Ze bedáchten die stoornissen gewoon, denkt justitie

Justitie denkt dat twee psychiaters gezonde patiënten geestesziek verklaarden, om zo miljoenen te verdienen.

Zo gingen ze te werk volgens justitie

En dan breekt hij. De zacht pratende verdachte Sinan G. (51) begint te schokken met zijn schouders en vervolgens te snikken. „Mijn carrière staat op het spel.” Allemaal omdat hij de verkeerde persoon heeft vertrouwd, zegt hij. Want de psychiater zweert altijd naar eer en geweten te hebben gehandeld.

Hij staat deze week, samen met zijn medeverdachten, terecht voor fraude. De feiten, in een notendop: hij en collega-psychiater Jos G. (62) zouden op grote schaal valse diagnoses hebben gesteld om patiënten onterecht aan een uitkering te helpen. Die patiënten werden geronseld door tussenpersonen Bayram K. (55) en Nevzat S. (42). Het uitgekeerde geld – volgens het OM „vele miljoenen” – werd onderling verdeeld.

Aan vandaag ging een uitputtend onderzoek vooraf. In 2011 werd het viertal al opgepakt, maar ze staan nu pas terecht. Tientallen ‘neppatiënten’ werden gehoord, en het beroepsgeheim van de verdachten bemoeilijkte toegang tot de dossiers. „We hebben zoveel over u gelezen”, verwelkomt de rechter de verdachten op dag één van het proces. „Tussen de 40 en 50 duizend pagina’s.”

Alleen Bayram K. is er niet bij vandaag. Zijn advocaat – David Moszkowicz – werd afgelopen maand geschrapt. Diens vervanger moet zich inlezen. De zaak van K. zal daarom volgende maand worden behandeld. Naast de fraude wordt K. ook beschuldigd van banden met een criminele organisatie en bezit van een vuurwapen .

Turkse gemeenschap

De twee psychiaters diagnosticeerden volgens justitie hun patiënten met zulke zware stoornissen dat ze deelname aan het gewone leven nagenoeg onmogelijk zouden moeten maken. Maar tijdens het onderzoek bleek dat velen van hen in het dagelijks leven gewoon uitgingen, winkelden, werkten, of zorgden voor een kind. Er kwamen gewoon nog verkeersboetes binnen.

Intussen ontvingen ze wel een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO) of een persoonsgebonden budget (pgb) voor hun ‘zorgkosten’. Volgens het UWV is zeker voor 5 miljoen aan frauduleuze wao’s geïnd. De pgb’s konden oplopen tot 36.000 per jaar per patiënt. Sinan G. en de bemiddelaars vonden bereidwillige patiënten doorgaans in de Turkse gemeenschap in Nederland.

Het grote vraagstuk is: hielpen de psychiaters bewust mee met de fraude of werden ze, zoals G. beweert, inderdaad door al die patiënten voor de gek gehouden?

De rechter leest voor uit het dossier. Een chatgesprek, tussen psychiater Sinan G. en ene ‘Natalie’:

Natalie: ‘Hee Sinan, heb je een verhaal of iets over mevrouw T.? Ik moet wat invullen.’

Sinan: ‘Oeps. Ik kan een verhaal opstellen met wat trefwoorden.’

Natalie: [noemt medicijnnamen]

Sinan: ‘Depressieve stoornis met vitaal-depressieve kenmerken.’

Klokkenluiders

Een tweetal klokkenluiders uit de omgeving van Sinan G. bracht de politie op het spoor van de fraude. Eén van hen, mevrouw B. (53), wordt vandaag als getuige opgeroepen. Agenten rijden haar naar binnen in een rolstoel. Jaren terug heeft ze een hersenbloeding gehad – een direct gevolg, denkt ze zelf, van de stress rond deze zaak.

Mevrouw B. voorzag de politie van stapels belastende documenten over Sinan G. En daar heeft ze nu spijt van, zegt ze, bij monde van haar Iraanse vertaler. „Anderen hadden mij voorgelogen.”

Verder weet ze vooral heel veel niet. Ze wijt het aan haar hersenbloeding. Mevrouw B. weet bijvoorbeeld niet meer dat ze de politie ooit een lange lijst met namen overhandigde van gezonde patiënten met geesteszieke diagnoses. Of dat patiënten volgens haar soms wel de helft van hun pgb moesten afstaan. Dat een valse diagnose zo’n 4.000 euro kostte. En mevrouw B. zegt ook niet meer te weten dat ze ooit aan de politie heeft verklaard dat één van de patiënten door een verdachte zou zijn verkracht.

„Ik bied mijn excuses aan”, blijft ze maar herhalen. „Ik hoop dat Sinan mij kan vergeven.”

Ook haar dochter wordt vandaag opgeroepen. „Ik weet dat mijn moeder heel erg bang is”, vertelt zij aan het einde van de dag. „Doodsbang.” Voor wie? Voor tussenpersonen K. en S., zegt ze. „Ze hebben het vuurwapen zelfs een keer laten zien.”

    • Thomas Rueb