Hoe Bashir weer salonfähig wordt

Darfur gaat stemmen, ondanks de oorlog. Soedans president maakt zich geen zorgen. Ook niet om de EU, die Bashir nodig heeft om migratie in te perken.

Darfur oorlogsgebied? Daarvan wil de president niets weten. De inwoners gaan deze week stemmen. Foto Ashraf Shazly/AFP

In Darfur heerst nu vrede. De vredesmacht van de Verenigde Naties moet daarom vertrekken. En dat geldt ook voor de hulpverleners in de West-Soedanese regio.

De geruststellende woorden die president Omar al-Bashir van Soedan vorige week sprak in een interview met de BBC zijn onthullend, omdat ze zo scherp in contrast staan met de werkelijkheid. Terwijl de president voor de buitenwereld een beeld geeft van rust en verzoening, komen uit alle delen van het Afrikaanse land juist berichten over strijd en bombardementen. „Die berichten kloppen niet”, zei Bashir.

Journalisten worden geweerd uit Darfur sinds daar in 2003 een gewapend conflict uitbrak tussen Arabische milities en de overheid enerzijds en Darfuri van Afrikaanse afkomst en rebellengroepen anderzijds. Maar de BBC mocht vorige week mee met Bashir tijdens zijn politieke campagne. In de regio, zo groot als Spanje, wordt van maandag tot en met woensdag een referendum gehouden over de vraag of de huidige opdeling in vijf subregio’s moet worden gehandhaafd.

Bashirs zelfverzekerdheid is gestoeld op overlevingskunst. Sinds 1989 zwaait hij de scepter in Soedan. En hoewel het opstandige Zuid-Soedan zich in 2013 afscheidde en er strijd woedt in de rest van het land, is zijn positie sterker dan ooit.

De Europese Unie, die hem altijd meed en sancties uitvaardigde, lokt hem nu met fondsen om migratie over Soedanees grondgebied via Libië naar Europa te stoppen. Ook uit Saoedi-Arabië komt geld, nu Bashir troepen levert voor de Saoedische militaire inspanningen in Jemen en hij de diplomatieke banden met Iran heeft verbroken.

Zo komt de Soedanese leider weer in de gratie, ondanks de arrestatiebevelen van het Internationaal Strafhof wegens misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden en genocide in Darfur. Sinds 2003 zijn er zo’n 300.000 doden gevallen. Volgens de VN telt de regio nog steeds 2,6 miljoen ontheemden. Sinds het oplaaien van nieuwe gevechten medio januari zijn er 138.000 vluchtelingen bij gekomen, meldden de VN vorige week aan de Veiligheidsraad.

De Darfuri op de vlucht zijn aanhangers van de versplinterde rebellenbewegingen. Een deel van hen sloot in 2011 een vredespact met Bashir; het referendum is daar deze week een uitvloeisel van. De opstandelingen van de grootste stam, de Fur, vechten echter door tegen het regeringsleger en zijn bondgenoot, de Arabische militie Rapid Support Forces. Minni Minawi, leider van een van de grootste groepen opstandelingen, noemt het referendum „verspilde tijd voor burgers die dagelijks onder hevig geweervuur leven”.

Geen oppositie uit radicale hoek

Bashirs regime wordt in grote delen van het land gehaat. Bij de presidentsverkiezingen kwam een jaar geleden vermoedelijk minder dan 10 procent opdagen. Maar de president kent zijn dossiers. Hij is een meester in het onderhouden van persoonlijke relaties en van informele netwerken, patronagesystemen die hem aan de top houden van de strijdkrachten en de regerende Nationale Congrespartij. Sinds vorige maand de invloedrijke moslimideoloog Hassan al-Turabi overleed, hoeft Bashir ook niet meer te vrezen voor oppositie uit radicaal-religieuze hoek.

Bashir ontkende voor de BBC dat zijn luchtmacht bombardeert in Darfur. De VN-cijfers over 2,6 miljoen ontheemden kloppen niet, „het zijn er slechts 160.000”. Bashir kan het zich veroorloven honderdduizenden ontheemden weg te cijferen en oorlogen in zijn land te ontkennen, want de Soedanese oppositie is berucht om haar inefficiëntie. Na de afscheiding van Zuid-Soedan bleven er vele zwarte volkeren over in het gearabiseerde (Noord-)Soedan die rebelleren, zoals in de Nubabergen. Maar ze kunnen geen gezamenlijke vuist maken. Daarom staat Bashir sterk en lonkt het Westen steeds meer naar hem. Zo geraakt de eens zo in het nauw gedreven president ook uit zijn internationale isolement.