Zorg: overtrokken claims wetenschap

De zorgen over de gebrekkige herhaalbaarheid van wetenschappelijke experimenten leven breed .

Illustratie Arjen Born

Psychologen over de hele wereld vliegen elkaar in de haren over één van de pijlers van wetenschappelijk onderzoek: het herhalen van elkaars experimenten. Ontzettend veel proeven die worden overgedaan, leveren niet het oorspronkelijke resultaat op. Veertig procent van alle studies zou niet te herhalen zijn.

Gevolg: de ene na de andere theorie komt nu onder vuur. Zoals die over ego-depletion, het gevestigde idee dat wilskracht uitgeput kan raken zoals een spier. Maar een groot project van 23 universiteiten kon de twintig jaar oude theorie dit jaar niet bevestigd krijgen. „Heb ik al die jaren rookwolkjes nagejaagd?”, vroeg de psycholoog Michael Inzlicht van de Universiteit van Toronto, zich onlangs vertwijfeld af.

Uit een rondgang van deze krant blijken de zorgen over de slechte herhaalbaarheid van onderzoek breed te leven in de wetenschap. In de biologie, de sociologie, de medische wetenschappen. Trekvogelecoloog Raymond Klaassen van de Rijksuniversiteit Groningen wijt het aan het „hijgerige, op scoren gerichte wetenschapsklimaat” in zijn vakgebied. „Vind je een afwijkend patroon in één bepaald jaar, dan zijn de mores om dat met veel kabaal zo hoog mogelijk te publiceren.” Het zorgt voor overtrokken claims. Stamcelbioloog Hans Clevers, oud-president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, zegt: „Je weet 10 procent, en 90 procent schrijf je erbij.”

De slechte herhaalbaarheid komt doordat veel tijdschriften maar beperkte ruimte geven om proefopzet, en gebruikte materialen, gedetailleerd uit te leggen. Volgens hoogleraar sociologie Frank van Tubergen speelt ook mee dat tijdschriftredacteuren en reviewers (wetenschappers die artikelen van vakgenoten beoordelen) de voorkeur geven aan nieuwe hypotheses boven herhaalde experimenten. Dat trekt meer aandacht. Verder is de wetenschap enorm gegroeid. Jaarlijks verschijnen er enkele miljoenen artikelen; er zijn wereldwijd naar schatting 15 miljoen wetenschappers. Het heeft geleid tot een verveelvoudiging aan observaties, hypothesen, tests.

Velen denken nu na over oplossingen. Meer ruimte in tijdschriften voor herhaalstudies, beter opslag van data, gebruik van nieuwe statistische methoden.