Rood-wit gaat nooit verloren, SP-AR-TA

Na vijf jaar mismanagement en zeven trainers maakte Alex Pastoor bij Sparta de hoge verwachtingen waar.

De spelers van Sparta vieren na de overwinning op Jong Ajax het lang verwachte kampioenschap en de promotie naar de eredivisie. Foto Kay in ‘t Veen/ANP

Gewoonlijk is Rob Westerhof een statige voetbalbestuurder die niet snel zal zingen in zijn auto. Maar dit seizoen leek hij soms zichzelf niet. Na bijna elk duel van Sparta reed de voorzitter zo opgetogen naar huis dat hij Frank Sinatra opzette en met hem het leven bezong. „Eindelijk was het weer ouderwets genieten op Het Kasteel”, aldus Westerhof.

Na een jaar vol overwinningen veroverde Sparta maandagavond de titel in de eerste divisie met een 3-1 overwinning op Jong Ajax. Na de late gelijkmaker van Ajax heerste er even ongeloof. Het typische gevoel onder Sparta-fans dat hun club het wel weer zou weggeven, na alle ellende van de afgelopen jaren. Maar in de 84ste en 86ste minuut verlosten Michel Breuer en Sherjill MacDonald Sparta definitief van de eerste divisie.

De veldbestorming die volgde, was net zo voorspelbaar als het ritueel waarbij KNVB-directeur Bert van Oostveen vooraf de kampioensschaal toonde vanuit zijn kofferbak. De speaker op Het Kasteel had er nog voor gewaarschuwd: „Wie het veld op gaat, kan worden gestraft met een stadionverbod.” Maar na het fluitsignaal gingen honderden fans de reclameborden over. Sommigen gingen op het veld nog op de foto met Ajax-speler Donny van de Beek die niet op tijd had kunnen vluchten.

Hij bleef kalm onder deze merkwaardige situatie. Wetend dat dit niet zijn avond was, maar die van Sparta. De traditieclub die sinds 1959 wachtte op een kampioenschap en zes jaar op een terugkeer in de eredivisie.

Zes lange jaren waren het, waarin de bestuurders er maar niet aan konden wennen dat Sparta niet meer op primetime zondagavond te zien was, bij Studio Sport, maar verstopt op vrijdagavond bij SBS. Uit onmacht versleten ze zeven trainers in vijf jaar tijd. Bij de veronderstelling dat Sparta thuishoorde op het hoogste niveau, paste geen genade voor oefenmeesters die dat ideaalbeeld niet vlot genoeg konden realiseren.

Toen kwam Alex Pastoor. Het was januari 2015 en de trainer maakte het bestuur al snel kenbaar dat Sparta al vijf jaar in de ontkenningsfase zat. Een potentiële eredivisieclub die al vijf jaar in de eerste divisie speelde, dat was krom. In zijn ogen was de promotiedrift voornamelijk gebaseerd op opportunisme, geen visie. Pastoor: „Er werden keer op keer onrealistische verwachtingen gewekt, met als gevolg dat er een atmosfeer ontstond waar niet tegenop te werken is. Het was vechten tegen de bierkaai.”

Hij bracht het bestuur tot inkeer. Op korte termijn promoveren werd niet langer de leidende doelstelling, maar duurzaam presteren, zoals Pastoor dat noemt. In zijn kantoor heeft hij alle krantenkoppen opgehangen van de verslagen in de Rotterdamse editie van het AD. „Om aan te geven dat de buitenwereld grillig reageert. De ene week worden we kampioen, het andere zijn we weer niet goed genoeg. In een wereld die zo opportunistisch heen en weer springt met meningen over trainers en spelers, proberen wij gewoon onverstoorbaar ons werk te doen.”

Hij ging zelfs zover dat hij zijn spelers verbood om naar de ranglijst te kijken. Als ze op vrijdagavond huiswaarts keerden en in de spelersbus naar de samenvattingen keken, knepen ze hun ogen dicht als het klassement werd getoond. Pastoor noemde het een trucje dat hielp.

Maandag ging hij op de schouders. Hij zei eerder dit jaar dat hij slecht is in het vieren van succes, omdat hij vaak meteen weer bezig is met de volgende wedstrijd. Maar nu de resterende duels er niet meer toe doen, kon hij niet anders dan proosten op dit succes.

Op de hoofdtribune hield niemand zich nog in. Zelfs deftige mannen in lange regenjassen stonden te swingen voor hun stoeltje. De klassieken kwamen weer tot leven. Sparta is terug.