Brussel. Ik besloot op zoek te gaan naar mensen met dezelfde bestemming, zodat we een taxi konden delen. Vervolgens belde ik met een bekend taxibedrijf. Nog geen vijf minuten nadat ik ophing, stond er een man voor onze neus met een sleutelbos te rinkelen. „Jullie hadden toch voor een taxi gebeld. Ik sta verderop hoor.”

Hij zag er niet uit als een taxichauffeur. Zijn afgetrapte Renault zag er niet uit als een officiële taxi. Er was geen blauw kenteken, en ook het bekende taxibordje miste. Dat vermoeden werd bevestigd toen we de auto instapten, en mijn neus zich vulde met een wietgeur.

Hij moet lichte aarzeling bij ons hebben gezien, want hij noemde een prijs die de helft was van de prijs die het officiële taxibedrijf begroot had voor het ritje.

Er was één moment waarop de twijfel die eenieder van ons had hardop uitgesproken werd. Dat was toen onze ‘taxichauffeur’ de auto uitliep om te tanken. Niemand vroeg of het ethisch wel oké was, en of we de wet overtraden. De enige vraag die hardop werd gesteld, luidde: is dit wel veilig? Ik mompelde er nog achteraan dat ik zoiets normaal nooit deed.

Onderweg belde de echte chauffeur nog. Hij zag ons niet, stonden we misschien binnen? Met het schaamrood op mijn kaken loog ik dat de treinen weer reden.

Niemand vroeg of het ethisch wel oké was

Ik kwam veilig aan op de eindbestemming, met een vollere portemonnee dan als ik me eerlijk aan de wet had gehouden.

Als passagier van een snorder ben je niet strafbaar. Maar, zo schrijft de toezichthouder Inspectie Leefomgeving en Transport: bij een controle staan passagiers wel ‘in de kou’ en zullen zij op zoek moeten naar ander vervoer.

Het voert wat ver om deze beschamende vertoning te vergelijken met de onthullingen uit de Panama Papers. Maar in essentie nam ik het niet zo nauw met de, laat ik het zo stellen, ongeschreven, ethische wetten. En ook om dezelfde reden: het scheelde me geld en de kans dat iemand erachter zou komen was klein. (Iets waar de chauffeur zelf wat minder zeker over was, hij vroeg zo’n beetje ieder kwartier of we niet van de politie waren.)

Het is echt niet zo dat na deze onthullingen het ontwijken van belastingen onmogelijk gemaakt wordt. Dinsdag bleek al uit opeenvolgende conceptteksten van de Europese Commissie – in handen van Het Financieele Dagblad – dat de voorstellen om belastingontwijking door multinationals tegen te gaan zo’n beetje met de versie afzwakten. Juridisch gezien valt er weinig te hopen.

De ethische kant is des te interessanter. Zullen bedrijven die nu van plan zijn offshore te gaan twee keer nadenken? Of gaat het financieel belang ook na de onthullingen van de Panama Papers onverminderd voor?

Wie het zich afvraagt; ik zou graag het goede voorbeeld willen geven door te zeggen dat ik nooit meer bij een snorder instap. Maar ik sluit het niet uit.