Tempel voor de hindoegod Shani laat nu ook vrouwen toe

Schoorvoetend is conservatief India om: Shani’s steen is er niet alleen voor mannen. Maar niet alle vrouwen zijn blij: „Onze vrouwen willen niet gelijk zijn aan mannen.”

Biddende vrouwen bij de tempel in Shani Shingnapur, met hun gezicht richting de steen voor de hindoegod Shani. Foto Joeri Boom

‘Echt waar?” Er verschijnt een lach op het gezicht van Shubhangi (18). Ze is met haar familieleden zojuist het voorportaal binnengegaan van de tempel in het dorpje Shani Shingnapur. „Waarom heeft niemand me dat verteld?” Ze kijkt bestraffend naar haar neef. „Wist jij dat?” Hij knikt, lachend. „Heel India wist het, nichtje van me.” Shubhangi geeft haar neef een arm: „Nou, dan ga ik met je mee.”

Ze had zich voorbereid op een halfslachtig bezoekje aan de tempel voor hindoegod Shani, de belichaming van de planeet Saturnus, met zijn zwarte gezicht en allesvernietigende vurige ogen. Het tempelplatform met de grote, puntige zwarte steen die volgens hindoes Shani’s ziel bevat, zou voor haar ontoegankelijk zijn, dacht ze – omdat ze een vrouw is.

Gelijk volgens de Grondwet

Maar op 1 april bepaalde het hooggerechtshof van de deelstaat Maharashtra, waar Shani Shingnapur in ligt, dat vrouwen dezelfde rechten hebben als mannen bij het betreden van hindoetempels. De gelijkheid van man en vrouw is immers vastgelegd in de Indiase Grondwet en, zo benadrukten de rechters, al sinds 1957 mogen hindoes in elke Indiase tempel bidden: mensen uit lagere kasten, kastelozen en vrouwen mogen niet worden geweerd, al gebeurt dat vaak wel. De politie van Maharashtra moet nu van de rechters tempeltoegang afdwingen als iemand daarom vraagt.

Progressief India juichte de uitspraak toe, maar de grote meerderheid lijkt zwijgend af te wachten. Veel Indiërs zijn gewend aan het weren van vrouwen uit belangrijke hindoetempels en islamitische soefitomben.

Maar nu júíst de Shani-tempel is gezwicht – waarvan het bestuur eerder nog met agressieve dorpelingen vrouwelijke activisten tegenhield – lijken de dagen van dat discriminatiebeleid geteld.

Shani Shingnapur is een slaperig dorpje, tweehonderd kilometer ten oosten van Mumbai. Maar de rechtszaak heeft de rust verstoord. Die ging gepaard met vier maanden agitatie door de Bhumata Ranragini-brigade. Deze ‘Strijdsters voor Moeder Aarde’ zijn een radicale vrouwengroep waarvan de leden geregeld worden gearresteerd bij acties. Eind januari probeerden zo’n 150 ‘strijdsters’ de tempel binnen te komen. Een dag na de uitspraak probeerden ze het opnieuw, en weer blokkeerden dorpelingen, onder wie veel vrouwen, de toegang. De politie greep niet in, ondanks het gerechtelijke bevel.

‘Vrouwen willen niet gelijk zijn’

„We waren er allemaal, en we hielden ze tegen”, zegt dorpeling Dwarke Bai Sable (60). Ze draagt een imposant neussieraad met veel goud en kleine parelmoeren balletjes, en wordt omringd door grimmig kijkende mannen. „Maar nu heeft het tempelbestuur ons verraden, bang voor de wet. Onze vrouwen willen niet gelijk zijn aan mannen”, zegt ze. „Shani zal degenen die zijn heiligdom bevuilen straffen. Ze zullen vergaan van de pijn.”

Daar is Shubhangi niet bang voor. Trots loopt ze aan de arm van haar neef naar de verhoging, waar achter een heuphoog metalen hek Shani’s glimmende, zwarte steen staat. „Het is bizar dat we die scheiding zo lang toelieten. Voor god zijn we allemaal gelijk”, zegt haar neef, terwijl hij toekijkt hoe Shubhangi de treden naar de verhoging op klimt. Ze raakt eerst devoot het uitgesleten gebedsbalkje aan dat aan het hek is bevestigd en dan, heel even, met gestrekte arm, Shani’s steen.

Ze straalt als ze naar de uitgang loopt. „Shani is niet boos. Dit voelt goed, als een verbetering voor vrouwen.”