opnieuw

Fotograaf Ad Nuis en auteur Arthur van den Boogaard maken eens in de twee weken een foto ‘opnieuw’ en belichten de tijd ertussen.

Howard Krol (60), alias dichter Arthur Lava, werd voorjaar 1985 gefotografeerd op het plein voor het RAI-gebouw in Amsterdam.

„Het was voor het literaire tijdschrift De Held. Ze wilden een interview vanwege de tentoonstelling ‘Onder de lichtstad’. Hiervoor had ik samen met andere kunstenaars een clandestiene tocht door de catacomben van Parijs gemaakt. We waren letterlijk ‘underground’. Tegendraadsheid zat in mij. Geen idee hoe dat kwam, eigen initiatief denk ik. Mijn ouders lieten me als enig kind best vrij. Hoewel het plan lid te worden van de Rote Armee Fraktion op verzet stuitte. Dat kon ik mijn moeder niet aan doen, zei mijn vader. En daar had hij wel een punt. Op de middelbare school was ik politiek actief en las veel, vooral anarchisten.

„Als beginnend sociologiestudent zag ik een jongen met twee prachtige vrouwen aan zijn zijde. Ik vroeg wat hij deed. Dichten. Oké, dat wilde ik dus ook. In de bibliotheek ging ik lezen: begon bij Aafjes, twee weken later was ik bij Zuiderent. In ’t midden zat Lucebert: dát was interessant. Via de krakersscene leerde ik dichters kennen: F. Starik, Koos Dalstra, Adriaan Bontebal. We richtten dichtersgroep H. J. van de Bijl op, voorloper van De Maximalen, en toerden door Nederland. Ik wilde een literair randfiguur worden. Dat lukte vrij snel, dus wat toen? Ik werd reclamemaker, maar in 1999 zei een vriend: Howard, je moet weer aan de poëzie. Het gevolg was nieuwe gedichten en optredens, ook voor bedrijven: inspirerend, want geen typisch poëziepubliek. Die mix is gebleven: ik draag voor op Ruigoord of bij Rijkswaterstaat. Sinds 2011 organiseer ik poëzie-evenement North Sea Poetry. De pijlers zijn nog dezelfde: tegendraadsheid als scheppende kracht én humor. Je moet wel om jezelf kunnen blijven lachen.”