Het tijdperk van de blinddoek

Arjen van Veelen schrijft wekelijks over een nieuwsfoto. Vandaag: over de Virtual Reality-bril. Een bril, die je in staat stelt niet te zien wat gaande is.

Het meisje op de foto is al tastend aan het vallen. Ze denkt dat er een tafel in de ruimte staat, maar ze kan geen houvast vinden, als een slaapwandelaar of iemand die blindemannetje speelt. Ze leunt, en leunt, en ze begint zich te realiseren dat haar hersenen gefopt zijn. Wat je ziet is iemand die ruw uit een droom ontwaakt.

Eigenlijk is het geen foto, maar een stilstaand beeld uit een filmpje dat Reddit-gebruiker Arsanus plaatste. Het meisje is de dochter van een technicus bij een startup. Ze mocht de Virtual Reality-bril uittesten. Volgens velen is 2016 het jaar waarin Virtual Reality doorbreekt. Dit jaar worden er drie van die toverbrillen gelanceerd, betaalbaar voor gewone mensen.

Het is ‘dé techtrend, sinds 1895’, schreef deze krant in een mooi dossier. Daarin waren filosofische vragen te lezen, zoals: ‘Zouden we straks in een parallel universum willen leven omdat ons eigen leven ondraaglijk (oninteressant) is?’. Tegelijk klonk er ook relativering, omdat de doorbraak van VR al zo lang wordt aangekondigd: „Voorlopig draait VR om korte injecties van spektakel en entertainment.”

We hebben kennelijk zolang op die wondertechnologie moeten wachten, dat we, nu het wonder te koop is voor een habbekrats, we een beetje afwachtend zijn geworden.

Een luchtspiegeling

Maar toch, dat wat gister nog science fiction was, is voor de nieuwe generatie — het meisje op de foto — wellicht even normaal als swipen voor ons. Wat doet dat met ons?

Een aanwijzing biedt de foto van het vallende meisje. Virtual Reality is een luchtspiegeling, je gelooft er met veel plezier in, tot je tegen de werkelijkheid opbotst.

Een blogger op The Verge omschreef haar als een held, omdat de jonge proefpersoon ons wijst op de bijwerkingen en gevaren van VR-brillen: je kunt zomaar gaan zitten op een niet bestaande stoel.

Je kunt tegenwerpen: kinderen geloven alles, volwassenen snappen dat de tafel niet echt is. Het is per slot van rekening een manier om bewust te dromen. Of: het is een kwestie van wennen. Zoals de eerste bioscoopgangers die schrokken van op hun afstormende treinen.

Maar in het NRC las ik dat VR daadwerkelijk effect heeft op wie je bent. „Wie een dikkere versie van zichzelf tegenkomt in de virtuele wereld, valt makkelijker af in het echte leven”. Er waren meer voorbeelden. En wat als de techniek steeds verfijnder wordt? En het verschil wegvalt tussen echt en nep?

Recht voor je neus

Wat we in elk geval weten is dat VR een geavanceerde manier is om niet te zien wat zich recht voor je neus bevindt. Daarin onderscheidt het zich al van de meest nuttige uitvindingen van de wetenschappelijke revolutie. Dat waren vaak zaken om de werkelijkheid juist scherper te kunnen waarnemen, denk aan de telescoop en de microscoop. Die instrumenten stelden de mensheid in staat door de mist van fabels en bijgeloof heen te kijken. We kregen lenzen en brillen. We gingen beter kijken.

De grote uitvindingen van onze tijd zijn instrumenten om de werkelijkheid niet te hoeven zien, denk aan de bioscoop, de game console en de VR-bril. ook internet mag je trouwens meetellen, want dat gebruiken we vooral als afleiding.

Nu was de mensheid al van oudsher escapistisch, al sinds we verhalen vertellen bij het kampvuur, maar nieuwe techniek maakt dat ontsnappen steeds makkelijker wordt. Een roman moet je zelf ontcijferen en vervolgens moet je allerlei plaatjes genereren in je hoofd. Gedoe. Een film is al makkelijker. En de Virtual Reality-bril maakt het helemaal makkelijk, totdat er geen ontsnappen aan het ontsnappen meer is.

Totdat er geen ontsnappen aan het ontsnappen meer is

De VR-bril is de perfecte blinddoek: je ziet niks meer, je ziet zelfs niet meer dat je niks ziet, want je hebt een heel vermakelijk bord voor je kop.

„Zien wat recht voor je neus is vereist een constante worsteling”, schreef George Orwell eens. Dat ging over iets heel anders, over politici die de realiteit te ontkennen. „Het punt is dat we allemaal in staat zijn om dingen te geloven waarvan we weten dat ze niet waar zijn (…) De enige check is dat vroeg of laat een foutief geloof botst tegen de solide realiteit, doorgaans op een slagveld.”

Dat schreef hij in 1946, maar juist nu is het relevant. Juist in het tijdperk van een overvloed aan informatie, beelden en bewijzen, bloeit de scepsis, bloeit de samenzweringstheorie, bloeit de feitenvrije politiek en het ontkennen. We willen helemaal niet zien wat recht voor onze neus is. Het meest pregnante voorbeeld is klimaatverandering.

De VR-bril is een perfecte gadget voor nu: een bril, die je in staat stelt niet te zien wat gaande is. Een symbool voor het tijdperk van de blinddoek, van mensen die lachend slaapwandelen, tot ze opbotsen tegen de solide realiteit.