40ste, maar voor altijd een winnaar

Fabian Cancellara reed zondag zijn laatste Parijs-Roubaix. Door een valpartij op de kasseien eindigde hij op ruim zeven minuten van winnaar Mathew Hayman.

Het maakt niet uit of hij wint of verliest, renner Fabian Cancellara wordt door zijn fans als winnaar onthaald na afloop van zijn laatste Parijs-Roubaix.Foto BAS CZERWINSKI/ANP

Fabian Cancellara is een man van details. Daar mag het niet aan liggen in zijn laatste Parijs-Roubaix, de koers die hem op het lijf geschreven is. Spartacus was ‘de Hel’ al drie keer de baas.

Neem de fiets waarop hij op jacht gaat naar zege nummer vier – het zou hem mederecordhouder maken naast Tom Boonen en Roger De Vlaeminck. Die is grijs, terwijl die van zijn ploeggenoten bij Trek-Segafredo rood zijn gespoten. Op de stang die hij duidelijk in beeld krijgt op de momenten dat hij door al dat gekletter op de zoveelste kasseienstrook even zijn hoofd laat hangen, staan zijn ereplaatsen in Parijs-Roubaix. In 2004 maakte hij op pijnlijke wijze kennis met die wedstrijd; in het beruchte Bos van Arenberg kwam hij zonder ploegmaats te zitten, stapte hij moederziel alleen in de bus en werd hij naar de finish gereden. De ereplaatsen vullen de hele buis van stuurpen naar zadel: 2006 ‘1’, 2008 ‘2’, 2010 ‘1’, 2011 ‘2’, 2013 ‘1’, 2014 ‘3’.

Een gouden embleem op rechts met de tekst ‘Tony M. Boom shoot again’ zaait verwarring bij de toeschouwers die bij de start graag een glimp op willen vangen van de man met de benen zo geblokt als de kasseien waarover hij harder dan wie ook kan rijden. „Is dat de fiets van Tony Martin?”, vraagt een jongetje aan zijn vader. „Tony M. Hm, die fietst toch niet bij dit team?”

Precies wat Cancellara al in 2006 samen met zijn Duitse mecanicien Roger Theel had willen veroorzaken – verwarring. De Zwitser kwam met wielen die speciaal voor hem waren ontwikkeld naar Compiègne, de startplaats van Parijs-Roubaix, en omdat iedereen dat met eigen ogen wilde zien, trok Theel voor de start het naamplaatje van Cancellara van zijn fiets af. Het enige kenmerk dat overbleef was het gouden embleem met de naam van Tony M. erop, en niemand kon dat destijds ontcijferen. En nog steeds niet. Theel, vlak voor de laatste Parijs-Roubaix van zijn goede vriend: „Daar staat Tony Montana, shoot again. In 2005 keken we met het team naar ‘Scarface’. Fabian heeft met zijn zware stem een perfecte imitatie in huis. Sindsdien staat die gimmick op zijn fiets.”

Twee dobbelstenen

Cancellara, man van details, man van symboliek. Voorop zijn stuurpen een wapen, ook goudkleurig. Een helm als verwijzing naar Spartacus, de bijnaam die hij van een Italiaanse wielercommentator kreeg omdat hij koerst als een gladiator: woest, met machtsvertoon. Zeven speren staan voor zijn ploegmakkers, even cruciaal in de weg naar eeuwige roem als hijzelf: zonder mannen als Jaroslav Popovitsj, die stopt na Parijs-Roubaix, zou Cancellara de hele dag vol in de wind rijden en voortdurend van tempo moeten wisselen. Dat zou ook hem te machtig worden. Onderop twee dobbelstenen, 6 en 1 maken samen 7; Cancellara’s geluksgetal.

Onderuit op modderige kasseien

„Hij wil hier een teken achterlaten”, zegt perswoordvoerder van Trek-Segafredo Tim Vanderjeugd als de grote man als laatste uit de teambus stapt, alsof hij zo lang mogelijk de spanning in zijn lijf wil opbouwen, en dan in een haag van mensen naar de startlijn op het plein voor het Palais de Compiègne wil rijden. Het is nog een flinke afstand die hij moet afleggen op de Avenue Royale – de buschauffeur parkeerde zoals afgesproken helemaal achteraan, voor de rust.

Cancellara lacht als de man die het startschot gaat lossen aftelt van tien naar één. Ontspannen begint de Zwitser aan zijn laatste Parijs-Roubaix.

In de finale blijkt ook de oersterke Zwitser kwetsbaar. Op de modderige kasseien in Mons-en-Pévèle glijdt Cancellara onderuit. En daarmee zijn zijn kansen op een vierde overwinning in de Hel van het Noorden verkeken. Hij ligt op dat moment al achterop als gevolg van een valpartij voor hem.

Op ruim zeven minuten achterstand van de Australische winnaar Mathew Hayman wordt Cancellara veertigste. Maar bij het binnenrijden van het Vélodrome Jean Stablinski in Roubaix wordt hij als een winnaar onthaald. Het maakt ook niet meer uit of hij wint of verliest. De mythe van Spartacus is onsterfelijk.