Help, mijn vinger is ineens korter!

Zet een hol dopje op je vinger. En kijk er naar, van bovenaf. Wat voel je dan?

Ken je die truc waarbij een goochelaar eerst één balletje tussen haar vingers heeft en dan ineens, nadat ze een snelle beweging met haar pols heeft gemaakt, zijn het twéé balletjes? Waar komt dat extra balletje vandaan? Hier kunnen we dat wel verklappen: er is geen extra balletje. De goochelaar heeft dat ene balletje razendsnel gespleten in twee hálve balletjes. En die laat ze dan vanuit zo’n hoek zien dat het twee hele balletjes lijken. Je ogen bedriegen je: het is een illusie.

Nu hebben psychologen uit België zo’n half balletje genomen om mensen op een andere manier mee te plagen. Die halve balletjes zijn hol en je kunt ze als een dopje op je vingers zetten. De psychologen vroegen steeds iemand om van één hand de middelvinger omhoog te steken. Ze vroegen dat aan volwassen mensen, dus die hoefden daar niet eens heel hard om te lachen.

Die mensen moesten zo’n half balletje op hun middelvinger zetten en van bovenaf naar hun vinger kijken. Zo leek het of ze naar een heel balletje keken. Maar stel je eens voor: als daar echt een héél balletje op de top van hun middelvinger zou balanceren – want zo zag het er van bovenaf uit – dan moesten ze wel een heel kort middelvingertje hebben! En het gekke is: zo voelde het ook, voor de mensen die meededen aan het experiment. Ze wisten best dat er geen heel balletje op hun middelvinger stond, dat het een hol half balletje was, een dopje. Maar hun ogen bedrogen hen zo sterk dat ze echt dachten en vooral voelden dat hun vinger korter was geworden. Ze moesten er wel om lachen: dat je ogen je zó voor de gek kunnen houden dat je niet meer precies voelt waar je eigen vinger, je eigen lichaam dus, begint en eindigt.