Tegen de vlakte voor bruinkool

Foto’s Chris Keulen

Twee weken geleden ging de sloopkogel door de muur van de Martinus-kerk in het dorp Borschemich, vlak over de grens bij Roermond. Voormalige bewoners huilden, de pastoor had het moeilijk, zo meldt de lokale pers. Het is een inmiddels gebruikelijk tafereel in de streek rond de bruinkoolmijn Garzweiler II van de Duitse energiegigant RWE in Noordrijn-Westfalen. De dagbouwmijn die uiteindelijk 48 vierkante kilometer aarde zal afgraven, blijft uitbreiden. En de consequentie is dat twaalf dorpjes behorend bij de gemeente Erkelenz met in totaal 37.000 inwoners tot 2030 van de aardbodem zullen verdwijnen. Borschemich komt in 2017 aan de beurt.

De planning van bruinkoolmijnen beslaat tientallen jaren. Zo zijn de bewoners van Borschemich allang geherhuisvest, elders in de streek. Over het algemeen geldt de vergoeding die de mijn aan de oorspronkelijke bewoners biedt voor het verlies van have en goed als tamelijk riant. Toch groeit de weerstand tegen de dagbouwmijn. Niet alleen in Noordrijn-Westfalen maar bijvoorbeeld ook in de Lausitz, een bruinkoolrijke streek helemaal in het uiterste oosten van Duitsland tegen Polen aan.

Omdat bij opwekking van energie uit bruinkool veel broeikasgassen vrijkomen en Duitsland in de zogeheten Energiewende wil omschakelen naar een duurzame energievoorziening, hebben de overheden in Noordrijn-Westfalen besloten de toekomstige omvang van de bruinkoolmijn te beperken.

Actievoerders bezetten ondertussen het Hambacher Forst, een eeuwenoud bos dat vanwege Garzweiler II moet verdwijnen. Vorige maand kwam het daar tot ongeregeldheden met de politie.